Worstelen hoe als christen om te gaan met moslims

Standplaats Spangen
De hervormde Pelgrimvaderskerk in Rotterdam-Delfshaven. beeld RD
2

De in de provincie Zeeland geboren Maria Polder (29) kwam voor het eerst intensief in aanraking met moslims toen ze ging studeren. Ze sloot zich niet af voor de ontmoeting, hoewel ze soms in verwarring achterbleef. „Ik kies er liever voor om geen antwoord op vragen te hebben dan me in mijn bubbel op te sluiten.”

Gaan alle moslims naar de hel? Polder herinnert zich dat ze als late tiener soms zwetend wakker werd met deze vraag. „Ik raakte bevriend met moslims en dan worden het mensen van vlees en bloed. Gaan zij echt allemaal verloren?”

Volgens de inwoner van Rotterdam hoort het bij het aangaan van contacten met moslims dat je wordt geconfronteerd met moeilijke, essentiële vragen. Sommigen zullen er daarom bij voorbaat voor kiezen om moslims te mijden. Voor Polder is dat echter geen optie.

„Als christen moeten we waken voor de neiging om mensen die niet tot onze eigen groep behoren als minder te beschouwen. Ik stoor me eraan als mensen allerlei oordelen over moslims hebben zonder dat ze er ooit een hebben gesproken. Natuurlijk is het eng als er aan je wereldbeeld wordt geschud. Maar ik kies er liever voor om geen antwoord op vragen te hebben dan me in mijn bubbel op te sluiten.”

Raakvlakken

Polder is lid van de hervormde Pelgrimvaderskerk in Rotterdam-Delfshaven. Een van de predikanten van deze kerk, ds. W. M. van Laar, organiseert elk jaar met enkele vertegenwoordigers van de islamitische gemeenschap een cursus voor christenen en moslims. Meerdere keren schoof Polder aan om zo’n avond mee te maken. Het viel haar op dat er veel raakvlakken zijn tussen christendom en islam en ze ervoer dat aanhangers van beide godsdiensten van elkaar kunnen leren. „Je kunt soms heel ver met elkaar oplopen. Een keer ging het over bidden. Ik kwam erachter dat ook moslims Allah aanspreken met namen als schepper, barmhartige, genadevolle en verhevene. Toen we in een gemengd groepje hierover doorspraken, waren we op een gegeven moment uitgepraat. We waren het eens.”

Veel moslims zijn erg gastvrij, ontdekte Polder. Een moslima die ook de cursus volgde, nodigde Polder eens uit bij haar thuis. „Ik mocht een vriendin meenemen. Toen we daar kwamen, stond de tafel vol eten. Ze bleek de hele dag voor ons te hebben gekookt. We voelden ons zó welkom. Toen we onderweg naar huis waren sms’te ze: „Gods zegen.” Ik heb haar maar hetzelfde gewenst. Dat voelde wel onwennig.”

Wegen uiteen

Afgelopen zomer was Polder met haar man in Iran op vakantie. Iran wordt in westerse media vaak duister afgeschilderd. Polder wil daar niets aan afdoen, maar er zit volgens haar ook een andere, minder vaak belichte, kant aan het land. „In Iran houdt een eliteclubje geestelijken de bevolking in naam van de islam in zijn greep. Maar de mensen zijn daar zó aardig. Een familie nodigde ons spontaan uit om met hen mee te eten en toonde zich heel geïnteresseerd in ons. Het was dat we die nacht al een hotel hadden gereserveerd. Anders hadden we daar beslist kunnen slapen. Van die grenzeloze gastvrijheid van het Iraanse volk kunnen wij als westerse mensen nog wat leren.”

Intensief optrekken met moslims en bevriend worden met hen hoeft volgens Polder –die voor haar werk veel met moslims te maken heeft– niet te betekenen dat je water bij de wijn doet en inlevert op je eigen gedachtegoed.

Ze ervoer meer dan eens dat de wegen uiteengaan als het over Jezus als Gods Zoon gaat. „Een collega van mij, een liberale moslima, zegt dan: „Doe niet zo moeilijk. We geloven in dezelfde God.” Je snapt het niet, denk ik dan. Jezus Christus Die voor mij gestorven is, daar draait álles om. Door de cursusavonden in mijn kerk ben ik dat steeds helderder gaan zien en waarderen.”

Niet opdringen

De kunst is volgens Polder om je eigen gelijk niet op te dringen. „In gesprekken zijn respect en ruimte voor de ander essentieel. Ik heb het niet zo op bekeringsdrang.”

Polder past voor naïviteit over de islam. De vele aanslagen van de laatste jaren door extremistische moslims hebben volgens haar voldoende duidelijk gemaakt dat deze godsdienst gevaarlijke uitingen kent. Maar iedere moslim hiervoor verantwoordelijk houden kán niet, aldus Polder. „Ik merk dat ik voortdurend aan het balanceren ben. Ik ben kritisch op de religie, maar mild voor het individu.”

Maria Polder heet in het echt anders. Zij wilde alleen anoniem met deze krant spreken in verband met haar functie bij de overheid.

serie Standplaats Spangen

Hoe leven moslims in Rotterdam? RD-journalist Ben Provoost verbleef twee weken in Spangen en ging op onderzoek uit. Vandaag deel 8