Hoe lang houdt de euro nog stand?

Op vragen aan de ECB over de schadelijke bijwerkingen van het huidige monetaire beleid voor spaarders en pensioenfondsen zei voorzitter Christine Lagarde dat zij daar niets aan kon doen. beeld AFP, Daniel Roland

Bij de introductie van de Digital Euro wordt ervan uitgegaan dat er een kans is dat het bestaande Europese monetaire en bancaire stelsel op zijn laatste benen loopt, maar dat moet tussen de regels door worden gelezen.

Een nieuwe publieke digitale munt moet een vangnet vormen voor het geval alle private banken omvallen en het cashgeld helemaal verdwijnt, en om een nieuw instrument te hebben voor betrouwbare monetaire politiek, stelde woordvoerster Alexandrine Bouilhet van de Europese Centrale Bank (ECB). De introductie van een eigen digitale ECB-euro kan zorgen voor een simpele, universeel geaccepteerde, risicoloze en vertrouwde betalingsmethode, laat de ECB weten. De publieke consultatie over de ”Digital Euro” begint deze week. Deze cryptomunt zou in extremere tijden, als gewone betalingssystemen niet meer functioneren, de leemte moeten overnemen.

Over een eigen digitale munt wordt binnen de ECB al langer nagedacht, maar met welke intentie was tot dusver niet bekend. Dat tipje van de sluier wordt nu opgelicht: „als alle private banken omvallen” en de huidige betalingssystemen niet meer werken. Als dat zou gebeuren, zouden we dus in een totale ineenstorting van de financiële en monetaire systemen verkeren. Dat zou dan een gigantische kapitaalvernietiging tot gevolg hebben.

Spaargeld en pensioenen

De ECB komt nu met een plan B: naast de euro wordt een digitale versie gecreëerd. Die maakt geen gebruik van de bestaande betalingssystemen, waar banken zich van bedienen, maar waarschijnlijk van ”blockchaintechnologie” of de ”TARGET clearing” van de ECB. Blockchain is al operationeel bij transfers van cryptomunten, zoals de bitcoin en de XRP.

Het grote probleem van dit plan B is wel, behalve dat het systeem veilig moet zijn, dat dan voor 450 miljoen inwoners in de eurozone een rekening moet worden geopend. Daarbij moeten nieuwe rekeninghouders worden getoetst op het risico van financiële criminaliteit. Bij de introductie van de Digital Euro wordt ervan uitgegaan dat er een kans is dat het bestaande monetaire en bancaire stelsel op zijn laatste benen loopt, maar dat moet tussen de regels door worden gelezen.

Al eerder zijn er aan de ECB vragen gesteld over de schadelijke bijwerkingen van het huidige monetaire beleid voor spaarders en pensioenfondsen. Denk aan een nulrente op spaargeld, waarvan de waarde almaar afneemt, en een dalende dekkingsgraad op onze opgebouwde pensioenreserves. Daarop reageerde ECB-voorzitter Christine Lagarde op 19 maart met de mededeling dat zij daar niets aan kon doen. Onze regering legde zich daarbij neer.

Verontrustend

Uit Amerikaans onderzoek zou blijken dat economen van centrale banken zich veel positiever uitlaten over de gevolgen van het massale opkoopbeleid van vastrentende waarden (bijvoorbeeld (staats)obligaties) dan meer academisch ingestelde economen. Centrale banken zouden hun economen daarvoor belonen met betere carrièremogelijkheden. Logisch: wiens brood men eet, diens woord men spreekt. Dat klinkt verontrustend. Op die wijze kopen centrale banken als het ware het succes van hun monetaire beleid, terwijl daar best vraagtekens bij gesteld mogen worden.

Het onderzoek werd gepubliceerd door het Amerikaanse National Bureau of Economic Research (NBER) en de Universiteit van Chicago. Er werd een vergelijking gemaakt tussen 54 onderzoeksrapporten van 116 auteurs, die alle handelden over het opkoopbeleid van de centrale bank van de VS (Federal Reserve, FED), de Bank of England (BoE) en de ECB. Dat resulteerde in de conclusie dat „centrale bankiers effectiever (positiever, red.) oordeelden over de kwantitatieve verruiming (QE) dan meer onafhankelijke academici.”

De QE is een geliefd instrument van monetaire autoriteiten om een economische krimp te voorkomen dan wel te bestrijden en deflatie (prijsdaling) tegen te gaan. Daar kan kritisch naar gekeken worden en er kunnen vraagtekens worden geplaatst bij de negatieve bijwerkingen.

De vorige ECB-voorzitter, Mari Draghi, zegde op 26 juli 2012 tijdens een lezing in Londen toe dat de ECB bereid was om „alles te doen om de euro in stand te houden.” Dat resulteerde begin 2015 in de start van een opkoopprogramma waarmee 2,6 biljoen euro aan obligaties uit de markt werd gehaald, en dit jaar in een nieuw opkoopprogramma ter waarde van 0,75 biljoen euro.

Enorme verliezen

Ik heb mijn twijfels over de houdbaarheid van het huidige Europese monetaire beleid maar vraag me tegelijk af of terugkeer naar een gematigder beleid nog wel realiseerbaar is, zonder enorme schade toe te brengen aan de koersen op de effectenbeurzen en de stabiliteit van het bankwezen. Door het monetaire beleid van de ECB zijn er in ons land enorme hoeveelheden euro’s in de markt gepompt. Daar was echter onvoldoende vraag naar, waardoor de rentetarieven op de kapitaalmarkt voor Nederlands staatspapier zijn omgeslagen in negatieve. Bij terugkeer naar een normaler rentebeleid zouden de verliezen van beleggers, banken en financiële instituten enorm zijn.

De auteur is oud-bankdirecteur.