CGK ontraden dans en drama in de kerk

Synode CGK 2019

Christelijke gereformeerde kerken moeten terughoudend zijn in het gebruik van dans en drama in de eredienst. Podiumkunst in de kerk wordt ontraden.

Het onderwerp dans en drama in de kerk lag woensdag opnieuw op de synodetafel van de Christelijke Gereformeerde Kerken (CGK). De landelijke vergadering van het kerkverband besloot in 2017 om het gebruik van dans en drama in de eredienst af te wijzen. De christelijke gereformeerde kerken in Kornhorn en Hoogeveen dienden een verzoek in om dit besluit te herzien.

De commissie die deze revisieverzoeken heeft bestudeerd, concludeert dat er op basis van de in opdracht van de synode uitgegeven brochure ”Stijlvol samenkomen” (2012) „onvoldoende grond” is om het gebruik van dans en drama in de eredienst volledig af te wijzen. Dat document geeft kerkenraden ruimte om zelfstandig een afweging te maken inzake het gebruik van beeldende elementen in de dienst, aldus de commissie.

De commissie vindt wel dat de kerken terughoudend moeten zijn in het gebruik van dans en drama in de eredienst. Podiumkunst in de kerk wordt ontraden, omdat „de verkondiging van het evangelie in de Bijbel bij voorkeur geschiedt in de zwakheid van het woord.” Daarnaast komen elementen van dans en drama in de Schrift hoofdzakelijk voor in een profetische context en nauwelijks of –in het Nieuwe Testament– niet als podiumkunst in een liturgische context.

Tijdens de synodebespreking zegt ds. H. J. Vazquez (Emmen) dat het woord „ontraden” misverstanden kan oproepen. „Gemeenteleden denken dan dat iets niet mag. Misschien kunnen we beter niet het woord ”ontraden” gebruiken. Kerkenraden moeten met wijsheid en terughoudendheid met dans en drama omgaan.”

Ook ouderling J. B. Groot Nibbelink uit Pijnacker vindt dat het gebruik van dans en drama in de eredienst aan de plaatselijke kerken moet worden overgelaten. Ze kunnen zelf beslissen of beeldende elementen de verkondiging van het Woord ondersteunen.

Ds. M. A. Kempeneers (Katwijk) wil –net als ds. Vazquez– het woord ”ontraden” schrappen, maar om een andere reden. „In 2007 werd het gebruik van de Nieuwe Bijbelvertaling met klem ontraden, maar die wordt nu in veel erediensten gebruikt.”

Ds. G. R. Procee (Middelharnis): „We zijn een Woord-kerk. Als dans en drama het beeld bepalen, dan gaat dat ten koste van de Woordverkondiging.” Hij wil het woord ”ontraden” vervangen door ”afwijzen.”

Namens de commissie zegt ds. N. C. Smits (Purmerend) dat kerkenraden aan de ene kant zelf een verantwoordelijkheid hebben inzake dans en drama in de kerk. Aan de andere kant bevatten dans en drama „elementen die strijdig zijn met de gereformeerde eredienst. Dat leidde tot de conclusie: ontraden. Als we kiezen voor afwijzen, dan devalueren we de betekenis van ontraden.”

Ds. Vazquez doet een voorstel om het woord ”ontraden” niet te gebruiken. Kerken moeten wel „voorzichtigheid” betrachten.

Ds. Procee sluit zich aan bij een voorstel van ouderling P. van Vugt (Barendrecht), die dans en drama in de eredienst wil afwijzen.

Adviseur prof. dr. A. Baars: „Als een kerkelijke vergadering iets ontraadt, dan is dat een serieuze zaak.” Hij zegt verder dat er een onderscheid moet worden gemaakt tussen „beeld” en dans en drama. Prof. Baars verwijst naar „brood en spelen” in het Romeinse Rijk. „Spelen is ook dans, drama en mime.” Het Nieuwe Testament biedt daar geen ruimte voor, aldus de emeritus hoogleraar. „De eerste christenen hebben zich radicaal tegen dans en drama verzet.” Voor hem is duidelijk: „Dans en drama kunnen geen plaats hebben in de reformatorische eredienst.”

Adviseur prof. dr. A. Huijgen zegt dat de discussie niet moet worden overgedaan. Hem lijkt het „ontraden” van dans en drama in de eredienst een „verstandig besluit.”

De generale synode volgde het advies van de commissie en sprak uit dat er op grond van het rapport van deputaten eredienst van 2016 voldoende grond is om de kerken op te roepen „terughoudend te zijn met het gebruik van dans en drama als podiumkunst in de eredienst en dit te ontraden.” Het is aan een plaatselijke kerkenraad om te onderscheiden wanneer andere communicatiemiddelen dan het woord dienstbaar kunnen zijn aan de verkondiging van het Woord, en dat binnen de kaders van de brochure ”Stijlvol samenkomen”.