Waarom laat ik me (niet) inenten tegen corona?

Nederland
In grote haast worden momenteel zo’n 160 coronavaccins ontwikkeld: in een periode van zes maanden hebben er een aantal de klinische fases 1, 2 en 3 al doorlopen. En dat is snel.  beeld iStock

Met man en macht werkt de farmaceutische industrie aan een vaccin dat de Covid-19-pandemie tegen moet gaan. Tegelijk is het de grote vraag of zo’n vaccin massaal gebruikt gaat worden binnen de gereformeerde gezindte.

Uit de enquête die het Reformatorisch Dagblad recent heeft uitgezet, blijkt dat de meningen over vaccinatie nogal verdeeld liggen.

Bijna een vijfde van de respondenten (18 procent) zou zich wel laten inenten. Dit geldt met name voor leden van de Gereformeerde Bond binnen de Protestantse Kerk in Nederland (36 procent) en de Christelijke Gereformeerde Kerken (23 procent).

De argumenten die de voorstanders van vaccinatie aandragen, liggen vrij voor de hand. De belangrijkste reden om zich te laten vaccineren, is dat ze hun eigen gezondheid willen beschermen. Dit argument wordt vooral genoemd door 55-plussers. De groep van 25 tot 34 jaar die zich laat vaccineren, doen dat bijna uitsluitend (95 procent) om zelf geen besmettingsbron voor anderen te vormen. Vooral hogeropgeleiden noemen dit argument.

Nee-zeggers

Niet geheel onverwacht ligt het aantal nee-zeggers tegen vaccinatie vrij hoog. Zo’n 54 procent van de respondenten laat zich niet inenten. De Gereformeerde Gemeenten in Nederland en de Oud Gereformeerde Gemeenten (in Nederland) springen eruit. Van de leden van beide kerkverbanden zou slechts 2 procent zich laten inenten. Als voornaamste bezwaar noemen deze respondenten dat vaccinatie indruist tegen Gods voorzienigheid (90 procent). Zondag 10 van de Heidelbergse Catechismus leert immers dat „gezondheid en krankheid (…) niet bij geval, maar van Zijn vaderlijke hand ons toekomen.”

De Bijbelse leer van Gods voorzienigheid is echter niet de enige reden om af te zien van vaccinatie. Met name groep tot 45 jaar (40 procent) meent geen vaccinatie nodig te hebben omdat men niet tot een risicogroep behoort. De helft van deze leeftijdscategorie heeft ook geen zin om proefkonijn te zijn voor een in alle haast ontwikkeld vaccin.

Ziekmakend

Anderen, zo’n 35 procent van de groep 25 tot 34 jaar, zijn bang dat het vaccin hen juist ziek zal maken. Vooral de leeftijdsgroep 75 jaar en ouder vraagt zich af of het vaccin wel echt veilig is (zie ”Zijn coronavaccins wel veilig?”). Jongeren tot 25 jaar kijken voorlopig de kat uit de boom; ze wachten af wat anderen gaan doen. Het gaat hierbij vooral om respondenten met een academische achtergrond.

Vooral binnen de HHK (40 procent) zijn mensen er niet gerust op dat voor het vaccin geen geaborteerde foetussen (zie ”Gebruik van foetuscellen”) zijn gebruikt.

Anderen menen dat er een chip in het vaccin zit die hen kan volgen en eventueel kan beïnvloeden. Dit argument komt binnenkort in een afzonderlijk artikel in het RD aan de orde.

Twijfel

Ruim een vierde (28 procent) van de respondenten twijfelt nog: wel of niet overgaan tot inenten? Vooral in de Gereformeerde Gemeenten, de Christelijke Gereformeerde Kerken en de Gereformeerde Bond zijn er relatief veel mensen die het risico afwegen dat ze door vaccineren lopen. Wordt het meedoen of niet?

