Verwachting

Psalm 130:5-6

„Ik verwacht de Heere, mijn ziel verwacht, en ik hoop op Zijn woord. Mijn ziel wacht op de Heere, meer dan de wachters op de morgen.”

Spranken van werelds genoegen zijn even bedrieglijk als de schijn van de lichtworm. Zij leiden u naar het verderf; zij zullen spoedig uitgeblust worden en u voor altijd in de zwarte duisternis laten. Bekommerde zielen, leert om uit te zien naar vrede. O, met welk een bekommering doorzoekt u uw hart om te zien of er enige verandering in is die u vrede kan geven. Verander toch uw plan. Blik niet meer in die vuile kerker. Zie naar de heerlijke zon. Zie op Christus: een blik op Hem geeft vrede. Leer om het licht te verwachten. U bent gelijk aan hen die op de morgen wachten. U kunt evenmin u de vrede verschaffen als u in staat bent de loop van de zon te veranderen. Erken uw besmetting, erken uw hulpeloosheid en verwacht dat Zijn hand de sluier zal wegnemen. De heerlijkheid van Christus zal de ziel bedekken. „Zijn heerlijkheid zal over u gezien worden.” Het is een reeds lang bekende zaak, dat de kleur niet in het voorwerp zit, maar dat deze door de zon bewerkt wordt en terugkaatst. De schone kleuren waarmee deze schone wereld versierd is, komen van de zon. Haar heerlijkheid wordt op aarde gezien.

Robert Murray M’Cheyne, predikant te Dundee

(”Leerredenen”, 1862)