Column: #ikvaccineer

Vaccinatietegenstanders koesteren vaak een diep wantrouwen jegens de medische wetenschap. Foto: een mazelenvaccin in een apotheek. ANP, Koen van Weel

Voor sommigen is het een schok deze column te lezen. Zij dachten dat er met mijn terugkeer naar Nederland ook een eind aan deze schrijfsels kwam. Geenszins. We woonden ruim zes jaar in Singapore, maar de eerste column zag negen jaar geleden al het licht. Daarin ging het ook al over China, maar latere bijdragen belichtten een variatie aan onderwerpen. En deze rubriek heet niet ”van overzee”, dus schrijf ik graag nog even door. Tot het eind van het jaar D.V.

”Wetenschap en techniek” heet deze rubriek. U weet dat ik daar een beetje mee zit. Ik probeer op een wetenschappelijke manier naar het leven te kijken en heb het nodige geloof in hoe techniek de zorg beter kan maken. Maar in het dagelijkse leven, in en buiten de zorg, speelt zoveel meer. Voor sommigen is ”wetenschap” gelijk aan ”moeilijk doen” of ”niet relevant voor de praktijk”. Wat heb ik eraan, hier en nu?

Dat geldt bij velen in de eerste plaats voor fundamentele wetenschap, die streeft naar algemene kennis van de werkelijkheid, maar ook voor de meer toepaste wetenschap, die gericht is op toepassing van kennis en het beïnvloeden en verbeteren van de werkelijkheid. Wetenschappelijk werken betekent immers systematisch, geordend en verifieerbaar werken. Dan gebruik je bepaalde, vastgestelde methodes.

En soms doen we de dingen het liefst op onze eigen manier, zonder te willen weten of dat ook aantoonbaar wijs is. Meten is weten, maar soms wil ik het helemaal niet weten. Ik geloof erin, ik voel me er goed bij, het werkt voor mij, dus wat zeur je nu.

Toch is deze rationaliteit juist een reden waarom wetenschap bij christenen op veel sympathie zou moeten kunnen rekenen. Waarin we erkennen dat we zwakke mensen zijn die het zelf niet weten, en op zijn minst met elkaar afspreken om enige objectiviteit in te brengen. Bijvoorbeeld door vastgestelde methodes te kiezen.

Daarom vind ik het onbegrijpelijk wanneer in christelijke kring op basis van ”het voelt niet goed” ervoor gekozen wordt om vaccinaties bij zuigelingen in een kwaad daglicht te stellen. Op basis van afwegingen rond voorzienigheid en eigen verantwoordelijkheid de keus maken om niet te vaccineren, is nog enigszins te verdedigen. Dat gaat over het geweten en privékeuzes.

Om die reden ben ik zelf als baby ook niet ingeënt. Tot er ziektes rondwaarden en mijn ouders het voor God en zichzelf niet meer konden verantwoorden om niet te laten vaccineren. Toen kregen we als kinderen alsnog de beschermende prikken waarvoor eerst geen vrijmoedigheid was. Het is immers een zegen dat er vandaag veilige vaccinaties zijn die we als uit Gods hand mogen gebruiken. Dat is toepaste wetenschap die levens redt.

Christenen hebben niets te zoeken bij ”Vaccinvrij” of de ”Nederlandse Vereniging Kritisch Prikken”. Zij suggereren veel bijwerkingen en onderbouwen dat met voorbeelden van kinderen die na de vaccinatie ernstige aandoeningen hebben gekregen, terwijl niet is aangetoond dat de vaccinatie deze aandoeningen veroorzaakte. Autisme bijvoorbeeld, dat meestal wordt vastgesteld in de eerste twee levensjaren, precies de periode waarin ook de BMR-vaccinatie wordt gegeven. Uitgebreid onderzoek toont echter dat autisme bij kinderen die geen BMR-vaccinatie hebben gehad net zo vaak voorkomt. De Nederlandse Vereniging voor Autisme neemt dan ook nadrukkelijk afstand van enige gesuggereerde relatie.

Maar dat zou je niet zeggen als je alleen de discussies in sommige media volgt. Een groot deel van de vaccinatietegenstanders ontkent het bestaan en de inhoud van enig bewijs en koestert vaak een diep wantrouwen jegens de medische wetenschap in het algemeen. Er is ook weinig wetenschappelijke uitwisseling, omdat er, net als bij homeopathie en veel andere alternatieve geneeswijzen, geen gangbare, systematisch geordende en verifieerbare manieren van onderzoek worden gehanteerd.

Er is een wereld van alternatieve visies en feiten die andere methoden hanteert dan de wetenschap en voor velen aantrekkelijk is. Maar Prediker zegt: „Hetgeen ontbreekt kan niet geteld worden.” Vanuit die grondhouding hoop ik nog een tijdje te tellen en te schrijven. Al dan niet wetenschappelijk.

De auteur is als stafdirecteur zorg en welzijn werkzaam bij een zorgorganisatie.