Zendingsechtpaar Visser: Zending maakt je beter of bitter

WEZEP. Het zendingsechtpaar Marten en Esther Visser is sinds een week terug uit Thailand. beeld Bram van de Biezen Bram van de Biezen

WEZEP. Het Evangelie daar brengen waar het nooit eerder heeft geklonken, noemt zendeling Marten Visser „het meest kostbare wat ik heb mogen doen. Iedere eerste doopdienst in een nieuw district realiseerde ik me opnieuw dat God hier voor het eerst sinds de schepping van de wereld de lof kreeg die Hem toekwam.”

Vorige week kwam Marten Visser met zijn vrouw Esther en hun zoon Henrick (14) na vijftien jaar Thailand terug naar Nederland. Dochter Elizabeth (17) was twee jaar geleden al teruggekomen om hier het vwo te kunnen volgen. Het echtpaar werd in 2000 door OMF (Overseas Missionary Fellowship) en de GZB (Gereformeerde Zendingsbond) uitgezonden naar Thailand en pionierde daar eerst in Bangkok.

Later trokken de Vissers naar het noordoosten, naar Isaan. Marten: „In Isaan wonen 20 miljoen mensen. Wij begonnen in een district met 30.000 mensen, allemaal boeddhist. Nu zijn er 
35 christenen in dit gebied. Noem het maar de eerstelingen.” Pionieren zit hem in het bloed, vertelt hij in de voormalige hervormde pastorie te Wezep, die het stel van de hervormde gemeente huurt. „Als het pionieren voorbij is, geef ik het stokje door. In Bangkok is een bloeiende gemeente ontstaan van zo’n tachtig mensen, in Isaan werken veertig zendelingen aan kerkplantingen door heel het gebied. Ik geloof dat de Heere mij weer roept tot een nieuwe taak.”

Pastelkrijt

Voor Esther Visser hebben de kinderen de meeste prioriteit, vertelt ze. „Onze kinderen moeten het vwo af kunnen ronden in Nederland. Al ga ik Thailand wel ontzettend missen. Anders dan Marten had ik niet het idee dat mijn werk klaar was. Ik ga me in Nederland richten op het vertalen van Engelse boeken in het Nederlands en op het maken van portretten met pastelkrijt.” Marten Visser laat een foto zien van hun dochter en een portret waarop het meisje bijna foto­grafisch is weergegeven. Esther: „Die is mislukt.” Marten, lachend: „Ze legt de lat nogal hoog.”

Aan het begin van hun tijd in Thailand knoopten de Vissers een wijze les in hun oren: „Zending maakt je beter of bitter.”

Marten: „Als je succesverhalen wilt horen, moet je zendelingen spreken die op kortetermijnprojecten hebben gezeten. Onze praktijk van vijftien jaar is weerbarstiger.”

Esther: „Wij hebben een plaatje in ons hoofd van hoe mensen moeten geloven. God gaat echter Zijn eigen gang en werkt door heel gewone mensen. Dat lijkt een open deur, maar dat betekent dat een oude vrouw zonder opleiding nu mensen met het Evangelie opzoekt en de kinderclub leidt, en zo van grote betekenis is voor de kleine christelijke gemeente.”


Hadden jullie last van culturele hindernissen in jullie werk?

Marten: „Het besef van zonde en de noodzaak van vergeving is de Thailanders heel lastig bij te brengen. Waarom zou Jezus voor mij aan een kruis moeten sterven?” Esther: „We maakten mee dat mensen allang gedoopt waren en het Evangelie kenden, en toen pas echt de noodzaak van het kruis ontdekten.” Marten: „Bevindelijk, om het zo maar te zeggen.”

Heeft dat jullie voorzichtiger of kritischer gemaakt?

Marten: „Nee, want God kent de harten. We hebben er wel voor gekozen om chronologische Bijbelstudies te geven, zodat mensen vanuit de achtergrond van het Oude Testament leerden begrijpen waarom Jezus naar de aarde moest komen om te lijden en sterven.” Esther: „We gingen meer bidden om het werk van de Heilige Geest. Je ervaart namelijk sterk dat je zelf niets kunt zonder Zijn werk. Wij kunnen dingen logisch beredeneren, maar ook dat gaat moeilijk als je geen opleiding hebt genoten. De Geest moet harten aanraken.” Marten: „In Nederland kabbelt het kerkelijk leven voort. In Thailand zijn veel meer hoogte- en dieptepunten, omdat de kerk klein is en jong.” Esther: „Ik zou in Nederland ook wel een kerk willen planten. Er zijn natuurlijk al veel kerken, maar ik denk dat de kerk in Nederland wel wat kan leren van de Thaise. Als daar een gast voor het eerst aanwezig is, wordt hij verwelkomd met applaus. Het is voor ons in Nederland de uitdaging om zo kerk te zijn dat je geen drempels opwerpt.”

GlobalRize

In Thailand zette Visser een softwarebedrijf op met de bedoeling wereldwijd inzichtelijk te maken waar kerkplanting nodig is. Ook richt hij zich met de nieuwe zendingsorganisatie Global­Rize op de verkondiging van het Evangelie via internet. „Op Facebook hebben we maandelijks een bereik van 
40 miljoen mensen. We verspreiden Bijbelteksten of andere stichtelijke woorden, en die worden vaak duizenden malen gedeeld.”

Op dit moment werken 25 vrijwilligers mee aan GlobalRize. Marten Visser bouwt de organisatie graag verder uit. „Daarnaast heeft OMF me gevraagd onderzoek te doen naar kerkgroei in heel Azië. Dat is een omvangrijk project waar ik de komende jaren ook mee bezig hoop te zijn.”

Of ze ooit teruggaan naar Thailand? Esther: „Wie weet, over drie jaar, als Henrick van school is. Ik mis de kerk in Thailand nu al. Begrijp me goed, we zijn in Wezep geweldig ontvangen. Alles hier in huis hebben we gekregen, we kwamen met alleen onze koffers terug, kun je nagaan.”

Marten: „Ik wilde vanaf mijn vierde al zendeling worden en kan overal goed wennen. Of we nu psalmen op hele noten zingen of dat er een band voor in de kerk staat. Als het Woord maar gebracht wordt.”

www.globalrize.org


Marten en Esther Visser

Marten en Esther Visser-den Hertog werden in 2000 vanuit de hervormde gemeente Hilversum uitgezonden naar Thailand door de GZB (Gereformeerde Zendingsbond) en OMF (Overseas Missionary Fellowship). Voor die tijd was Marten Visser directeur van de Stichting Gave, een door hem opgerichte stichting voor kerkelijk werk onder vluchtelingen. De Vissers werkten eerst in de Thaise hoofdstad Bangkok als kerkplanters en trokken vijf jaar later naar Isaan, in Noordoost-Thailand. Hij gaat zich nu inzetten voor GlobalRize, zij richt zich op vertaalwerk en portretkunst. Het echtpaar heeft twee kinderen.