Christenhomo kent ondanks moeiten „een rijk leven”

„Er waren geen gemakkelijke oplossingen, geen lapmiddelen, maar oceanen vol verwarring en strijd die ik zou moeten bevaren.” beeld RD, Henk Visscher
2

Hij wil de Heere Jezus volgen en worstelt tegelijkertijd dagelijks met homoseksuele verlangens. In ”Hoopvol leven. Gedachten over christelijke trouw en homoseksualiteit” beschrijft Wesley Hill hoe hij „het nee van het evangelie tegen homoseks” leerde omhelzen.

Hill groeit op in een conservatief christelijk gezin in de Verenigde Staten. Als kind al beseft hij dat hij zich aangetrokken voelt tot mannen. Tijdens zijn studie aan een christelijke universiteit, Wheaton College, neemt hij hierover voor het eerst iemand in vertrouwen. Na het gesprek met een hoogleraar filosofie, die belooft regelmatig voor hem te zullen bidden, ervaart Hill opluchting. Tegelijkertijd beseft hij: „Er waren geen gemakkelijke oplossingen, geen lapmiddelen, maar oceanen vol verwarring en strijd die ik zou moeten bevaren.”

Net als Paulus bidt Hill „vurig, wanhopig en onder tranen” meermalen dat God de doorn in zijn vlees zou wegnemen, maar zijn homoseksuele verlangens verdwijnen niet. De theoloog, lid van de redactie van Christianity Today, confronteert zich met opvattingen van christenen die „het traditionele nee van de kerk tegen homoseks” niet overtuigend vinden, met vragen als: hoe zou het Evangelie zich kunnen verzetten tegen liefde?

De auteur heeft „sympathie” voor de gedachte dat een christenhomo een monogame homoseksuele relatie zou kunnen aangaan. Uitvoerige bestudering van tal van Bijbelgedeelten brengt hem echter tot de conclusie dat dit niet de richting is die God wijst. „Jezus navolgen; mijn gedachten, overtuigingen, verlangens en hoop in overeenstemming brengen met de zijne; in zijn leven delen; het nee van het evangelie tegen homoseks omhelzen – ik ga er niet minder, maar méér ten volle van leven. (...) Homoseks opgeven is hetzelfde als ja zeggen tegen een vol, rijk, overvloedig leven.”

Eenzaamheid

Dat Hill tot deze overtuiging komt, betekent niet dat hij geen moeite en strijd meer kent. Integendeel. Indringend beschrijft hij tal van momenten waarop hij diepe eenzaamheid ervaart. Zo heeft hij na afloop van twee paasfeesten en een Bijbelstudie, op weg naar huis, een gevoel van „wanhoop en totale, uitzichtloze eenzaamheid.” „Op de snelweg koerste ik richting de stad en bad ik hardop in mijn auto: „God, help mij. Alstublieft.””

Overigens beseft Hill dat de strijd om de weg van de Heere te gaan en de moeiten die dat kan meebrengen, niet exclusief voor christelijke homo’s geldt. „Veel gelovigen van allerlei soort en achtergrond worstelen met verschillende soorten verlangens die ze moeten negeren om trouw te blijven aan de eis van het evangelie.”

”Hoopvol leven” is een persoonlijk, openhartig en eerlijk boek. Wie het verhaal van Hill op zich laat inwerken, beseft dat hij de strijd en eenzaamheid van homoseksuele christenen die bewust celibatair leven gemakkelijk onderschat. In dit boek ligt ook een appel opgesloten aan de christelijke gemeente. Staat de kerk open voor mensen die zoals Hill willen leven volgens het Evangelie en tegelijkertijd hunkeren naar vriendschappen?

Etentje van de kerk

Voor christenhomo’s die zich toewijden aan de kerk, verdwijnt de eenzaamheid niet, schrijft Hill, maar verandert het strijdperk. „In plaats van alleen te vechten tegen eenzaamheid (...) in een slaapkamer van een appartement in de paasnacht, hangen we aan de telefoon met een medechristen. In plaats van te staren naar een tv-scherm laat in de avond, zijn we bij een etentje van de kerk, en helpen we onze getrouwde vrienden om op hun kinderen te letten.”

Intussen kijkt Hill ook vooruit en houdt hij zijn hoop gericht op „Gods heerlijke toekomst”, waarin de eenzaamheid en strijd voorgoed voorbij zullen zijn.

Hoopvol leven. Gedachten over christelijke trouw en homoseksualiteit, Wesley Hill; uitg. Van Wijnen; 176 blz; € 19,95.