Vrees voor Zimbabwaanse toestanden in Zuid-Afrika

Julius Melama van de Economic Freedom Fighters, de drijvende kracht achter de nieuwe Zuid-Afrikaanse wet op landonteigening. beeld AFP, Gianluigi Guercia

De regering van Zuid-Afrika mag binnenkort wellicht land innemen zonder compensatie te betalen. Critici vrezen economische rampspoed.

Dat er in Zuid-Afrika land moet worden herverdeeld, dat snappen ook veel blanke Zuid-Afrikaanse boeren. Een groot deel van de vorige eeuw, van 1913 tot 1994, gold in Zuid-Afrika een wet die bepaalde dat 87 procent van het land toeviel aan blanken. Slechts 13 procent bleef over voor de zwarte meerderheid.

Na het einde van de apartheid probeerde de nieuwe regering die ongelijkheid via de geleidelijke weg te verkleinen. Zwarte Zuid-Afrikanen konden stukken land claimen als ze konden bewijzen dat het vroeger in bezit van hun familie was. De overheid vroeg de huidige bezitter van de grond vervolgens die te verkopen. Ertoe dwingen kon ze niet.

Een kleine 25 jaar later was op die manier nog altijd slechts 10 procent van de grond herverdeeld. Daarom nam het parlement in 2016 een wet aan die het tempo van het proces moest versnellen: voortaan mochten boeren in sommige gevallen ook gedwongen worden om hun land te verkopen.

Het was nog maar de opmaat tot een nog strengere regeling. Die kwam vorige week toen het Zuid-Afrikaanse parlement met grote meerderheid van stemmen een motie aannam die mogelijk moet maken dat grond voortaan ook zonder compensatie kan worden onteigend. Een commissie gaat onderzoeken of de grondwet op dit punt gewijzigd moet worden.

Het is een plan uit de koker van de linksradicale partij Economic Freedom Fighters (EFF), dat kon rekenen op steun van regeringspartij ANC. Die aanvaarde het idee na heftige interne discussie tijdens een nationale partijvergadering in december.

Het hoeft niet te verbazen dat met name de blanke boeren van Zuid-Afrika de gang van zaken met argusogen aanzien. „Dit vernietigt de economie en leidt tot grootschalige armoede en werkloosheid ten nadele van ons allemaal”, waarschuwt directeur Kallie Kriel van de Afrikaner belangenorganisatie AfriForum. „Zimbabwe biedt ons allemaal een duidelijk voorbeeld van wat er met een land gebeurt als het eigendomsrecht miskend wordt.” In Zimbabwe kwam de economie na grootschalige onteigeningen sinds 2000 in een vrije val.

De Zuid-Afrikaanse president Cyril Ramaphosa probeerde daags na aanname van de motie de gemoederen te bedaren door te benadrukken dat landhervormingen „zorgvuldig” uitgevoerd zullen worden. „Er is voor niemand reden tot paniek”, zei hij. Dat was in lijn met zijn eerdere uitlatingen dat de maatregelen enkel „zo nodig” ingezet zouden worden en de voedselvoorziening niet mogen schaden. Hij riep boeren dus op gewoon te blijven investeren.

Aan Kriel zijn die sussende woorden echter niet besteed. „Het is onmogelijk om het eigendomsrecht te schenden zonder de economie te benadelen”, stelt hij. „Dat is net zoiets als tegen iemand te zeggen dat je zijn hart gaat verwijderen zonder dat je zijn gezondheid schaadt. Dat is onmogelijk.”

In die stellingname vindt hij de vooraanstaande Zuid-Afrikaanse landbouweconoom Wandile Sihlobo aan zijn zijde. „Er bestaat niet zoiets als onteigening zonder compensatie”, waarschuwde hij deze week op Twitter. „Iemand, ergens, betaalt de prijs voor landonteigening zonder compensatie. Meestal is dat het hele land.”

Sihlobo plaatste in een artikel voor nieuwssite Business Live een hele reeks vragen bij landonteigening zonder compensatie. Realiseert de regering zich bijvoorbeeld dat 90 procent van de waarde van een boerderij niet in het land, maar in de investeringen van de boer zit? Gaat de regering die wel vergoeden? En wat te doen als er op het land een zware schuld rust? Krijgt de bank dan ook niets? Realiseert de regering zich bovendien dat onteigening tot jarenlange juridische procedures gaat leiden? In Zimbabwe kunnen ze erover meepraten.

De nieuwe wet ondergraaft volgens Sihlobo bovendien de grondstructuur van de markteconomie. „De geschiedenis van landonteigening onder de apartheid heeft een open wond gelaten in de maatschappij, die absoluut geheeld moet worden”, stelt hij. „Maar het principe van compensatie is in de huidige economie een belangrijk referentiepunt.” Wie dat laat vieren, speelt volgens hem met vuur.

AfriForum-voorman Kriel voelt de wet als verraad. Hij wijst erop dat in 1994, bij het einde van de apartheid, is afgesproken dat de Afrikaners afstand doen van hun politieke macht, in ruil voor bescherming van hun taal, cultuur en het eigendomsrecht. Hij hoopt nu op sancties vanuit het buitenland. „Omdat Zuid-Afrika buitenlandse investeringen en hulp broodnodig heeft, zal dat ontzettend kunnen helpen.”