Minderheden vrezen voor nieuw wetboek Indonesië

De Indonesische president Joko Widodo (l.) verklaart tijdens een persconferentie het wetboek te herzien. beeld AFP, Indonesisch presidentieel paleis

Joko Widodo, de president van Indonesië, heeft na publiek protest opdracht gegeven tot uitstel van de parlementaire stemming over een nieuw controversieel wetboek. Volgens critici brengt de wetgeving minderheden in de knel.

„Na het horen van verschillende groepen met bezwaren tegen aspecten van de wetgeving, heb ik besloten dat een deel ervan moet worden herzien,” zei de onlangs herkozen president vrijdag tijdens een persconferentie. Volgens Widodo zal er niet eerder dan oktober over het wetsvoorstel worden gestemd door de leden van het Huis van Afgevaardigden.

Critici zeggen dat de wetgeving artikelen bevat die mogelijk de rechten van vrouwen, religieuze minderheden en de lhbt-gemeenschap schendt, evenals de vrijheid van meningsuiting en vereniging.

Het nieuwe wetboek van strafrecht veroorzaakte een golf van protest in het land. Een onlinepetitie tegen de nieuwe wetten leverde een half miljoen handtekeningen op. Honderdduizenden uitten op sociale media hun frustratie. „Het is gek als dit wetsvoorstel wordt aangenomen, gek! Waar gaat dit land heen?”, tweette filmregisseur Joko Anwar naar zijn 1,7 miljoen volgers.

Een coalitie van Indonesische maatschappelijke organisaties riep de president op om de goedkeuring van de wetten uit te stellen. De mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch noemde de nieuwe wetgeving „desastreus, niet alleen voor vrouwen en religieuze en genderminderheden, maar voor alle Indonesiërs.”

Blasfemiewet

De ingrijpende voorstellen bevatten onder andere een uitbreiding van de huidige blasfemiewet uit 1965, op grond waarvan leden van religieuze minderheidsgroepen, waaronder christenen en boeddhisten, worden vervolgd.

De blasfemiewet is officieel van toepassing op de zes erkende religies in Indonesië. Volgens de USCIRF, een Amerikaanse overheidscommissie voor godsdienstvrijheid, wordt de blasfemiewet echter regelmatig –maar niet uitsluitend– door moslims gebruikt om christenen en andere religieuze minderheden te beschuldigen van lastering van de islam.

Een bekend voorbeeld is de veroordeling van de christelijke oud-gouverneur van Jakarta, Basuki Tjahaja Purnama, beter bekend als Ahok. Hij zou kleinerend hebben gesproken over de koran tijdens zijn campagne voor een nieuwe termijn als gouverneur en werd in 2017 veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf. Meer dan 150 personen, waarvan de meeste afkomstig uit religieuze minderheden, zijn veroordeeld onder de blasfemiewet sinds 1965, aldus Human Rights Watch.

De USCIRF vindt het alarmerend dat de godslasteringwetgeving vooral gebruikt wordt door islamitische hardliners en andere extremistische bewegingen om politieke kandidaten aan te vallen. „Dat extremistische individuen en groepen de blasfemiewet als campagnemiddel hebben gebruikt, toont aan dat de wet, in plaats van conflicten te voorkomen, wordt misbruikt om leden van religieuze minderheden te veroordelen”, aldus de commissie.

Huwelijk

Een ander wetsartikel stelt dat stellen die samenwonen zonder officieel te zijn getrouwd, tot zes maanden gevangenisstraf kunnen worden veroordeeld kunnen. Volgens Human Rights Watch kan ook deze wet tegen religieuze minderheden worden misbruikt. Miljoenen Indonesiërs zijn niet officieel getrouwd omdat het moeilijk is om als religieuze minderheid het huwelijk te registeren.

Ook kunnen mensen met een voorhuwelijkse of buitenechtelijke seksuele relatie tussen zes maanden en een jaar gevangenisstraf en boetes krijgen.