Waarom de doden herdenken?

Dodenherdenking is ook bedoeld om de hoge prijs van vrede en vrijheid te overdenken. Foto: Dodenherdenking op 4 mei 2018. beeld ANP, Robin Utrecht

Vandaag wordt voor de 74e keer Nationale Dodenherdenking gehouden. De eerste keer was in 1946. Jan Drop, wiens vader en broer als verzetsstrijder omkwamen, nam het initiatief.

Aanvankelijk werden alleen de in de Tweede Wereldoorlog omgekomen Nederlandse militairen en verzetsstrijders herdacht. Sinds 1961 wordt aandacht geschonken aan alle burgers en militairen die zijn omgekomen of vermoord sinds het uitbreken van de oorlog, in oorlogssituaties en bij vredesoperaties. In de loop van de jaren werd de focus soms verlegd. Zo werd ook aandacht geschonken aan de slachtoffers van racisme en onverdraagzaamheid. Werd stilgestaan bij alle gevallenen, in welke conflictsituatie dan ook. Dat leidde tot veel onduidelijkheid. Zodanig zelfs, dat in 2012 in het Gelderse Vorden ook omgekomen Duitsers herdacht werden. Terecht leidde dat tot verzet vanuit de samenleving. En tot aanpassing van het protocol. In 2015 is vastgelegd dat het uitsluitend gaat om slachtoffers met de Nederlandse nationaliteit.

We herdenken op 4 mei dus niet de gevallenen uit Canada, de VS en Engeland, die ook hun leven gegeven hebben in de strijd voor de vrijheid. Niet omdat hun offer er niet toe gedaan heeft. Integendeel, zonder hun hulp zou de oorlog menselijk gesproken verloren zijn. Laten we hen in dankbare herinnering erkennen voor het geschenk van hun leven.

We herdenken ook niet de duizenden Duitsers die hun leven verloren onder het Hitlerregime. Niet omdat hun leven minder waard was of hun dood minder verdriet opleverde. Laten we van tijd tot tijd ook bij hun sterven stilstaan. In het besef dat oorlog ten diepste alleen verliezers oplevert.

Waarom herdenken we onze doden? Heeft het wel zin om, zoveel jaar na de Tweede Wereldoorlog, nog steeds officieel bij hen stil te staan, terwijl de directe nabestaanden vrijwel allemaal weggevallen zijn? Zeker heeft dat zin, om minstens drie redenen.

Het is goed om blijvend in dankbaarheid stil te staan bij het offer dat gebracht werd ten behoeve van de vrijheid van ons land. We moeten niet gering denken over een buitenlandse bezetting. We waren niet alleen onze nationale soevereiniteit kwijt, maar vooral onze geestelijke vrijheid. Mensen gaven hun leven niet voor een vaag ideaal, maar in de strijd tegen het kwaad, voor vrijheid van meningsuiting en veiligheid voor iedereen. Ze maakten vaak een bewuste keuze door in actie te komen toen het ertoe deed. Omdat ze wisten dat het leven minder belangrijk is dan de overtuiging die God in je hart legde. Hun dood deed een appel op gerechtigheid. Daarbij jaarlijks twee minuten stilstaan is zeer gepast.

Dodenherdenking is ook bedoeld om de hoge prijs van vrede en vrijheid te overdenken. De vrede van de afgelopen 75 jaar heeft velen het leven gekost. Daarom moet ze gekoesterd worden. Moeten we alert zijn op alles wat haar bedreigt. Moeten we opstaan wanneer ze in het geding is. Juist in een tijd van populisme. Voor je het weet, is ze weggeglipt.

Ten slotte, maar niet als laatste, is het gepast om God te danken voor de vrede die Hij sinds 1945 gaf. Om uit te zien naar Zijn vrede, die alle verstand te boven gaat. Hier beneden blijft het een voortdurende strijd om in vrede en vrijheid te kunnen leven. Alleen Zijn vrede in het hart stelt ons in staat die strijd te voeren. Want deze geeft innerlijke vrijheid die altijd standhoudt, zelfs voor een vuurpeloton.

Reageren? welbeschouwd@refdag.nl