Schouten zet in op kringlooplandbouw

Minister Schouten van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit presenteerde zaterdag in een moderne biologische-dynamische koeienstal in Delfgauw haar visie op de toekomst van de landbouw. beeld ANP, Alexander Schippers

Als het aan minister Carola Schouten van Landbouw ligt, is Nederland in 2030 koploper in ”kringlooplandbouw”. Boer en tuinder zullen de komende jaren de omslag maken. De consument moet bereid zijn meer voor zijn eten te betalen.

Dat blijkt uit Schoutens visie op de toekomst van de land- en tuinbouw (en de visserij), die ze zaterdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Tot nu toe streven de meeste boeren naar een zo hoog mogelijke productie tegen een zo laag mogelijke kostprijs. Maar daardoor dreigt de bodem uitgeput te raken en neemt de biodiversiteit af. Bovendien moet de landbouw zijn steentje bijdragen aan het terugdringen van het klimaatprobleem.

Bij de kringlooplandbouw die Schouten voor ogen heeft, komt zo min mogelijk afval vrij, is de uitstoot van schadelijke stoffen zo klein mogelijk en worden grondstoffen en eindproducten met zo min mogelijk verliezen benut. Daarbij wil het kabinet graag dat de sector zijn toonaangevende internationale positie behoudt.

2013-10-04-ECON1-stal_veehouderij_Kroes-3-FC_webVeluwse kalverhouder voert zijn dieren eendenkroos en algen

„Kringlooplandbouw doet recht aan de natuur en levert ook een goede boterham op”, stelt de minister, die voor haar visie gesprekken heeft gevoerd met agrarische ondernemers en maatschappelijke organisaties. De omslag in de sector heeft alleen kans van slagen als boeren een ”eerlijke” prijs voor hun producten krijgen, vindt Schouten. Uiterlijk in het voorjaar van 2019 wil ze daarover afspraken maken met de banken, de voedingsindustrie en supermarkten.

Boerenorganisatie LTO en natuur- en milieuorganisaties reageren overwegend positief op de visie. Greenpeace mist doelen voor inkrimping van de veestapel. „Als je uitgaat van een kringloop, dan hoef je niet te discussiëren over de hoeveelheid vee”, zegt Schouten daarover in een interview met dagblad Trouw.