„Predikant lijdt onder negatieve kritiek”

beeld RD, Anton Dommerholt
2

In alle protestantse kerken komen pijnlijke zaken voor die een onnodige tol eisen van predikant, partner en gezin. Dat blijkt uit een enquête van de stichting Room2C.

Room2C wil een klankbord zijn voor predikanten en zendelingen, om vertrouwelijk te kunnen spreken over de problematiek in kerk en zending. De stichting biedt de mogelijkheid om hen in contact te brengen met een deskundige, buiten de organisatie waaraan zij verbonden zijn.

Het onderzoek –dat Room2C in 2019 en 2020 heeft uitgevoerd– was bedoeld om informatie boven tafel te krijgen over de manier waarop predikanten hun welzijn, de werkdruk, het gezin en hun gezondheid ervaren. Er namen 54 predikanten uit 15 verschillende kerkgenootschappen deel, variërend van predikanten uit charismatische gemeenten tot de Gereformeerde Gemeenten.

Onbegrip

Volgens stichtingdirecteur Nico Catsburg gaan dingen niet zozeer mis omdat predikanten vaak veel uren maken, maar vooral omdat ze in hun gemeente te maken krijgen met negatieve kritiek en onbegrip. „Ik moet zeggen dat het in het bedrijfsleven vaak netter toegaat dan in de kerkwereld”, aldus Catsburg, die zelf als predikant is betrokken bij een evangelische pioniersplek in Lelystad.

De gedachte dat het „bij ons” wel goed zit, is een grote misrekening, vindt de predikant. „Er gaat te veel fout in alle kerkverbanden en dat heeft gevolgen voor de relevantie van het Evangelie. Niet alleen voor direct betrokkenen, maar ook voor de omstanders.”

Ruim een derde van de predikanten gaf in de enquête aan regelmatig gefrustreerd te zijn in het werk. Ds. Catsburg: „Vooral leden van evangelische gemeenten zijn kampioen in het afbranden van een predikant. Dat heeft ermee te maken dat zaken in die kringen vaak niet zo goed zijn geregeld en mensen min of meer vrij spel hebben. Maar ook in meer traditionele kerken, waar vaak wél goede regels bestaan, kan het mis gaan als mensen zich niet aan die regels houden.”

Gezinsleden

Uit de enquête komen schrijnende zaken naar voren. Ongeveer de helft van de ondervraagde predikanten vindt dat het predikantschap een negatief effect heeft (gehad) op het gezin. Ongeveer een kwart van de respondenten vindt dat hun bediening er de oorzaak van is dat een of meer gezinsleden het geloof kwijtraakten. Nog eens 30 procent geeft aan dat dit mogelijk het geval is.

Van de deelnemers aan de enquête heeft 13 procent ooit gedwongen ontslag gekregen of genomen. De helft van de respondenten overwoog om te stoppen met het predikantschap of twijfelde daarover vanwege het negatieve effect ervan op het gezin. Predikanten die blijvend „uit de bediening” raakten, waren vaak niet meer geïnteresseerd in iets wat met het predikantschap, de kerk of zelfs met het christendom te maken heeft, zo bleek uit navraag.

Voorkomen

Ds. Catsburg noemt het voorbeeld van een predikant uit de Nederlands Gereformeerde Kerken die z’n geloof verloor en zijn huwelijk stuk zag gaan. „Dat kwam door allerlei problemen in de kerk die best voorkomen hadden kunnen worden.”

Volgens ds. Catsburg is het van belang dat kerkelijke leiders meer oog hebben voor de manier waarop de predikant functioneert in het midden van de gemeente. „Uit de reacties blijkt dat predikanten vooral willen dat er bij een conflict in de gemeente waarbij zij betrokken zijn, onafhankelijke geestelijke bemiddeling beschikbaar is. Maar ook dat gemeenteleden leren om eerst de ander te begrijpen voordat ze allerlei dingen van een bepaalde situatie vinden.”

De zaak is het meer dan waard, vindt ds. Catsburg. „Uit de enquête komt ook naar voren dat voorgangers over het algemeen zeer gemotiveerd zijn of ervan overtuigd zijn dat ze een roeping hebben. Er is gemiddeld genomen een grote offergezindheid in tijd en toewijding. Maar dat kan een valkuil zijn. Uit de cijfers blijkt dat de kritische geluiden afkomstig zijn van grotendeels zeer gemotiveerde predikanten. Laten kerkgenootschappen en gemeenten zuinig op hen zijn en hun broeders hoeder zijn.”