Generatie van Terlouw en Wiegel droeg onmisbare waarden uit
Frits Bolkestein, Frits Korthals Altes, Hans van den Broek, Jan Terlouw en Hans Wiegel. In een tijdsbestek van slechts enkele maanden is Nederland een vijftal markante oud-politici ontvallen. Stof tot nadenken in een turbulente wereld, drie weken na 4 en 5 mei.

Bolkestein, Korthals Altes, Van den Broek en Terlouw zagen het levenslicht in de jaren voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog, Wiegel werd in de oorlog geboren. Ze waren politiek actief als volksvertegenwoordiger en bestuurder in de jaren zeventig, tachtig en negentig. De volwassenwording van deze latere politici vond plaats tijdens de wederopbouw.
Zonder duidelijke morele ankers raken we als samenleving stuurloos
Het overlijden van mensen die de Tweede Wereldoorlog en de naoorlogse jaren zelf hebben meegemaakt, verandert langzaam maar zeker en ingrijpend iets in de Nederlandse samenleving. De oorlog wordt daarmee steeds meer een historische gebeurtenis uit boeken en documentaires en minder een doorleefde herinnering die door mensen zelf levend gehouden wordt vanuit hun eigen ervaring. Bij het verstrijken van de jaren dreigt oorlog in het algemeen niet alleen iets van vroeger, maar ook iets van ver weg te worden. Drie jaar Russische agressie in Oekraïne neemt dit maatschappelijke gevoel maar heel beperkt weg. Dat oorlogsdreiging nog altijd weinig serieus genomen wordt, blijkt wel uit de lacherige reacties op concrete oproepen voor meer zelfredzaamheid en weerbaarheid. Denk aan het samenstellen van een noodpakket of verplichtstelling van de Maatschappelijke Diensttijd.
De bredere vraag is wat het wegvallen van de oorlogskindgeneratie doet met Nederland als politieke gemeenschap. We hebben allereerst heel veel aan deze generatie te danken, los van uiteenlopende overtuigingen en partijvoorkeuren. De naoorlogse generatie leefde waarden voor waar we vandaag nog veel van kunnen leren: zelfbeheersing, soberheid, verantwoordelijkheidsgevoel, gemeenschapszin en arbeidsethos, in combinatie met een gezonde dosis toekomstoptimisme. Onwillekeurig denk ik dan ook aan het besef dat politiek en samenleving niet alleen om rechten draaien maar juist ook om plichten – zowel tussen mensen onderling als tussen burger en overheid. De generatie politici van Bolkestein, Korthals Altes, Van den Broek, Terlouw en Wiegel droeg deze waarden uit, ieder op zijn eigen wijze.
Het zijn juist deze waarden die onmisbaar zijn voor het aangaan van de grote uitdagingen van onze tijd. Of het nu gaat om oorlogsdreiging, klimaatverandering, woningnood, eenzaamheid of het democratisch sturen van kunstmatige intelligentie. Bureaucratie of populisme houden de samenleving niet bijeen. Zonder duidelijke morele ankers raken we als samenleving stuurloos.
Een tweede overeenkomst tussen de vijf kortgeleden overleden politici is hun overtuiging dat Europese samenwerking een noodzakelijk antwoord was op de tragedie van de Tweede Wereldoorlog. Voor Bolkestein bleef het primaat van de lidstaten leidend en Wiegel bekeek Europese samenwerking vooral pragmatisch, terwijl Korthals Altes, Van den Broek en Terlouw uitgesprokener en enthousiaster waren over verdere Europese integratie. Hoe verschillend hun benadering ook was, de historische noodzaak van het Europese project als waarborg voor stabiliteit en democratie stond voor geen van hen ter discussie. In een fragmenterende wereld wordt Europese samenwerking, ook buiten de structuren van de Europese Unie, alleen maar essentiëler om als Nederland geopolitiek relevant te blijven.
Het minste wat we kunnen doen om de oorlogsgeneratie te eren, is dicht bij de oorspronkelijke bedoeling van Dodenherdenking en Bevrijdingsdag te blijven, tachtig jaar na dato. Tegen de achtergrond van de oorlog op ons eigen continent, zei Wim van de Donk, voorzitter van het Nationaal Comité 4 en 5 mei, daarover dat herdenken steeds meer nádenken wordt: nadenken over waarom we dit eigenlijk moeten doen. Om daaraan terecht toe te voegen dat vrijheid in ieder geval meer betekent dan ”lekker jezelf kunnen zijn”. Het is natuurlijk ieders goed recht om op 4 en 5 mei stil te staan bij actuele invullingen van vrijheid of situaties van oorlog en onrecht verder weg. We spreken echter met goede reden over Nationale Dodenherdenking en Nederland viert op een andere dag Bevrijdingsdag dan elders in Europa wordt gedaan. Laat deze dagen momenten blijven van nationale eenheid en reflectie, met een focus op wat ons bindt in plaats van wat ons verdeelt.
De auteur is politicoloog.
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- Column Samenleving en Politiek








