Dr. Beeke: Verbondsprediking bewaart voor dwaling naar links en rechts

beeld RD
2

Een verbondsmatige prediking bewaart zowel voor de dwaling van een verondersteld geloof zonder ware vruchten, als voor een theologie die eindigt in de ervaringen van de mens in plaats van in Christus.

Dat betoogde dr. Joel Beeke dinsdagavond in het Canadese Jordan voor de International Conference of Reformed Churches (ICRC) . Dr. Beeke is hoogleraar en rector aan het Puritan Reformed Theological Seminary in Grand Rapids (VS) en predikant in de Heritage Reformed Congregations (HRC). De HRC is lid van de ICRC.

De kern van de Reformatie wordt vaak verwoord met de rechtvaardiging door het geloof alleen of de leer van de verzoening, maar Bijbelse vroomheid wordt daarbij vaak vergeten, zo stelde dr. Beeke. Voor zo’n 350 aanwezigen belichtte hij op dit punt vooral de opvattingen van Calvijn en de puriteinen. Gereformeerde vroomheid is zowel verbondsmatig als bevindelijk, zo was zijn hoofdstelling.

Voor Calvijn is het doel van de vroomheid de glorie van God. Vroomheid sluit het gehele leven in en is alleen mogelijk door eenheid en gemeenschap met Christus en Zijn weldaden. Zij wordt gevoed in de kerk door de prediking van het Woord, de bediening van de sacramen- ten en de dienst van gezang en gebed.

Naast de kerk als voedster van vroomheid, benadrukte Calvijn ook de noodzaak van persoonlijke vroomheid. „Voor Calvijn is deze vroomheid het hart, het begin en het eind van het christelijk leven. Het dringt ook door tot alle praktische dimensies van het dagelijks leven. Vroomheid heeft een diepe impact op de kerk, de gemeenschap en de wereld.”

Verbond

Voor Calvijn en de gereformeerde christenen na hem is vroomheid altijd gegrond in het verbond van genade, aldus dr. Beeke. „Gods handelingen met de mens voltrekken zich volgens de theologen van de Reformatie altijd op de wijze van het verbond. Deze verbondsvroomheid heeft als kenmerken een innige relatie, een ethische inhoud en een dynamische gemeenschapsopvatting.”

Relatie is het hart van het verbond. Deze relatie heeft het karakter van wederkerigheid. „God richt Zelf het verbond tussen Hem en Zijn kinderen op. Al is het geen verbond tussen gelijken, het is niet zo dat de ene partij onverschillig staat ten opzichte van de andere. Wederkerigheid betekent een diepe en innerlijke band tussen de twee partijen.”

Verbondsvroomheid heeft een persoonlijk karakter, aldus dr. Beeke. „Vroomheid is niet simpel een voldoen aan een norm, maar is het koesteren van een relatie. Het verplicht ook tot een heilige levenswandel. Daarom heeft de Reformatie de blijvende betekenis van de wet onderstreept. De wet die de zondaren heeft veroordeeld, functioneert nu als een regel ten leven voor degenen die in Christus verlost zijn.”

Het verbond heeft ook een gemeenschapstichtend karakter. De gereformeerde vroomheidstraditie schonk daarom bijzondere aandacht aan het christelijke gezin. „Calvijn zag de continuïteit tussen de generaties als een wezenlijk kenmerk van het verbond. Het zichtbaarste teken daarvan is de kinderdoop. Ouders communiceren het geloof door woord en daad aan een jongere generatie die niet in het ongewisse hoeft te zijn over de antwoorden op de meest prangende vragen. God wil een God voor hun zaad zijn. Gereformeerde vroomheid is doordrenkt van de hoop en verwachting dat Zijn belofte waargemaakt zal worden in het leven van hun eigen kinderen.”

De verbondsvroomheid kan ook misbruikt worden, zo waarschuwde dr. Beeke. Dat kan gebeuren door het verwaarlozen van de plicht tot een heilig leven of van persoonlijke vroomheid, leidend tot een veronderstelde wedergeboorte. Of het kan een impuls zijn tot het zogenaamde hypercalvinisme, is het niet in de leer dan wel in de praktijk. „Dan wordt er zo sterk gefocust op eigen kerk of gezin dat er geen evangeliserende boodschap voor de wereld is.”