Adviseur Van Westreenen: Stikstofdrempel biedt boer te weinig zekerheid

Stikstof
Van Westreenen. beeld RD, Anton Dommerholt

Minister Carola Schouten brengt met haar dinsdag gepresenteerde spoedwet stikstof nog steeds geen duidelijkheid voor 3300 boeren die onder het gesneuvelde Programma Aanpak Stikstof (PAS) met een melding konden volstaan.

Dat constateert Steven van Westreenen, eigenaar van het gelijknamige agrarisch adviesbureau in Barneveld. Een melding in plaats van een vergunningaanvraag was voorheen afdoende als bijvoorbeeld de uitbreiding van een stal heel weinig stikstofuitstoot opleverde. Minister Schouten wil opnieuw zo’n drempel invoeren, allereerst om de woningbouw weer vlot te trekken. De Raad van State is echter kritisch. Volgens het adviesorgaan van de regering moet zeker zijn dat de natuur voldoende beschermd wordt tegen stikstofuitstoot door nieuwe projecten, voordat die vrijgesteld kunnen worden van de vergunningsplicht.

Van Westreenen staat positief tegenover de spoedwet, die onder meer voorziet in de mogelijkheid dat de minister via zogeheten ministeriële regelingen snelle besluiten kan nemen. Maar evenals de Raad van State maakt hij zich zorgen over de houdbaarheid van een eventuele drempelwaarde.

„Een drempel zonder goede onderbouwing loopt het risico te sneuvelen bij de rechter, net als in mei met de PAS is gebeurd. Je kunt erop wachten dat de MOB (Mobilisation for the Environment, een van de organisaties die via een procedure bij de Raad van State de PAS onderuit haalden, TR) die aan gaat vechten. Daarom is een goede verankering heel belangrijk”, zegt de adviseur.

Liever vergunning

Van Westreenen ziet alleen bij extreem lage stikstofdeposities (neerslag van stikstof op kwetsbare natuur) ruimte voor een drempel. In zo’n geval zou een melding weer kunnen volstaan. Toch zal hij zijn klanten niet adviseren van die mogelijkheid gebruik te maken. „Vraag liever toch een vergunning aan. Een eenmaal verleende vergunning biedt veel meer rechtszekerheid dan een melding”, zegt hij.

Innovaties

In reactie op de spoedwet zegt Van Reenen dat er wat hem betreft veel meer ruimte moet komen voor innovaties in de veehouderij. „Dat kan via een ministiële regeling. Boeren moeten nieuwe technieken die de uitstoot van stikstof verminderen kunnen toepassen. En die technieken moeten worden afgerekend op metingen, niet op modelberekeningen zoals tot nu toe gebeurt.”

Mogelijkheden die de sector al heeft aangedragen zijn vermindering van eiwit in veevoer, scheiding van mest en urine –zodat minder ammoniak wordt gevormd– en toevoegen van water bij het uitrijden van mest. „Er moet geld komen om dat te stimuleren. Met zulke innovaties kan de stikstofuitstoot door de landbouw zeker met 20 tot 30 procent worden verminderd.”

LTO Nederland heeft zich in een eerste reactie kritisch uitgelaten over de spoedwet. De organisatie had liever gezien dat de minister had gewacht op de uitkomst van gesprekken die zij met de sector voert over een plan dat een collectief van landbouworganisaties vorige week heeft gepresenteerd.

Lastig

Van Westreenen is wel positief. „Ik vind deze wet een goede basis. Maar het kabinet moet nu aan de slag met de concretisering. En dat vindt het kennelijk nog steeds lastig. Maar het is nog geen 1 december (de datum waarvoor het kabinet met meer maatregelen wil komen, TR). En de commissie-Remkes moet ook nog komen met adviezen voor vermindering van de stikstofuitstoot door de scheepvaart, de industrie en de luchtvaart. Ik vind dat die ook meegenomen moeten worden.

Maar laat de landbouw erop blijven hameren dat ze zeker wil bijdragen. De sector vindt dat verleende vergunningen niet aangetast moeten worden en dat boeren extern moeten kunnen salderen. Daar ben ik het mee eens. Dat bij salderen een zekere afroming van ammoniakrechten plaatsvindt, daar heb ik minder moeite mee.”