Komst Reformatiemuseum Elburg op losse schroeven

Drs. H. Visser (l.), hier samen met voorzitter M. Seijbel. beeld RD, Anton Dommerholt

Het bestuur van Stichting Reformatiemuseum heeft zijn activiteiten voorlopig opgeschort. Er zijn te weinig financiële middelen binnengekomen om in Elburg een museum te kunnen openen.

Het was in het najaar van 2018 „nu of nooit” voor het op te richten Reformatiemuseum in de Gelderse vestingstad. De ruim twee jaren van voorbereiding en een wervingscampagne hadden tot op dat moment niet voor het gewenste resultaat gezorgd.

Het bestuur van de stichting bestaat uit negen personen die behoren tot een van de reformatorische kerken, onder wie de predikanten ds. M. van Kooten (Elspeet), ds. J. Swager (Doornspijk) en ds. G. Herwig (Nunspeet). Voorzitter is M. Seijbel, oprichter van het Nationaal Orgelmuseum in Elburg.

Met een noodkreet in september hoopte de interkerkelijke stichting alsnog zo’n 150.000 euro op te halen. Van het benodigde bedrag kwam echter nog niet de helft binnen, zegt bestuurslid en oud-burgemeester van Elburg drs. H. Visser desgevraagd. „Dat is heel jammer. De oprichting van een Reformatiemuseum is kennelijk niet belangrijk genoeg. Terwijl wij het noodzakelijk vinden dat het verhaal van de Reformatie in zijn context wordt verteld, dat je weet waar je vandaan komt. Zelfs in onze eigen kring weten veel mensen nauwelijks hoe het zit. Maar kennelijk gaan de middelen toch naar andere doelen.”

Waarom hebben mensen geen geld over voor een museum, denkt u?

„De oprichting van een museum als goed doel heeft niet zo’n hoge aaibaarheidsfactor. Veel andere doelen hebben dat wel.”

En de herdenking van 500 jaar Reformatie in 2017 is inmiddels achter de rug.

„Als je ziet wat er allemaal over de Reformatie in het Reformatorisch Dagblad heeft gestaan, vermoed ik dat we negentig procent nog niet wisten. Er is in het verleden een romantisch beeld ontstaan. In het RD is dat beeld behoorlijk recht getrokken, maar ik ben ervan overtuigd dat veel mensen weinig weten van de Reformatie in zijn sociale en culturele context.”

Wat zou er moeten gebeuren om toch een start mogelijk te maken?

„Dan zouden we een aantal grote sponsoren moeten vinden, vijf of zes mensen die de handen ineen willen slaan. Van particulieren is er voldoende binnengekomen. We mogen dus wel zeggen dat we genoeg draagvlak hebben, alleen niet bij mensen die een flinke duit in het zakje zouden kunnen doen. Dan denk ik aan de wat grotere bedrijven.”

Is de huur van het beoogde pand in de binnenstad van Elburg inmiddels opgezegd?

„Ja, per 1 januari. Het bestuur heeft vorige maand nog vergaderd en komt pas weer over een half jaar bij elkaar. Er is nu een moment van rust en bezinning nodig.”

Is er contact geweest met het Luthermuseum in Amsterdam, dat waarschijnlijk deze zomer opengaat?

„Voor zover ik weet niet. Dat zou zeker een idee zijn, want we hebben ook de samenwerking gezocht met het Catharijneconvent in Utrecht, voor als we zouden gaan inrichten. Echter, om te kunnen samenwerken, moet je er eerst zijn. Er bestaan allerlei stichtingen die willen bijdragen aan de financiering van mogelijke projecten, maar ook daarvoor geldt dat je er eerst moet zijn. Daar lopen we keer op keer tegenaan. Toen wij begonnen met het Reformatiemuseum was er over het Luthermuseum nog niets bekend. Zij schieten kennelijk op omdat ze financiers hebben. Wie weet wat voor mogelijkheden er nog in het verschiet liggen. We laten het plan niet zomaar varen.”

Maar voorlopig gebeurt er niets.

„Je hoopt nog steeds dat er iemand wakker schrikt en denkt: Dit moeten we niet laten gebeuren. Daarom stoppen we niet, maar zetten we de activiteiten op een heel laag pitje.”

>>reformatiemuseum.nl