Israëliërs denken negatief over Europa. Terecht?

Europeanen komen massaal op vakantie in Israël, Israëliërs gaan massaal naar Europa. Toch ziet meer dan de helft van de Israëliërs in de Europese Unie „meer een vijand” dan een vriend.

Slechts één op de vijf Israëliers bestempelt de EU „meer als een vriend” dan als een vijand. Dat blijkt uit een onderzoek van het Israëlische Mitvim Instituut voor Buitenlands Beleid.

Is het negatieve beeld dat in Israël van de EU bestaat terecht? Niemand zal ontkennen dat het tussen beide grootheden bepaald niet altijd koekoek eenzang is. We hoeven maar te denken aan de Europese steun voor het Iranakkoord, dat de nucleaire activiteit in het land moet terugdringen in ruil voor opheffing van sancties. Israël is daar mordicus op tegen.

De EU staat bovendien kritisch tegenover Israëls omgang met Palestijnen op de Westoever. De Europese Commissie bepaalde in 2015 bovendien dat Israëlische producten uit de Westoever, Oost-Jeruzalem en de Golan aparte labels moesten dragen. Dan is de klant gewaarschuwd dat ze iets uit „bezet gebied” kopen.

Maar maakt dat de EU meer tot een vijand dan een vriend? Meningsverschillen tussen landen onderling of tussen landen en instanties als de EU zijn normaal. Die komen ook voor tussen naties die vriendschappelijke banden onderhouden.

De EU-ambassadeur in Israël, Emanuele Giaufret, houdt het erop dat er teveel negatieve stereotypen leven, die alles te maken hebben met onwetendheid over de vele positieve kanten van de betrekkingen. In een persverklaring stelde hij deze week dat „perceptie en werkelijkheid” sterk uiteen lopen. „Als je kijkt naar de feiten, dan is de relatie tussen de EU en Israël uitstekend.”

Hij wijst erop dat de EU Israëls belangrijkste handelspartner is. Er wordt intensief samengewerkt, zoals op het gebied van vervoer, industrie en landbouw, maar ook rond juridische en binnenlandse zaken. Er is een continue samenwerking op het terrein van veiligheid en de bestrijding van terreur en antisemitisme. Zo lopen er momenteel onderhandelingen over Israëls deelname aan Europol.

Giaufret stelt verder dat de historische, politieke, economische, sociale en culturele banden tussen Israël en de EU vaak over het hoofd worden gezien.

Ksenia Svetlova, Knessetlid voor de Arbeiderspartij en plaatsvervangend lid van de Commissie voor Buitenlandse Zaken en Defensie, denk in dezelfde lijn als Giaufret. Ze stelt dat het Israëlische publiek over het algemeen te weinig kennis van zaken heeft. „Als je mensen vraagt naar de betrekkingen met de EU, sta je er verbaasd van hoe weinig ze weten.”

Ook de Zweedse ambassadeur Magnus Hellgren zegt dat „de breedte” van de betrekkingen niet altijd duidelijk is. „We slagen er niet in bij het Israëlische publiek door te breken. Toch doen Europese diplomaten hun best. Er komen echter alleen krantenkoppen als er verschil van mening bestaat.”

Er is echter geen reden bij de pakken neer te zitten, stelt ambassadeur Giaufret. „We kunnen beide meer doen om het negatieve beeld bij te stellen en te benadrukken dat er, in realiteit, een belangrijke vriendschap bestaat waar beide partijen baat bij hebben.”