Buitenlandse kerkleiders in Zwolle bijeen rond rol van de kerk

Prof. dr. Benno van den Toren tijdens de conferentie in Zwolle. beeld RD
3

„God houdt van harmonie, maar niet van eenvormigheid. Hij had best één insect kunnen scheppen, maar schiep liever onnoemelijk veel soorten. De mensengeschiedenis begon met één mensenpaar, maar eindigt in een grote variëteit van nationaliteiten voor Gods troon.”

Dit zei prof. dr. Benno van den Toren woensdag op een internationale conferentie in Zwolle, georganiseerd door Verre Naasten (zendingsorganisatie van de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt), de Theologische Universiteit Kampen (TUK) en Hogeschool Viaa te Zwolle. Zo’n dertig buitenlandse predikanten, evangelisten en kerkleiders nemen deel aan de twee weken durende conferentie, die duurt tot woensdag 22 mei.

Lezingen en workshops

De voorgangers uit Azië, Afrika en Zuid-Amerika volgen een intensief programma van lezingen, workshops en excursies, en dat alles rond de vraag: Wat is de rol van de kerk in de maatschappij? Op de conferentie worden de deelnemers vanuit hun eigen achtergrond uitgedaagd te focussen op onderlinge overeenkomsten en verschillen, om zodoende elkaars context en standpunten beter te leren begrijpen.

Woensdag stond het subthema ”Etnische minderheden en nationalisme” op het programma. Prof. Van den Toren, hoogleraar interculturele theologie aan de PThU in Groningen, maakte in zijn lezing onderscheid tussen een etnische, een culturele en een nationale identiteit. Dit onderscheid in drie soorten identiteit is volgens hem cruciaal in het huidige tijdsgewricht. „De westerse samenlevingen kunnen niet langer opgedeeld worden in de tegenstelling rijk en arm, maar zijn, volgens de Engelse denker David Goodhart, in te delen in de ”somewheres” tegenover de ”anywheres”. De ”somewheres” (”ergensmensen”) zijn gehecht aan eigen tradities en zien iedere immigrant als een bedreiging. De ”anywheres” (”overalmensen”) hebben geen moeite met globalisatie en voelen zich prettig in elke cultuur.”

Dr. Van den Toren vertelde dat hij, toen hij als docent theologie naar Bangui in de Centraal-Afrikaanse Republiek ging, tot de ontdekking kwam hoe belangrijk etniciteit voor mensen is. Welke rol etnische identiteit kan spelen, illustreerde de Groninger hoogleraar met Bijbelvertalingen als voorbeeld.

In sommige Afrikaanse landen bestaat er, naast veel inheemse talen, meestal ook een officiële taal. „Wordt er bij het introduceren van een nieuwe Bijbelvertaling gekozen voor de officiële taal, dan betekent dat onvermijdelijk dat een groot deel van de bevolking daarvan uitgesloten wordt. Zij worden dus een soort tweederangsburgers.”

Torenbouw van Babel

In het tweede deel van zijn lezing nam prof. Van den Toren de torenbouw van Babel als voorbeeld. „De torenbouw van Babel wordt meestal uitgelegd als een vorm van hoogmoed. God straft die hoogmoed door allerlei talen te laten ontstaan, met de wereldwijde verspreiding van volkeren als gevolg. Maar de zonde van de torenbouwers was niet zozeer hun hoogmoed, maar het niet bereid zijn om zich over de aarde te verspreiden, zoals God had bevolen. De Zuid-Afrikaanse kerken hebben altijd geprobeerd de apartheidspolitiek te verdedigen door te verwijzen naar de torenbouw van Babel.”