Koudekerke: Dorp zonder inwoners

Foto RD, Anton Dommerholt
2

Naam: Koudekerke (gemeente Schouwen-Duiveland).

Aantal inwoners: 0.

Bestaat sinds: In 1311 schenkt graaf Willem III (de Goede) van Henegouwen, Holland en Zeeland het dorp aan zijn neef Witte van Haamstede. Kort daarna wordt de kerk gebouwd. In 1322 wordt er voor het eerst melding gemaakt van een kerk.

Eerste indruk: Rijdend op de dijk van Serooskerke naar Burghsluis, langs de Oosterschelde, zie je ineens een stompe toren oprijzen. Het witte bord met daarop ”Koudekerke” wijst erop dat je een buurtschap binnen­rijdt. Een voormalig dorp zonder huizen, zonder winkels en zonder inwoners. Fietsers stappen af en gaan zitten op de bankjes in de zon. De wind blaast de zilte lucht van de Oosterschelde in hun gezicht. Vanaf de Plompe­toren staren toeristen in de verte, over land of over water.

Bezienswaardigheid: De Plompe­toren is hier de enige bezienswaardigheid. Bart van der Vlugt (37) groeide op in Burghsluis. Vanuit zijn ouderlijk huis had hij uitzicht op de toren. „De toren heeft me altijd gefascineerd”, zegt hij boven aan de trap in het bouwsel. „Daarom ben ik de website www.plompetoren.nl begonnen en heb ik een bronzen beeldje laten gieten van de toren.”

Uniek aan het dorp?

In 1583 werd besloten de kerk van het dorpje af te breken, vanwege het oprukkende water van de Oosterschelde. De toren bleef staan. Het dorp lag ooit zo’n 4 kilometer bij het water vandaan. Nu scheidt een dijk van zo’n 10 meter breed de toren van het water.

„De laatste bewoners vertrokken in 1654. De middeleeuwse funda­menten van de huizen zijn nooit opgegraven. Zo blijft het magische karakter van een verdronken dorp behouden.”

Zijn bewoners trots op hun dorp?

Een bewoner is hij niet, maar trots is hij wel. „Kijk eens om je heen”, zegt Van der Vlugt als hij boven op de toren staat. „Dan hoef ik toch niks meer te zeggen?” Landerijen en huizen aan de ene kant, een dijk en water aan de andere kant. En dat alles onder een stralende zon. „De toren is een echte publiekstrekker. Vorig jaar had onze dochter met wat vrienden een stok tussen de deur van de toren gelegd, om te voorkomen dat de deur ’s middag om vijf uur in het automatische slot zou vallen. Toen hebben ze ’s avonds in het donker de toren beklommen. Wij hadden geen idee waar ze zaten. Zo’n bouwwerk heeft een enorme aantrekkingskracht.”

Toekomstperspectief: Een paar jaar geleden werd de toren gerenoveerd. Stichting Natuur­monumenten verzorgt een kleine tentoonstelling in de toren, waarin het verhaal vanaf de veertiende eeuw wordt verteld. „Hierdoor is de Plompetoren erg geliefd bij het publiek. Ik ben blij dat Natuurmonumenten de natuur hier ongerept laat. De toegang is gratis en het geheel wordt niet gecommercialiseerd. Ik hoop dat dit zo blijft.”

Dit is de elfde aflevering in een serie over kleine plaatsen.

www.plompetoren.nl