Scherper beeld van raadselachtige keizer Diocletianus

Marmeren beeld van keizer Diocletianus uit de zeventiende eeuw, Florence. beeld Wikipedia
2

Keizer Diocletianus is de geschiedenis ingegaan als een bekwaam bestuurder, maar heeft altijd een slechte reputatie behouden vanwege de christenvervolgingen die onder zijn bewind in alle delen van het Romeinse Rijk plaatsvonden.

De auteurs van ”Diocletianus. Tussen eenheid en versnippering”, allen verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen, hebben geprobeerd het beeld van de raadselachtige keizer scherper te krijgen. Het volbrengen van deze absoluut niet gemakkelijke taak mag als geslaagd worden beschouwd.

Toen Diocletianus in 284 aan de macht kwam, kreeg hij de leiding over een rijk dat op militair en economisch gebied in een crisis verkeerde. Een belangrijke stap richting stabiliteit nam hij door het benoemen van een collega-keizer, Maximianus, in 285, een maatregel die in het verleden ook door andere keizers genomen was. In 293 institueerde Diocletianus de zogenaamde tetrarchie, een baanbrekend systeem waarin het rijk geregeerd werd door vier keizers. Het oostelijke deel had een ”Augustus” en een ”Caesar” (Diocletianus en Galerius) en het westelijke deel eveneens (Maximianus en Constantius).

Hoewel dit systeem van vier regerende machthebbers na Diocletianus’ dood niet werd voortgezet, heeft het toch gezorgd voor ingrijpende veranderingen in het rijksbestuur. Zoals de subtitel van het boek zo treffend weergeeft, was er aan de ene kant sprake van eenheid: de vier keizers hanteerden onder leiding van Diocletianus duidelijke en eenvormige afspraken ten aanzien van wetgeving en economische maatregelen. Anderzijds werkte het systeem juist ook versnippering in de hand: iedere keizer legde zijn eigen accenten, afhankelijk van de plaatselijke omstandigheden. De resterende twee eeuwen van het Romeinse Rijk laten zien dat beide kanten van de medaille het voortbestaan van het rijk in gunstige zin hebben beïnvloed.

In de negen opstellen die de bundel bevat, komen diverse aspecten van Diocletianus’ bewind aan de orde. Het eerste hoofddeel beschrijft het systeem van de tetrarchie, het herindelen van de provincies, de herziening van het Romeinse rechtssysteem en het verloop van de grote vervolging. Renske Janssen, verantwoordelijk voor het laatstgenoemde onderwerp, schetst op overzichtelijke wijze hoe het kon komen tot de –op sommige plaatsen– grootschalige vervolgingen van christenen. Ondanks de kritische kanttekeningen die zij bij de beschikbare bronnen van Lactantius en Eusebius zet, krijgt de lezer een realistisch beeld van de toenmalige ontwikkelingen.

Echt interessant wordt het in het tweede hoofddeel. Na een analyse van de propaganda door middel van beelden en munten, die ten doel had alle inwoners van het Romeinse Rijk te laten beseffen dat de tetrarchie vooral eenheid beoogde, volgt een opstel waarin een intrigerend onderzoek wordt beschreven aan de hand van niet minder dan 4844 munten. Erika Manders levert met dit onderzoek een niet eerder vertoond verklaringsmodel voor de grote vervolging. Na bestudering van de keerzijden van de munten concludeert zij dat het streven naar eenheid en structuur in het rijk geleid heeft tot het reduceren van het aantal boodschappen op munten. Blijkbaar wilde Diocletianus het aantal religies binnen zijn rijk verminderen om op die manier religieuze eenheid te bewerkstelligen. Het christendom was in dit kader het belangrijkste slachtoffer, aangezien dat met zijn claim van exclusiviteit (God is de enige werkelijke god) de veiligheid van het rijk bedreigde.

Zeer lezenswaardig is ook het hoofdstuk over Diocletianus’ activiteiten als bouwheer, waarbij de nadruk valt op de thermen in Rome (met afbeeldingen!), maar waarin ook aandacht is voor het paleis in Trier en het verblijf van Diocletianus in Split.

Het derde hoofddeel behandelt contemporaine lofdichten op Diocletianus’ regering en Lactantius’ visie op Diocetianus’ leven en sterven. Lactantius heeft jarenlang gewerkt aan het keizerlijke hof. In zijn ”De dood van de vervolgers” lijkt hij zijn voormalige vorst te willen sparen. Vincent Hunink schrijft: „Voelde de auteur wellicht dan toch iets van christelijk mededogen en erbarmen?”

Boekgegevens

Diocletianus. Tussen eenheid en versnippering, Olivier Hekster & Corjo Jansen (red.); uitg. Vantilt; 222 blz.; € 19,95