„Koers PKN is te orthodox en te evangelisch”

De koers van de Protestantse Kerk in Nederland is te orthodox en te evangelisch. „Volgens mij wedt de PKN op het verkeerde paard wanneer ze haar oren laat hangen naar de orthodoxie en de evangelische beweging. Er is geen aandacht voor de moderne vragen van mensen.”

Die kritiek uitte ds. J. G. Offringa, voorzitter van de predikantenbeweging Op Goed Gerucht, aan het adres van de leiding van de PKN. Hij deed dat zaterdagmiddag als een van de deelnemers aan een symposium in de Rode Hoed in Amsterdam ter gelegenheid van het verschijnen van een boek van Trouwjournalist Emiel Hakkenes. Die liep een jaar mee met de scheidende scriba van de Protestantse Kerk, dr. B. Plaisier, en schreef daarover het boek ”Achter de schermen van de PKN”.

Volgens ds. Offringa doet de PKN de laatste jaren wel van alles aan de verpakking van de boodschap. „Maar daar gaat het mij nu juist niet om. De boodschap zelf, die moet anders, opener. De kerk moet aandacht hebben voor de moderne kerkverlater en ermee in gesprek gaan. Laat de kerk een denktank in het leven roepen over de secularisatie.”

Dr. B. Plaisier poneerde de tegenwerping dat de PKN op dit moment misschien wel opener en missionairder is ingesteld dan ooit in de geschiedenis van de Hervormde en Gereformeerde Kerk. „Heel lang heeft juist de middenorthodoxie de kerken gedomineerd. Grote andere groepen in de kerk kwamen niet aan de bak. Dat is veranderd. Er is meer openheid naar de evangelische beweging. Maar ook naar de Rooms-Katholieke Kerk, naar migrantenkerken en de andere reformatorische kerken. We hebben te lang te weinig oog gehad voor belangrijke zaken bij anderen. Onlangs heb ik in Rotterdam-Delfshaven een belijdenisdienst bijgewoond waar 25 mensen geloofsbelijdenis deden en waar ook mensen werden gedoopt. Toen dacht ik: dat hebben we in tijden niet meer meegemaakt in het centrum van een grote stad. Ik denk dat de PKN op sommige plaatsen juist weer meer aantrekkingskracht heeft gekregen.”

Tijdens het debat, dat geleid werd door EO-presentator Tijs van den Brink, kwam ook de opvolging van scheidend scriba dr. B. Plaisier ter sprake. „Waarom kiest de kerk nu weer voor een bonder?” zo vroeg een van de aanwezigen, die doelde op de voordracht van dr. A. J. Plaisier uit Amersfoort voor de functie van scriba in de PKN. De scheidende scriba weigerde in te gaan op vragen over zijn opvolging. Ook over de open brief van een aantal theologen die ervoor pleiten om dr. H. Veldhuis uit Culemborg aan de synode voor te dragen als tweede kandidaat, wilde hij niets zeggen. „Daar spreekt de synode donderdag achter gesloten deuren over. Wel wil ik benadrukken dat het bij dit soort procedures ook gaat om kwaliteit. Wie is er goed gekwalificeerd? Dat lijkt een smoesje, maar dat is het zeker niet. En daarbij: Arjan Plaisier is geen bonder. Dat is in de media gesuggereerd, maar het is onzin.”

Godsdienstsocioloog Hijme Stoffels, ook een van de sprekers in de Rode Hoed, zei dat de luthersen en de moderne gereformeerden er in de PKN niet meer lijken te zijn. „Misschien zijn ze wel verdwenen.” Ds. Offringa zei dat ze er nog wel zijn, maar dat ze zo’n vervreemding ervaren over de koers die de landelijke PKN momenteel vaart dat ze zich van de landelijke kerk afkeren. „Ze zoeken het in de plaatselijke gemeente.”

De tweede helft van het debat ging voornamelijk over de oecumene tussen protestanten en rooms-katholieken. Eduard Kimman, secretaris van de Nederlandse bisschoppenconferentie, bood zaterdag zijn excuses aan voor zijn uitspraak in het boek van Hakkenes dat de protestanten een actiegroep vormen die vergeten is zichzelf op te heffen. „Ik zeg nu: Die uitspraak was fors. Misschien te fors. Dat is niet goed. Het ging mij er meer om dat wij toegeven dat wij niet zonder de protestanten kunnen. Dat zie je bijvoorbeeld aan de belangstelling die een beweging als Taizé heeft voor het kloosterleven in de katholieke kerk. Maar ik wil dat andersom ook zo graag eens horen. Dat de protestanten ook niet zonder de catholica kunnen. We staan samen ergens voor in deze verwilderde samenleving, daar ben ik van harte van overtuigd.”

Op de suggestie van een van de aanwezigen dat alle protestanten wereldwijd terug moeten naar Rome en zich weer bij die kerk moeten aansluiten, zei Kimman dat „we inderdaad de schade van het schisma zullen moeten opheffen. En dan zeg ik: Wij zullen ook moeten veranderen. Want Petrus en Paulus zijn niet alleen van ons, maar dat zijn ook uw apostelen.”

Dr. Plaisier noemde praten over een terugkeer van alle protestanten naar Rome een theoretische discussie. „Want zo werkt het natuurlijk niet, dat gaat nooit gebeuren. Mijn grote verdriet is echter dat de Rooms-Katholieke Kerk steeds verder van de oecumenische beweging komt af te staan. Is er wel werkelijk de intentie om elkaar te ontmoeten en te spreken over de diepste vragen van het geloof?”

Een aanwezige vrouw maakte de slotopmerking in het debat. „Als we het hebben over eenheid tussen kerken, vergeten we dan eigenlijk niet om daarvoor te bidden?”