Marlon wilde het liefste een beetje liefde krijgen

Rechter mr. D. Vergunst. beeld RD
3

„Wat vind je het fijnste om te krijgen?” werd eens aan een crimineel gevraagd. „Het fijnste vind ik het om een beetje liefde te krijgen”, was het antwoord. Mr. D. Vergunst, rechter in Gelderland, vertelde dit woensdag in Veenendaal.

Voor een volle zaal met hervormd-gereformeerde emeritus predikanten en predikantsvrouwen sprak hij over zijn „ervaringen en overwegingen als christen bij onze huidige rechterlijke macht.”

Vergunst, zelf lid van de Gereformeerde Gemeenten, constateerde dat de samenleving de laatste dertig jaar harder geworden is. „Men wil de vergelding weer terug en wil een zware straf voor een ernstig vergrijp. Ik verwacht dat velen levenslang willen voor de dader van de aanslag in Utrecht. Die ploert wil iedereen te pakken nemen.”

Daarna wees hij op het „milde klimaat” in de gevangenissen. „Gevangenen worden er met respect bejegend. Ze hebben een grote mond, maar ze zijn losers. Ze hebben zo een voorbeeld hoe het ook kan. De straf moet gericht zijn op het terugbrengen in de samenleving.”

Kras

Vergunst gaf twee voorbeelden van zulke losers. De een heette Marlon. Op weg naar zijn vriendin in Zeeland stal hij scooters. Op de vraag waarom hij dat gedaan had, antwoordde Marlon dat hij er niet over nagedacht had en dat het vanzelf ging. Bij verder doorvragen zei hij dat hij pijn had vanbinnen en dat hij daarom drugs gebruikte. Toen hij jong was, wilde zijn vader hem doodschieten en werd hij misbruikt. Vergunst: „Er is een kras op de ziel van deze jongen van 17 jaar gekomen. Eerst implodeerde dat in zijn geest. Later explodeerde het in zijn daden. Toen hem schriftelijk gevraagd werd wat hij het liefste kreeg, antwoordde hij dat hij het fijnste vond om een beetje liefde te krijgen. Zulke jongens schreeuwen om liefde, maar ze pikken in je hand als een vogeltje. Deze jongen ging niet naar de gevangenis, maar naar een inrichting die gericht is op herstel.”

De Gelderse rechter vertelde ook over een man die een meisje had vermoord. Zijn eerste gedachte toen hij de foto van het dode meisje in het dossier zag, was: „Die vent mogen ze executeren.” Toen de verdachte echter in de rechtbank verscheen, ging er een schok door hem heen, omdat „het een gewone jongen was met een sympathieke blik.” De psychiater vertelde toen dat het heel moeizaam bleek om samen met de man een reconstructie van de gebeurtenis te maken. Op het moment dat ze naar de locatie gingen waar het gebeurde, wilde hij niet verder. Vergunst: „Hij eigende zich niet toe wat hij had gedaan. Ook hij had in zijn jeugd krassen opgelopen.”

Vergunst wees op David, die geen beroerde jeugd had gehad en toch tot overspel en moord kwam. „David was volledig toerekeningsvatbaar. Hij leefde na zijn daden gewoon door, totdat Nathan kwam.” Vergunst merkte op dat het hart van alle mensen vol zonde is en dat het een troost is „dat de Heere weet wie we zijn.”

Voorafgaand aan zijn toespraak had dr. W. Verboom, die de bijeenkomst leidde, Lukas 9:51-56 gelezen. Daar staat dat de Samaritanen Jezus geen gastvrijheid wilden verlenen en dat Johannes en Jakobus vuur van de hemel wilden laten regenen. Jezus zei echter: „De Zoon des mensen is niet gekomen om zielen van mensen te gronde te richten, maar om ze te behouden.” Dr. Verboom: „Ze waren de minste. De wereld noemt zulke mensen losers maar ze waren meer dan overwinnaars.”

Op een vraag van een aanwezige of dienstplicht dergelijke criminelen zou helpen, antwoordde Vergunst dat keiharde training niet echt effect heeft, maar dat alleen liefde helpt.