Ruzie over nieuwe brexitwet verdeelt Britse politiek

Een conflict over een nieuwe brexitwet zorgt voor onrust in het Britse parlement. De grootste oppositiepartij Labour klaagt dat de regering internationale afspraken overtreedt en daarmee de reputatie van het land te grabbel gooit. Ook binnen de regerende conservatieve partij van premier Boris Johnson klinken dergelijke geluiden.

Het Verenigd Koninkrijk verliet de EU in januari, maar houdt zich nog tot het einde van het jaar aan EU-regels. Dat moet Brussel en Londen de tijd geven om te onderhandelen over de toekomstige handelsrelatie. Dat overleg verloopt echter stroef en komt nu verder onder druk te staan door het nieuwe wetsvoorstel dat is ingediend door de regering van premier Johnson.

De regering zegt dat de nieuwe Internal Market Bill (Interne Markt Wet) nodig is om problemen voor bedrijven te voorkomen. Belangrijke zaken die nu in Brussel worden geregeld, zijn straks de verantwoordelijkheid van regionale overheden in bijvoorbeeld Schotland en Wales. Londen zit niet te wachten op een scenario waarin zij los van elkaar regels gaan maken die de binnenlandse handel verstoren.

Critici vinden dat de Britse regering de wet aangrijpt om afspraken te ondermijnen die het met de EU maakte over de brexit. Britse ministers krijgen de bevoegdheid om eenzijdig beslissingen te nemen over zaken die verband houden met de handel met Noord-Ierland, ook als die strijdig zijn met het terugtrekkingsverdrag dat de brexit regelde.

De status van Noord-Ierland gold als een hoofdpijndossier tijdens de brexitonderhandelingen. Het Britse overzeese gebied grenst aan EU-lidstaat Ierland en beide partijen willen die landgrens graag helemaal open houden. Daarom spraken Londen en Brussel af dat in Noord-Ierland sommige Europese regels van kracht blijven. Dan hoeven goederen ook niet gecontroleerd te worden aan de grens.

Dat heeft tot gevolg dat wel extra controles nodig kunnen zijn als goederen van de rest van het Verenigd Koninkrijk naar Noord-Ierland worden gebracht. Noord-Ierse bedrijven kunnen te maken krijgen met de verplichting om exportformulieren in te vullen als ze goederen naar andere delen van het land sturen. Ministers zouden op grond van de nieuwe wet eenzijdig kunnen morrelen aan dergelijke regels.

Een belangrijk pijnpunt is dat de brexitdeal met de EU de status heeft van een internationaal verdrag. Dat betekent dat de Britse regering internationale verplichtingen aan haar laars lapt als ze wetgeving maakt die strijdig is met die overeenkomst.

De regering zegt gemaakte afspraken alleen te verduidelijken, maar daar gaat ook binnen de conservatieve partij niet iedereen in mee. Zo hebben oud-premiers Theresa May en John Major al kritiek geuit. Ook buiten Europa zorgt de wet voor onrust. De voorzitter van het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden, Nancy Pelosi, waarschuwde dat de Britten een handelsdeal met de VS kunnen vergeten als ze het Goedevrijdagakkoord ondermijnen. Die overeenkomst uit 1998 maakte een einde aan het sektarische geweld in Noord-Ierland.