Theologenblog: Is de Bijbel vrouwonvriendelijk?

Theologenblog
beeld TUA, Melle Rozema

Voor miljoenen lezers is de Bijbel dagelijkse kost. De mens leeft niet bij brood alleen, zei Mozes al. De Bijbel is bron van troost, hoop en leven – inclusief teksten die bevreemdend overkomen. Daarom is de belangstelling altijd weer groot als er een nieuwe Bijbelvertaling op stapel staat. Dit geldt ook de NBV21, de herziene versie van de NBV uit 2004, die volgend jaar gepresenteerd zal worden.

Er is zorgvuldig aan gewerkt, zo merkte ik als lid van de begeleidingscommissie. Zeker op momenten dat in het vertaalproces Bijbelteksten langskwamen die de gemiddelde lezer moeite geven. Een mooi voorbeeld hiervan is Prediker 7:28: „onder duizend heb ik één mens ontdekt, maar een vrouw heb ik onder deze allen niet ontdekt” (NBG-51). Hier staat nogal wat! Volgens Prediker moet je dus met een kaarsje zoeken naar wie echt mens is in de volle zin van het woord. Echte mensen zijn schaars, onder wel duizend vind je er maar één van, en dat is dan altijd een man (SV, HSV) en nooit een vrouw. Het laat zich raden welke reacties een dergelijke tekst oproept bij de Bijbellezer anno 2020. Kun je zo over de vrouw spreken? Het wordt er niet makkelijker op dat Prediker ook nog eens kort daarvoor schreef over iets wat nog bitterder is dan de dood: de vrouw die een vangnet is (vers 26, HSV). Hoe kan de Bijbel zo ‘vrouwonvriendelijk’ zijn?

Aan deze tekst hebben exegeten ook vroeger al de handen vol gehad. De gereformeerde Aalders schreef driekwart eeuw geleden zonder blikken of blozen: „Prediker gevoelt zich genoopt tot de verklaring, dat de algemeen-menschelijke verdorvenheid zich bij de vrouw nog sterker openbaart dan bij den man.” Hij verbindt dit met de ervaring dat de vrouw vanwege haar grotere emotionaliteit eerder voor verleiding vatbaar is dan de man, zoals bij Eva al bleek. Vervolgens haast Aalders zich om te zeggen dat er geen reden is om Prediker tot vrouwenhater te verklaren. Op de vraag hoe een christenvrouw deze tekst in Prediker leest, gaat hij niet in.

Eén ding mag duidelijk zijn: als dit zo in de Bijbel staat, moet een vertaler dat ook getrouw weergeven. De NBV21 gaat voor optimaal „brontekstgetrouw en doeltaalgericht”, dus geen enkele tekst mag in de vertaling gladgestreken worden om weerstand bij de moderne lezer te voorkomen. De Bijbel bevat nu eenmaal óók teksten die ons tegen de haren instrijken, die we niet goed begrijpen, die haaks staan op onze cultuur en denkwijze. Maar geldt dat ook voor Prediker 7?

Een goede Bijbelvertaling let niet alleen op de betekenis van enkele woorden en zinsverbanden, maar verwerkt ook de eigenheid van het Bijbelboek waarin de tekst staat. Typerend voor Prediker is dat hij geregeld uitspraken citeert en daarop reageert. Als het om een bewering van hemzelf gaat, in zijn zoektocht naar wijsheid, dan geeft Prediker dat meestal direct aan. Maar spreuken van anderen worden min of meer ingeweven in zijn betoog, en het is aan de lezer om te oordelen. Zou dit ook het geval kunnen zijn in Prediker 7:28? Dan komt de tekst in een heel ander licht te staan. Prediker zegt dan dat hij de zogenaamde wijsheid „dat onder duizend mensen je nooit een vrouw zult vinden die echt mens is” met hart en ziel heeft onderzocht, en beslist niet bevestigd heeft gezien. Op dezelfde wijze zou het ook in vers 26 om een citaat kunnen gaan. Pas in vers 29 komt Predikers eigen conclusie, namelijk dat de mens door God rechtschapen is gemaakt, maar altijd weer kiest voor verkeerde wegen. Recente Bijbelcommentaren wijzen in deze richting, en bij een Bijbelvertaling dienen oude en nieuwe exegetische inzichten zorgvuldig te worden gewogen.

Omdat de Bijbel ons dagelijks ‘brood’ is, luistert het nauw bij de vertaling ervan. Niet onze traditionele of moderne voor- en afkeur geven daarbij de toon aan, niet onze culturele bepaaldheden. Een geweldtekst mag niet worden afgezwakt en een tekst die vrouwonvriendelijk lijkt niet weggepoetst. Dít is het Woord van Godswege, voor alle eeuwen. Maar als Prediker uitgerekend een vrouwonvriendelijke wijsheid als dwaasheid aan de kaak stelt, mag en moet dat in een Bijbelvertaling zeker worden verwerkt. We zien uit naar wat de NBV21 ons volgend jaar brengt, ook op dit punt.

De auteur is hoogleraar Oude Testament. Hij schrijft dit blog als lid van de gezamenlijke onderzoeksgroep BEST (Biblical Exegesis and Systematic Theology) van de Theologische Universiteiten in Apeldoorn en Kampen.