Gebruik van foetuscellen

Bezwaren tegen het coronavaccin omdat er voor de productie geaborteerde foetussen zijn gebruikt, zijn niet uit de lucht gegrepen. Uit een artikel in het wetenschappelijke tijdschrift Science blijkt dat 5 van de 22 belangrijkste kandidaatvaccins tegen Covid-19 één of twee menselijke foetale cellijnen gebruiken. De ene, cellijn HEK-293, is afkomstig uit een nier van een in 1972 geaborteerde Nederlandse foetus, de andere, cellijn PER.C6, komt uit een foetus van achttien weken oud die in 1985 werd geaborteerd. Beide cellijnen zijn ontwikkeld in een laboratorium van de Universiteit Leiden. Cellijn PER.C6 is eigendom van farmaceut Janssen, de Leidse dochteronderneming van de Amerikaanse geneesmiddelengigant Johnson & Johnson.

In vier van de vijf vaccins wordt de menselijke cellijn gebruikt als miniatuurfabriekje om onschadelijke verkoudheidsvirussen te kweken. Deze virussen worden in het ‘fabriekje’ voorzien van genetisch materiaal van het coronavirus. Als het aangepaste verkoudheidsvirus wordt in een vaccin wordt toegediend, gaat het lichaam eiwitten van het coronavirus produceren, waardoor naar verwachting een immuunreactie wordt opgewekt.

Het vijfde vaccin maakt gebruik van cellijn HEK-293 om het spike-eiwit (de stekels aan het oppervlak) van het coronavirus te produceren. De onderzoekers van de University of Pittsburgh willen het eiwit gebruiken om een immuunrespons op gang te brengen. Vaccinwetenschapper Andrea Gambotto van de University of Pittsburgh stelt in Science dat de foetale cellijnen onmisbaar zijn om een goed vaccin te produceren, vanwege hun menselijke oorsprong. „Een vaccin gemaakt met dierlijke cellen heeft het risico dat niet de juiste immuunrespons wordt opgewekt.” Twee van de vijf vaccins worden inmiddels op mensen getest.

Het is echter vooral de haast waarmee het vaccin op de markt moet komen, waarom de vijf fabrikanten cellijnen gebruiken uit geaborteerde foetussen, laat Matthew Koci weten aan het tijdschrift ScienceNews . „Er bestaat geen garantie dat een niet-menselijke cellijn direct tot goede resultaten leidt. Over een paar jaar kan er een Covid-19-vaccin worden ontwikkeld dat kan worden gekweekt in gist of kippeneieren. Maar die tijd hebben we nu niet”, meent Koci, viraal immunoloog aan de North Carolina State University.

David Prentice, onderzoeksdirecteur van het Charlotte Lozier Institute , stelt echter dat er genoeg ethisch verantwoorde stamcellijnen van menselijke oorsprong beschikbaar zijn om een vaccin tegen Covid-19 te ontwikkelen. „Het gebruik van cellen van bewust geaborteerde foetussen voor de productie van vaccins maakt deze vijf Covid-19-vaccinprogramma’s onethisch; ze buiten onschuldige mensen uit die het levenslicht nooit hebben gezien.” In zijn artikel somt hij ook zeventien vaccinprogramma’s op die ethisch niet omstreden zijn, bijvoorbeeld omdat ze bacteriecellijnen of stamcellijnen van volwassen mensen gebruiken. Dit betreft de vaccinlijnen van farmaceuten zoals Novavax, Sanofi Pasteur, GlaxoSmithKline (GSK) en Sinovac.

Zijn coronavaccins wel veilig?

Het is bekend dat vaccins bijwerkingen hebben. In het algemeen zijn die niet ernstig. Ze variëren van hoofdpijn en moeheid tot lichte koorts. Ze worden veroorzaakt door een reactie van het lichaam op de dode of verzwakte virus- of bacteriedeeltjes in de vaccins. Het lichaam wil ze ‘opruimen’, en het immuunsysteem komt in actie. Zo bouwt het lichaam afweer op tegen het virus of de bacterie. Langer dan twee dagen houden deze klachten meestal niet aan. In enkele gevallen zijn de bijwerkingen ernstiger. En in een zeldzaam geval kan iemand overlijden na vaccinatie. In de actualiteitenrubriek Netwerk van de NPO (november 2009) ontkende Roel Coutinho, voormalig directeur van het RIVM, dat dergelijk overlijdens te wijten zijn aan vaccinatie.

