De worsteling van hersteld hervormd Herkingen

Kleine gemeenten
De hersteld hervormde gemeente van Herkingen komt op zondag samen in een tot kerkzaal omgevormd klaslokaal. beeld Wim van Vossen
3

De hersteld hervormde gemeente van Herkingen komt bijeen in een klaslokaal, de enige ouderling viel recent uit. Ds. A. van Wijk: „Het wezen van een gemeente wordt niet bepaald door de omvang.”

De torenklok van de kleine hervormde kerk in het hart van Herkingen laat tien slagen horen. Het geluid waaiert uit over de huizen van het vriendelijke dorpje op Flakkee.

Tot 2004 was de kerkelijke situatie hier overzichtelijk: één hervormde gemeente en één afgescheiden gemeente. Allebei klein. De hervormde gemeente werd vanaf 1999 gediend door ds. A. van Wijk. Van de 1200 dorpelingen behoorde krap de helft tot zijn kudde. Op zondagmorgen had hij ongeveer 130 leden onder zijn gehoor, ’s avonds zo’n 80. Door de bescheiden omvang van de gemeente viel hij onder de laagste ‘salarisgroep’ voor predikanten binnen de Nederlandse Hervormde Kerk, maar er was wel sprake van een fulltimepredikantschap.

De kerkfusie in 2004 leidde ook in Herkingen tot een scheuring. Meegaan in de Protestantse Kerk in Nederland was voor ds. Van Wijk onmogelijk. Hij deelde dat standpunt met een diaken en ongeveer 135 leden, van wie pakweg de helft meelevend. Ze vonden onderdak in de Prins Johan Friso School. ”Waar groei natuurlijk is”, laat de slogan op de gevel weten. Toch ziet de hersteld hervormde gemeente het aantal kerkgangers alleen maar afnemen. Aanvankelijk kwam de gemeente samen in de gemeenschapsruimte. Na verloop van tijd werd een leegstaand lokaal omgevormd tot kerkzaal. Er staat zelfs een bescheiden kansel.

De steun aan predikanten vanuit het landelijk verband werd geleidelijk afgebouwd. Ds. Van Wijk zag zich daardoor genoodzaakt een parttimebaan buiten de gemeente te zoeken. Het werd een functie als godsdienstdocent aan de scholengemeenschap Prins Maurits in Middelharnis. „Voor vier dagdelen ben ik aan de gemeente verbonden. Die kan zelfs de kosten daarvan niet opbrengen. Het ontbrekende bedrag wordt aangevuld door de landelijke kerk.” Het aantal uren op school stelde de predikant naar beneden bij. „Het schoolwerk kostte me zo veel tijd en energie dat ik nauwelijks toekwam aan het maken van nieuwe preken.”

De leeftijdsopbouw van de gemeente is vrij natuurlijk. Alleen de middelbare leeftijd is wat ondervertegenwoordigd. „Het probleem bij zo’n kleine gemeente is dat het aantal mensen per leeftijdscategorie zeer beperkt is. Ik heb acht catechisanten. Gezien de omvang van de gemeente is dat niet verkeerd, maar het blijft een kleine groep. Temeer omdat je die ook nog eens moet splitsen, vanwege de leeftijdsverschillen.”

De kerkenraad telt naast de predikant één ouderling en één diaken. „Onze tweede ouderling is voor de zending naar Malawi gegaan. De overgebleven ouderling kreeg hartproblemen. Hij revalideert voorspoedig, maar deze situatie laat de kwetsbaarheid van zo’n kleine gemeente zien. We worden nu geholpen door een ouderling en een diaken uit Nieuwe-Tonge, die namens de classis samen een ondersteuningscommissie vormen. Ze nemen ook deel aan de kerkenraadsvergaderingen.”

De leiding van het jeugdwerk en de zondagsschool is in handen van leden van zowel de hervormde als de hersteld hervormde gemeente. „Ze werken min of meer zelfstandig, maar weten zich gesteund door beide kerkenraden. Sinds een paar jaar hebben we een gemeenschappelijke afsluiting van het catechisatieseizoen, met een externe spreker, waaraan ook de plaatselijke gereformeerde gemeente meedoet. Dat bevalt heel goed.”

Hoewel de hersteld hervormde gemeente zelf alleen nog een eigen Bijbelkring en een vrouwenkring heeft, wil ds. Van Wijk niet toegeven aan doemdenken. „Je moet in zulke omstandigheden vooral letten op wat je nog wel hebt. Het wezen van een gemeente wordt niet bepaald door de omvang. Heel veel is bij ons hetzelfde als in een grote gemeente. Wel ga je de dingen anders ervaren. Vroeger bezocht ik wekelijks gemeenteleden in het ziekenhuis. Nu zijn er veel weken waarin ik geen enkel ziekenhuisbezoek afleg.”

Een gering ledental maakt een gemeente vooral kwetsbaar bij spanningen, weet de predikant. „Je kunt elkaar niet ontlopen. Met name voor jongeren is het verleidelijk om uit te wijken naar een gemeente waar ze leeftijdsgenoten hebben. En dan is er een zekere financiële druk. Ik verwacht niet dat na mijn vertrek opnieuw iemand voor vier dagdelen kan worden benoemd. Wel hoop en bid ik dat de gemeente blijft bestaan, wellicht als onderdeel van een grotere gemeente. We moeten een preekplaats niet te snel opheffen. De Heere Jezus spreekt over twee of drie die in Zijn Naam vergaderd zijn.”

Gemeente:

hersteld hervormde gemeente

Waar:

Deltastraat 13, Herkingen (Prins Johan Friso School)

Kerkverband:

Hersteld Hervormde Kerk

Opgericht:

1694 (instituering als hervormde gemeente)

2004 (vorming hersteld hervormde gemeente)

Hoe groot geweest:

135 leden en doopleden, circa 60 kerkgangers (in 2004)

Hoe groot nu: 120 leden en doopleden, circa 40 kerkgangers

zomerserie Kleine gemeenten

Dit is het vijfde deel van een serie over de problematiek van kleine kerkelijke gemeenten. Volgende week dinsdag deel 6: de gereformeerde gemeente in Nederland van Sprang-Capelle.

Lees ook in Digibron:

Ds. A. van Wijk doet intrede in herv. Herkingen (Reformatorisch Dagblad, 13-09-1999)