Genade centraal bij 125-jarig jubileum TUA

De viering van het 125-jarig jubileum van de Theologische Universiteit Apeldoorn in de Barnabaskerk.  beeld RD, Anton Dommerholt
15

Er is een inhoudelijke verbinding tussen het begin van het theologisch onderwijs van de Christelijke Gereformeerde Kerken en dat van nu, aldus prof. dr. H. J. Selderhuis. „Het is Gods genade.”

De rector opende woensdagmorgen de jubileumviering van 125 jaar Theologische Universiteit Apeldoorn (TUA) in de Barnabaskerk in Apeldoorn. In verband met de grote belangstelling vond de bijeenkomst grotendeels plaats in de kerk, op loopafstand van de universiteit. De viering werd gecombineerd met de opening van het academisch jaar. De TUA-cantorij onder leiding van Hanna Rijken zorgde voor een muzikale bijdrage.

In zijn openingswoord haalde prof. Selderhuis het begin van de Theologische School aan. De school startte in Den Haag en verhuisde honderd jaar geleden naar Apeldoorn. Hij verwees naar de preek die op 11 september 1894 bij de start van de Theologische School gehouden werd over de tekst „Mijn genade is u genoeg” (2 Korinthe 12:9a).

Dat uitgangspunt is volgens hem niet veranderd. „Het is nog steeds Gods genade die genoeg en nodig is, ook voor de zonden die er waren.” Daarna las hij de eerste twaalf verzen van Psalm 145, die spreken over de lof aan God.

In het morgengedeelte stond het verleden centraal en kwamen zes oud-studenten aan het woord. Willem van ’t Spijker ging naar het zendingsveld. Henri Keurhorst kwam voor de klas te staan. Rita Buijs-Ballast werd geestelijk verzorger. Wytze Plantinga was werkzaam als justitiepredikant. Gert Jan Vogel werd gemeentepredikant. Tineke Bol-Drieënhuizen kwam in het Bijbelvertaalwerk terecht.

Ds. Vogel, predikant van de christelijke gereformeerde kerk van Dordrecht-Zuid, zei dat hij veel gehad heeft aan de studie in Apeldoorn. Hij noemde in het bijzonder de eerbied voor de Bijbel, die hij daarvandaan meegenomen heeft, de gemeente in. „Wat zegt de Heere in Zijn Woord? Wat betekent het voor ons?”

Hij voegde eraan toe dat hij de meeste dingen in de praktijk geleerd heeft, zoals het leiden van een begrafenis of een gesprek voeren met iemand die op sterven ligt. De opleiding was voor hem vooral een gereedschapskist, waarvan hij de gereedschappen gaandeweg leerde gebruiken.

Ds. Buijs-Ballast vertelde in haar workshop dat zij van gereformeerde afkomst was en een deel van haar theologische opleiding in Apeldoorn gevolgd heeft. Als eerste punt van wat ze er geleerd heeft, gaf ze vooral liefde voor de Bijbel had meegekregen tijdens haar opleiding in Apeldoorn. Als kritiekpunten noemde ze dat „de wereld zwart-wit werd ingekleurd” en dat de studenten „vooral leerden om na te zeggen in plaats van zelf te vertalen.”

Ir. W. J. A. Hanekamp, voorzitter van het college van bestuur, presenteerde aan het einde van het morgengedeelte het jubileumboek ”Denken om te dienen”, dat is geschreven door dr. C. M. van Driel. Het schetst in flitsen en fragmenten een beeld van 125 jaar TUA.

’s Middags bij de opening van het academisch jaar hield waren alle professoren in toga in de kerk aanwezig voor de opening van het academisch jaar. Prof. dr. A. van de Beek, emeritus hoogleraar symboliek van de Vrije Universiteit Amsterdam, hield een rede met de titel: ”Gereformeerd zijn is leven in de vrijheid van Christus”. De hoogleraar gaf aan dat „de vrijheid die nodig is om hartstochtelijk te zoeken naar de waarheid, is gegeven met de vrijheid van Christus. We zijn voor niets en niemand bang.” Hij stelde voor om terug te gaan naar de bronnen om te komen tot een „goede en kritische exegese zonder angst dat we onze heilige huisjes omverwerpen.”

De hoogleraar uit Veenendaal had al een werkvoorstel. „Wat betekent: Wij geloven in één heilige, katholieke en apostolische kerk? Het beantwoorden van die vraag zal voor de toekomst van de gereformeerde universiteit belangijker zijn dan verbreding van het aanbod. Deze vraag is een vraag naar verdieping. Verdieping geeft vanzelf verbreding.”

In de fata academica deelde prof. Selderhuis mee dat de TUA samen met een tiental andere Europese universiteiten deelneemt aan een door de Europese Unie gefinancierd project met de naam ReIReS. Twee weken geleden werd bekend dat het vervolgprogramma onder de naam Resilence is goedgekeurd. Hij wees er verder op dat de synode dit jaar belangrijke beslissingen over de TUA gaat nemen, „beslissingen die om moed, geloof en vertrouwen vragen.”

Studenten aan de TUA

Voor het nieuwe studiejaar 2019-2020 hebben zich 18 nieuwe voltijdstudenten ingeschreven, aldus de fata academica van de Theologische Universiteit Apeldoorn. Daarnaast hebben zich 2 studenten op contractbasis aangemeld en 7 studenten die in het kader van een tweede inschrijving aan de TUA gaan studeren. Het totaalaantal studenten staat nu op 123, van wie 89 als voltijdstudent en 34 als contractant of tweede inschrijving. Daarnaast zijn er 58 promovendi, van wie 23 uit het buitenland. Het gaat alles bij elkaar om 181 mensen die aan de TUA studeren of begeleid worden bij een promotieonderzoek.