Bijwerkingencentrum Lareb ontving vorig jaar 2009 meldingen die in verband staan met vaccinaties. Er werden in totaal 7378 bijwerkingen gemeld. In deze periode overleden vijf personen na de vaccinatie. Het Lareb kon echter geen verband vaststellen tussen de overlijdens en de ontvangen vaccinaties.

Ook was er recent van alles te doen over aluminium in vaccins. Sommige vaccins bevatten aluminium om de werkzaamheid te verbeteren. Jonge kinderen worden bij vaccinaties blootgesteld aan aluminium, direct in hun bloed. Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) bracht vorige maand een onderzoek naar buiten waaruit blijkt dat de veiligheid van deze vaccins niet ter discussie staat.

Over de veiligheid van de nieuwe coronavaccins is het laatste woord nog niet gezegd. In grote haast worden er momenteel zo’n 160 vaccins ontwikkeld: in een periode van zes maanden hebben er een aantal de klinische testfases 1, 2 en 3 al doorlopen. En dat is snel. In het wetenschappelijke tijdschrift Nature van vorige maand erkennen de vaccinwetenschappers dat ze nog maar aan het begin staan van een proces om Covid-19 te begrijpen en om de mogelijkheden van een vaccin te ontdekken.

Geen wonder dat veel farmaceuten terugvallen op zogeheten vaccinplatforms die ze al kennen, en die uitgebreid zijn onderzocht op effecten op andere infectieziekten en kanker. Dat scheelt veel ontwikkelings- en testtijd, en het komt de veiligheid van een vaccin ten goede.

Met name met de vaccins waarbij een verkoudheidsvirus dat genetisch is aangepast met materiaal van het ziekteverwekkende virus wordt ingebracht, hebben de farmaceuten veel ervaring opgedaan. Maar dit zijn wel de vaccins waarbij gebruik wordt gemaakt van cellijnen van geaborteerde foetussen.

Veelbelovend noemen de wetenschappers ook de zogeheten ”Self-Amplifying mRNA”-vaccins, oftewel SAM-vaccins. Dat bestaat uit stukjes RNA, genetisch materiaal dat afkomstig is van een zogeheten alfavirus, dat net als het coronavirus een RNA-molecuul als genoom heeft. Ze gebruiken zo’n alfavirus om een stukje RNA van het coronavirus in menselijke cellen af te leveren. Het wetenschappelijk tijdschrift Nature stelde eerder dit jaar dat dergelijke SAM-vaccins veilig zijn.

Een SAM-vaccin bestaat uit een virus dat een stukje genetisch materiaal van het coronavirus bevat. Menselijke cellen zoals spiercellen en immuuncellen nemen dat RNA op. Ze gaan vervolgens het stukje RNA overschrijven en daarna het bijbehorende eiwit aanmaken. Tegen dit eiwit wekt het lichaam een immuunrespons op omdat het eiwit lichaamsvreemd is.

Maar daarbij kan zich een ernstig probleem voordoen: elk lichaamsvreemd RNA kan via een proces (reverse transcriptie) worden omgezet in DNA en ingebouwd in het eigen genoom. Als dat stukje lichaamsvreemd DNA integreert in een proto-oncogen kan de drager ervan kanker ontwikkelen. Bovendien kunnen de ingebouwde stukjes virus RNA auto-immuunreacties veroorzaken, doordat het lichaam antistoffen blijft aanmaken tegen een lichaamsvreemd eiwit dat het lichaam nu zelf aanmaakt. De SAM-vaccins zijn hierop echter nog vrijwel niet getest.

serie

Corona

Dit is het vierde deel in een serie rond corona en de overheidsmaatregelen om verdere verspreiding van het virus tegen te gaan.