Angst voor virus in instabiel Ethiopië

Buitenland
Een metro in Addis Abeba, Ethiopië, wordt gedesinfecteerd. beeld AFP, Michael Tewelde

De Ethiopische overheid neemt rigide maatregelen nu het aantal coronabesmettingen groeit. De vraag is of het een ramp voorkomt.

Het is half maart als Gerdine Marijs zich grieperig begint te voelen. Koorts, benauwdheid en een erg nare hoest: het zou zomaar corona kunnen zijn. Niet alleen de 29-jarige Nederlandse is ziek. Ook haar zoontje en een medewerker van familie Marijs’ NGO Addis Alem voelen zich te beroerd om uit bed te komen. Met de angst om anderen te besmetten, besluit Gerdine, die al negen jaar in Ethiopië woont, het daar pas gelanceerde noodhulpnummer te bellen. Twee dagen later worden zij en drie anderen in een ambulance met zwaailichten naar een isolatiecentrum buiten de stad vervoerd.

Het isolatiecentrum vlakbij Bishoftu is een van de pas gelanceerde maatregelen in de Ethiopische strijd tegen corona. Sinds op 13 maart de eerste officiële besmetting werd vastgesteld, neemt de overheid rigide maatregelen om verdere verspreiding van het virus te voorkomen. Zo werden scholen en universiteiten gesloten, werken ambtenaren sinds een aantal dagen thuis en zijn vluchten naar dertig landen stilgelegd.

In Tigray, een regio in het noorden van het land, geldt vanaf maandag een noodtoestand waarbij er niet meer mag worden gereisd. Reizigers die de komende tijd naar Ethiopië vliegen, moeten op eigen kosten twee weken in een overheidshotel verblijven. Tot een week geleden werd er nog naar coronahotspots in China en Europa gevlogen en kwamen reizigers zonder griepverschijnselen het land zonder problemen binnen. Tot nu toe zijn er zestien geregistreerde besmettingen in het land, al ligt het werkelijke getal waarschijnlijk veel hoger.

Angst

Parallel aan de gestage groei van het aantal besmettingen in Ethiopië, groeit de angst voor het virus. Experts uit binnen- en buitenland waarschuwen voor een ramp als het virus Ethiopië plat zou leggen: hulpmiddelen zijn afwezig en de toch al slechte gezondheidszorg is onvoorbereid op zieke coronapatiënten.

Dat merkt ook Gerdine Marijs. Direct na aankomst in een isolatiecentrum net buiten de stad, blijkt de chaos groot. „Na vier dagen in het isolatiecentrum hoorden we dat de test negatief was. Na lang praten konden we de artsen in het centrum ervan overtuigen dat we na die negatieve test naar huis konden. De situatie was heftig: er heerste veel onduidelijkheid, onzekerheid en angst.”

Geweld

Niet alleen in gezondheidscentra, maar ook op straat heerst angst en onzekerheid. Buitenlanders, die voorheen op straat ‘China’ genoemd werden, worden nu ‘corona’ genoemd. Na diverse meldingen van geweld tegen deze groep, kwam premier Ahmed Abiy met een waarschuwing om buitenlanders met rust te laten. Dat was niet de enige waarschuwing van de Nobelprijswinnaar. In een opinieartikel in de Financial Times schreef dr. Abiy afgelopen donderdag dat Afrikaanse landen niet over vergelijkbare middelen beschikken die Westerse landen inzetten om het virus te bestrijden. Dit heeft grote gevolgen voor de economie. Nu export stil komt te liggen, wordt er gevreesd voor een gebrek aan buitenlandse valuta, wat gevolgen heeft voor import van levensmiddelen en andere goederen. Een situatie die het toch al instabiele Ethiopië geen goed zal doen.

In deze onzekere situatie treft Marijs, die zich inmiddels weer beter voelt, met haar man en medewerkers van Addis Alem voorbereidingen voor het geven van hygiënetrainingen en voorlichting over Covid-19. „Daarnaast delen we antibacteriële zepen en desinfecterende alcohol uit en leren we vrouwen hoe ze mondkapjes kunnen naaien.”

Ondertussen is het lastig om mensen ervan te overtuigen afstand te houden. „Een medewerker van ons vertelde dat haar neef erg boos was omdat ze weigerde hem een hand en schouder te geven als begroeting. Er zijn veel jongeren die familiecontact belangrijker vinden dan het risico van verspreiding. Daarom is voorlichting echt belangrijk en hopen we dat ons werk een positieve impact mag hebben.”