Betrokkenen bij ‘Nashville’ VS: Wij wilden homo’s niet uitsluiten

Nashvilleverklaring
Het Empire State Building in New York in regenboogkleuren, tijdens de Gay Pride van 2014. De scherpe toon van de Nashvilleverklaring moet gelezen worden „als een statement in de richting van de homolobby”, zegt betrokkene Albert Mohler. „Dat was in Amerika hard nodig.” beeld DPA, Alexandra Schuler
3

Dat de Nashvilleverklaring in Nederland zoveel commotie teweeg brengt, verbaast de eerste ondertekenaars van de Amerikaanse verklaring niet. Ook zij hadden te maken met forse tegenwind.

Over de bedoeling van de verklaring die in 2017 in Nashville werd opgesteld en ondertekend is dr. Albert Mohler, één van de belangrijkste opinieleiders van de evangelicals in de VS, helder. „Onze zorg was en is dat de oude Bijbelse visie op huwelijk en seksualiteit, zoals de christelijke kerken die al 2000 jaar belijden, met een forse zwaai van tafel wordt geveegd. De verklaring is een protest tegen de morele revolutie die zonder bloedvergieten de hele westerse wereld op zijn kop zet.”

Mohler maakt duidelijk dat de insteek het behoud van het huwelijk was. „Daarbinnen mag de gave van seksualiteit worden beleefd. Consequentie is dat we homoseksuele verbintenissen afwijzen. Tekenend voor de huidige cultuur is dat de kernboodschap, namelijk het behoud van het huwelijk, in de discussie nauwelijks aandacht krijgt. In de discussie gaat het nog alleen maar over homoseksualiteit.” Hij verklaart dat door „de agressiviteit van de homobeweging. Maar als die spreekt mogen christenen niet zwijgen.”

Dr. Kevin DeYoung, sinds ruim een jaar predikant van de presbyteriaanse Christ Covenant Church in Matthews (North Carolina), was een van de adviseurs bij het opstellen van de Nashvilleverklaring. Hij is toch wel enigermate verbaasd over de commotie die in Nederland is ontstaan over de verklaring. „Dat er een aanklacht tegen een christelijk politicus wordt ingediend omdat zijn naam onder de verklaring staat, is wel schokkend. Zoiets zou in Amerika niet direct gebeuren. De vrijheid van meningsuiting en van godsdienst worden hier nog steeds als bijna onaantastbaar gezien.”

Zowel Mohler als DeYoung benadrukken dat de Nashvilleverklaring niet geschreven is vanuit haat jegens homo’s. „Het is niet fair om dat erin te leggen,” zegt DeYoung. „Net als hetero’s zijn homo’s mensen, schepselen van God. Daar zetten we een dikke streep onder. Maar dat wil niet zeggen dat er voor deze twee groepen verschillende normen gelden. De Bijbel is duidelijk: seksualiteit is een gave die alleen binnen het huwelijk beleefd kan en mag worden. Het huwelijk is een verbintenis tussen een man en een vrouw die ze voor het leven aangaan.”

Niet isoleren

Dat die stellingname beperkingen oplegt aan de levensstijl van homoseksuelen, is volgens Mohler duidelijk. „Inderdaad biedt de Bijbel geen ruimte die tegemoet komt aan de seksuele verlangens van homoseksuelen. Maar vergeet niet dat de Bijbel ook geen ruimte biedt aan die verlangens van ongehuwden. Dat wordt vandaag de dag voor het gemak vergeten. Ook die mensen hebben hun strijd als ze vasthouden aan de Bijbel. Die verbiedt ook hetero’s om buiten het huwelijk seksuele omgang te hebben.”

DeYoung, auteur van het boek ”Wat de Bijbel werkelijk leert over homoseksualiteit”, waarschuwt dat christenen niet eenzijdig de verlangens van homoseksuelen moet veroordelen. „De Heidelbergse Catechismus, die ik zeer waardeer, zegt dat ieder mens, dus hetero en homo, boze lusten heeft en daartegen moet strijden. Het is dus te gemakkelijk om alleen maar afkeurend te spreken over homoseksuelen. Dan kent men zijn eigen hart en zijn eigen aard niet. Ieder mens heeft een zondige geaardheid. Dat is de harde Bijbelse realiteit.”

Het onderscheid dat door Nederlandse theologen wel wordt gemaakt tussen homofilie (de geaardheid) en homoseksualiteit (de praktische uitleving) wordt volgens de twee Amerikaanse theologen in de VS nauwelijks gebruikt. Beiden vinden het ook een theoretisch onderscheid. „Daarmee isoleer je de seksuele verlangens van de identiteit van homoseksuelen. Alsof ze die verlangens kunnen uitsluiten. Het punt is dat die verlangens volgens de Bijbel niet bevredigd kunnen worden”, zegt Mohler.

Zowel in de gemeente van DeYoung als op het seminarie van Mohler zijn er homoseksuelen. „Ze weten zich ook hartelijk welkom”, zegt DeYoung. „Dat ze die oriëntatie hebben is ook in de gemeente bekend. Daar wordt ook met hen over gesproken, zowel in de omgang tussen de leden als in het pastoraat. Het is niet waar dat homo’s hun identiteit in de kerk alleen maar stiekem kunnen beleven. Homo’s zijn ook bij ons in de kerk veilig. Er zijn er zelfs die zich daar veiliger voelen dan in hun seculiere werkomgeving.”

Dat de Nashvilleverklaring te weinig pastoraal zou zijn, begrijpen DeYoung en Mohler deels. „De toonzetting is inderdaad scherp. Dat komt omdat het stuk een statement is in de richting van de homolobby. Binnen de Amerikaanse context was dat hard nodig. Maar wie het stuk eerlijk leest, ziet dat de mens die naar Gods gebod wil leven binnen de christelijke gemeente welkom is”, zegt Mohler.

Geen genezing

Dat de verklaring suggereert dat genezing van homoseksualiteit mogelijk zou zijn, vindt Mohler te ver gaan. „Er zijn inderdaad voorbeelden van mensen die hun homoseksuele levenswijze verlaten hebben. Vaak zijn dat mensen die in hun puberteit onder invloed van vrienden of anderen kozen voor deze manier van leven. Maar er zijn ook mensen die vanaf hun prilste jeugd deze gerichtheid hebben. Het gaat me echt te ver om te stellen dat die daarvan kunnen loskomen.”

Mohler benadrukt dat kerken en christenen naast mensen met homoseksuele gevoelens moeten staan. „Het was ook niet de bedoeling van de Nashville Declaration om deze mensen uit te sluiten; wel om hen te wijzen op de enige weg, de weg van Jezus Christus. Dan kunnen ze in hun alleen-zijn toch gelukkig zijn.”

2019-01-08-KRK3-nashville-stadsbeeld-2-FC-V_webVoorloper ‘Nashville’ uit 1988 wekte minder weerstand op

Zie ook:

Waarom die tien Bijbelteksten over homoseksualiteit zo belangrijk zijn, Reformatorisch Dagblad (18-04-2016)