Het fiasco van de brexit

beeld AFP, Oli Scarff

Venezuela, Italië, het Verenigd Koninkrijk. Wat hebben die drie landen gemeenschappelijk? Ze voeren alle drie een economisch experiment uit. De les voor ons: laten we ze daarin niet volgen.

Eind juni 2016 stemden de Britten over de vraag of hun land lid van de Europese Unie moest blijven of niet. Een krappe meerderheid koos voor het laatste, voor een brexit. Velen in Nederland waren jaloers. In juli van dat jaar gaf bijna de helft van de Nederlanders aan ook de polder los te willen weken van die vermaledijde EU.

Sindsdien waren we getuige van iets unieks: een economisch experiment. Economen kunnen geen experimenten uitvoeren, wat dé reden is dat ze twee haaks op elkaar staande, maar even plausibele verhalen kunnen houden over zo’n beetje elk denkbaar onderwerp. Soms worden zij echter verwend, als een experiment zich uit zichzelf voordoet. Brexit is een voorbeeld. In Nederland kunnen we kijken hoe het het VK vergaat. Wat we zien is vooral onzekerheid.

Onzeker is of er na het uittreden allerlei spullen nog te koop zijn in de Britse supermarkten. Onzeker is of het bedrijf waarbij een Brit zijn inkomen verdient, over een jaar nog bestaat. Onzeker is of, als het bedrijf blijft, er evenveel werk zal zijn als nu. De Britse centrale bank waarschuwde onlangs dat de werkloosheid in het VK bijna kan verdubbelen als de Britten zonder een scheidingsakte de Unie verlaten. Onzekerheid ook over wat de Brit met zijn pond zal kunnen kopen als hij op vakantie gaat. Het pond kan tot wel een kwart van zijn waarde verliezen. Ofwel: voor de Britten kan alles 25 procent duurder worden zodra ze hun eilanden verlaten.

Onzekerheid is er verder over hoeveel zij met hun pond in eigen land kunnen kopen. De prijzen kunnen straks tot wel 10 procent hoger liggen. Met een dubbel zo hoge werkloosheid zullen de lonen nauwelijks stijgen –heeft te maken met vraag en aanbod– terwijl de prijzen dus wel stijgen; en hoe. Armoede volgt dan.

Zeker omdat ook een derde van de waarde van de Britse huizen kan verdampen. O ja, heb ik al gezegd dat de rente op de leningen die zijn aangegaan om die huizen te kopen, omhoog zal spuiten?

Lekker, die teruggewonnen, vooral papieren soevereiniteit tegen zo’n prijs. Wie zijn baan behoudt, ziet zijn loon niet stijgen en de prijzen wel. En zijn grootste maandelijkse rekening, hypotheekaflossing en rente, wordt flink hoger terwijl het onderpand een derde van zijn waarde verliest.

De Nederlander zag dat allemaal gebeuren. En het deed iets met hem. Op de vraag of hij bij een referendum over het Nederlandse EU-lidmaatschap voor uittreding zou stemmen, zegt inmiddels slechts een derde dat te doen. Velen die twee jaar geleden uittreden aanvinkten, weten nu wel beter.

Laten we aannemen dat de centrale bank te somber is en dat de schade de helft zal zijn. Dan nog zegt, nee, schreeuwt het gezond verstand dat we geen onderdeel van een economisch experiment zoals een nexit moeten willen zijn.

Laat het rijtje met landen die bezig zijn met economische experimenten, beperkt blijven tot Venezuela (op grote schaal geld drukken, overheid dominant), Italië (economie niet hervormen, boven zijn stand leven) en het VK. Laat Nederland er vooral van leren. Weten wat níet te doen, is ook zeer waardevolle kennis.

De auteur is hoofdeconoom bij OHV Vermogensbeheer.