Psychiater De Wachter: laat mens soms ongelukkig zijn

In de Jacobikerk in Utrecht vond een debat over geluk plaats. De kerk was voor de zevenhonderd bezoekers bijna te klein. beeld RD, Anton Dommerholt
6

Verdriet moet niet weggeduwd worden, want dan gaat het mis. Verdriet moet beleefd worden. „Laten we alstublieft een beetje ongelukkig mogen zijn.”

De Vlaamse psychiater, hoogleraar en schrijver Dirk De Wachter sprak woensdagavond in een afgeladen Jacobikerk te Utrecht. Er waren voor deze gelegenheid zeshonderd zitplaatsen gecreëerd, maar nog was dat niet genoeg. Uiteindelijk kregen zevenhonderd bezoekers een plaats.

Beide sprekers, Dirk De Wachter en ds. Ruben van Zwieten, oprichter van ontmoetingscentrum ”De Nieuwe Poort” en medeauteur van het boek ”De Bijbel op de Zuidas”, constateerden in de huidige maatschappij een gebrek aan echte communicatie. Zoiets zou tot ernstige problemen kunnen leiden.

De Wachter schetste een samenleving die wel gelukkig wil zijn maar die dat niet is. Volgens hem komt dat omdat mensen gelukkig willen zijn, maar niet streven naar een zinvol bestaan. „Mensen willen genieten van het leven, maar als dat leven af en toe een beetje lastig is, kunnen we daar opeens niet mee omgaan. Al die lastigheid stapelt zich op. Zo worden mensen ziek.”

Dat bracht De Wachter tot de conclusie dat de wereld zich bewust moet zijn van het onvermijdelijke verdriet. Verdriet is zelfs nuttig, vindt hij. „Het geeft aanleiding tot verbinding en liefdevolheid. Als er geen verdriet was, was er geen liefde. Laten we alstublieft een beetje ongelukkig zijn.”

Het grote probleem van de westerse wereld is, volgens de psychiater, dat de sociale samenhang verbrokkelt, met eenzaamheid als gevolg. „Het sociale weefsel verandert door overdreven nadruk op het autonome. Ik vrees dat we te veel inzetten op het ‘ikkige’. De hel in deze tijd is dat er niemand is”, zei hij, met een variant op de filosoof Sartre, die zei dat ‘de ander’ de hel is.

Kleine goedheid

De oplossing voor eenzaamheid ligt volgens de Vlaming in „kleine goedheid”: het tonen van daden van barnhartigheid. Dat kan vrijwilligerswerk zijn, maar ook kinderen een stukje voorlezen, in plaats van ze naar YouTubefilmpjes te laten kijken.

Ds. Van Zwieten had een soortgelijk verhaal. Wat de mens het meeste nodig heeft om echt mens te zijn, is, aldus de predikant, bevrijding, bevrijding van jezelf, bevrijding uit Egypteland, op weg naar het beloofde land. „En dat is moeilijk voor moderne mensen van de Zuidas. Het ontbreekt in toenemende mate aan het vermogen om contact te leggen en van hart tot hart met elkaar te spreken.”

Volgens ds. Van Zwieten is het onvermogen om te communiceren een van de hoofdproblemen. „Men probeert in korte taal ontmoetingen aan te gaan, maar we raken daarmee steeds verder af van het beloofde land. De taal van de verbeelding ontbreekt. Martin Luther King kende die verbeelding wel. Hij zág iets. Elite is iets wat de Bijbel noemt: gezegend zijn. Misschien moet jij die rol opnemen en mensen meenemen naar het beloofde land.”

Levensverhalen

Tijdens het podiumgesprek legde ds. Van Zwieten verder uit wat hij bedoelde. „Het is belangrijk om levensverhalen te delen. Ik ken geen betere levensverhalen dan de Bijbelverhalen. Er moet iets gezegd worden van datgene wat nog niet in ons was opgekomen. Mensen worden uitgenodigd om in het verhaal te stappen. Dat is waardevoller dan filosofie.”

De Wachter hecht veel waarde aan communicatie, zei hij. Hij pleitte ervoor om tijdens het eten van de pizza niet met de laptop op schoot te gaan zitten, maar elkaar te vertellen hoe de dag geweest is. „En we moeten de kinderen voor het slapen gaan weer een verhaal vertellen.”

De Wachter vindt rituelen belangrijk, bijvoorbeeld bij ziekte en bij dood. „Het verlies van rituelen is een probleem in een seculiere samenleving die begint te ontgoddelijken. Bij een overlijdensplechtigheid moet er meer zijn dan een PowerPointpresentatie over het succes van de overledene.”

Is verdriet aangeboren of aangeleerd, wilde iemand weten. De Wachter: „De mens is een angstig wezen. De angst moeten we onder ogen durven zien en gezamenlijk durven beleven.”