Religieuze kunst in honderd beelden

Wie muurschilderingen uit Dura Europos wil zien, moet naar het Amerikaanse New Haven.  beeld Yale University
2

Wie restanten van de oudst bekende christelijke kerk wil zien, moet afreizen naar het Syrische Dura Europos. Daar staat de ruïne van een huiskerk uit het jaar 231. In 1930 groeven archeologen de resten op. Voor de daar gevonden muurschildering moet je nu in het Amerikaanse New Haven zijn, waar de fresco’s worden bewaard. Wie een goede indruk van de betreffende huiskerk wil krijgen, kan terecht in Museumpark Orientalis bij Nijmegen, waar de kerk is nagebouwd. Wie helemaal niet wil reizen en toch iets wil weten over de huiskerk in Dura Europos, die koopt gewoon het boekje ”Religieuze kunst en cultuur in 100 beelden”. Het verscheen bij KokBoekencentrum in Utrecht. Althans een vertaling ervan. Het oorspronkelijke werkje, van Heather Thornton MacRae, verscheen in 2015 in Londen.

De titel houdt geen geheimen achter; honderd kunstwerken met een christelijke achtergrond zijn bij elkaar gebracht. Het gaat om kerkgebouwen, kloosters, mozaïeken, sculpturen en schilderijen, graven, gedenkplaten, heilige woorden. En allerhande religieuze voorwerpen, zoals een pelgrimsinsigne, kunstig gesneden ivoor, een wierookvat en een getijdenboek.

Naast oude werken is modernistische kunst opgenomen. Maar het zijn stuk voor stuk ‘iconen’ van christelijke origine. Verder is er weinig verband te ontdekken. Waarom de keus voor de ”Madonna” van Giotto di Bondone of ”De Barmhartige Samaritaan” van Vincent van Gogh? Dat wordt niet uitgelegd.

Naast elke paginavullende plaat van een kunstwerk staan wat gegevens en een toelichting. Verder is een kadertje opgenomen met een fotootje van een ‘belendend’ onderwerp. Ten slotte een citaat.

Een voorbeeld is de ”Dodendans”, een allegorische voorstelling uit de vijftiende eeuw van Vincent de Kastav, die in een Kroatische kerk is te vinden. Naast de toelichting staat een kleine afbeelding van een prent van Hans Holbein (”De Dans”). „De Duitse kunstenaar Hans Holbein de Jongere ontwierp een set van eenenveertig houtsneden van de Dodendans voor een boek met religieuze satire in 1526. Het werd zo populair dat er voor 1562 al elf edities en tegen het einde van de eeuw bijna honderd imitaties waren.” Daaronder een citaat, in dit geval uit een Duitse dodendanstekst (ca. 1460): „De scepter en de kroon zijn hier van geen waarde / Ik heb je bij de hand genomen / Want jij moet meedoen aan mijn dans.”

Het blijft dus allemaal beperkt. De aanbeveling van de uitgever dat „geloof en kunst hand in hand gaan en laten zien hoe wonderlijk God en mens verbonden zijn” is een wat al te algemene uitsmijter.

Boekgegevens

Religieuze kunst en cultuur in 100 beelden, Heather Thornton McRae; uitg. KokBoekencentrum; 224 blz.; € 16,99.