Dieren vol virussen in bomen Australische stad Cairns

Corona
Zorg voor vleermuizen in Cairns, tijdens de hitte van november 2018. beeld EPA, Marc McCormack

In het centrum van de Australische stad Cairns, geliefd bij rugzaktoeristen, huist een kolonie van duizenden vleermuizen. De stad heeft er een haat-liefdeverhouding mee.

Abbott Street, Lake Street en Shield Street zijn straten vol winkels en restaurants waar voetgangers flaneren. In de middenbermen verschaffen grote bomen nog enige schaduw in de brandende zon.

Wat je zo binnen de bebouwde kom niet verwacht, is dat deze bomen vol vleermuizen zitten. Als je goed tussen de dichte bladeren door kijkt, zie je de dieren hangen: opgevouwen aan één poot, wapperend met hun vleugels en massaal lawaai producerend. In tijden van corona bezien de inwoners van de stad de dieren met extra argwaan: de soort is immers in verband gebracht met de oorsprong van het virus in China.

Vliegende honden

Kijkend naar het snerpende schouwspel zegt een voorbijganger: „Ze slapen overdag meneer, maar ’s avonds trekken ze er op uit. Dan doen ze zich buiten de stad tegoed aan stuifmeel en nectar van eucalyptusbomen.”

De man raadt aan vanavond hier terug te komen. „Precies als de zon ondergaat, vanavond is dat om precies kwart voor zeven, gaan ze los en dwarrelen dan bij duizenden door de lucht op weg naar de bossen.”

De Australische vleermuis is groot. De dieren wegen soms wel een kilo en hebben een typerende kop met spitse oren en lange nekharen. Ze worden daarom ook wel vleerhonden of vliegende honden genoemd, in het Engels ”flying foxes” (vliegende vossen). Met hun uitpuilende ogen kunnen ze stereoscopisch zien, om afstanden precies in te kunnen schatten. Omdat deze soort niet op insecten jaagt, missen ze het orgaan dat echolocatie mogelijk maakt: het vermogen om voorwerpen te lokaliseren door zelf geluid uit te zenden.

Gevaarlijk

Parkeren in het centrum van Cairns wordt afgeraden omdat de bijtende uitwerpselen de lak van auto’s beschadigen. Eerdere pogingen om de kolonie naar buiten de stad te verplaatsen zijn mislukt. Omdat het beschermde dieren zijn, –hun aantallen nemen steeds verder af–, liggen beperkende maatregelen gevoelig.

Tijdens de afgelopen hete maanden vielen er zoveel vleermuizen uit de bomen, dat de stad zich genoodzaakt zag de bomen met verkoelend water te besproeien. Borden waarschuwen het publiek om dan uit de buurt te blijven.

Nog los van alle overlast zijn vleermuizen gevaarlijk; ze zitten vol virussen. Met weer andere, meer indringende borden, waarschuwt het stadsbestuur om dieren die uit de boom vallen niet aan te raken, maar een alarmnummer te bellen.

Behalve met corona, worden vleermuizen ook wel met het ebolavirus in verband gebracht en met rabiës, hondsdolheid. Wie door een vleermuis wordt gebeten, moet meteen naar het ziekenhuis; soms overlijdt men zelfs aan de beet.

Bij zonsondergang verzamelen zich bij het pleintje voor de plaatselijke bibliotheek de nodige toeristen in afwachting van het aangekondigde spektakel. Werkelijk precies om kwart voor zeven ontstaat grote onrust in de bomen en stijgen de eerste vleermuizen op. Daarna vult de lucht zich met rondcirkelende dieren, alsof ze op elkaar wachten tot iedereen zover is om in een langgerekte zwerm richting bos te verdwijnen. Om daarna, helaas voor Cairns, tegen de ochtend ook weer terug te keren.

Tropische stad

Cairns ligt in het tropische noordoosten van Queensland en werd in 1876 gesticht als onderdak voor werkers in de goudmijnen. De stad heet naar William Wellington Cairns, de toenmalige gouverneur. Met de komst van een spoorlijn richtte de havenstad zich op de export van kostbare metalen, suikerriet en andere landbouwproducten. Cairns heeft indrukwekkende winkelcentra, botanische tuinen en diverse nationale parken dichtbij. Je treft er jongeren uit de hele wereld aan die er seizoensarbeid verrichten. De stad is een belangrijk vertrekpunt voor trips naar de onderwaterwereld van het Great Barrier Reef. Cairns International Airport is in grootte de zesde luchthaven van Australië.