Prutteldepruttel. Vanuit de keuken klinkt het aangename geronk van een koffiezetapparaat. Terwijl ds. Geerts een bakkie zet, neem ik plaats aan de gedekte ontbijttafel. Bij het zittengaan geven mijn benen en zitvlak wonderlijk genoeg geen krimp. Een pijntje zou niet gek zijn, na 140 kilometer tegenwindfietsen. Maar ik weet me gezegend met een gezond lichaam. En het zadel van de bakfiets is ook fijn.

Aan het aangename verblijf in de pastorie van Zalk komt een eind. Om halfnegen laad ik mijn bakfiets weer vol. En terwijl ik ds. Geerts hartelijk dank voor bewezen gunsten komt de volgende predikant aangefietst. Ds. M. van Reenen –die sinds 2013 in de Puntuitrubriek Menens al 63 vragen van jongeren beantwoordde– zal meerijden naar zijn woonplaats Oldebroek.

Tureluur

Wat doet gezelschap een mens goed. En wat is fietsen een aangename bezigheid. Je hoeft op een tweewieler –of een driewieler in mijn geval– niet zo alert te zijn als in een auto. Daardoor is er in je hoofd ruimte om bijvoorbeeld de omgeving goed in je op te nemen. Of een fijn gesprek te voeren. Sommige mensen kunnen het allebei tegelijk. Terwijl de fietsgrage predikant naast me allerlei waardevolle dingen zegt, wijst hij soms ineens naar een bezienswaardigheid. „Kijk een tureluur. En daar stijgt net een groep holenduiven op.” En even later: „Die toren daar, dat is Oosterwolde. En aan de andere kant ligt Wezep.”

De 15 kilometer naar Oldebroek is snel afgelegd. In huize Van Reenen rust ik kort even uit onder het genot van verse groene thee en een stuk huisgemaakte boterkoek. Voor de zoveelste keer deze tocht voel ik me tekortschieten in het uiten van dankbaarheid voor zo veel steun en goede zorgen. Maar ik moet door.

De volgende stop ligt een paar honderd meter verderop. Bij de familie Beijeman. Enkele maanden terug interviewde ik hier voor een serie over bijzondere muziekinstrumenten de 18-jarige Hernike. Zij speelt ocarina. Nu ik toch in de buurt ben, waai ik even aan om te kijken hoe het met haar is.

Schermafbeelding 2020-07-21 om 08.42.53.jpgBij het Oldebroekse gezin mag ik mijn waterflessen bijvullen. Na kort bijgepraat te hebben, stap ik weer op. De reis gaat verder naar Doornspijk, een dorpje net ten oosten van het Veluwemeer. Daar zal ik een bezoek brengen aan de muziekloze sportschool Re-fit.

Bert en Ria van Deelen begonnen de zaak in 2011. „Wij zijn geen reformatorische sportschool, hoor”, vertelt Ria terwijl ze me een glas sap en twee overheerlijke chocoladekoeken voorzet. „Re betekent opnieuw. Opnieuw fit betekent de naam dus eigenlijk.” De zaak loopt volgens de eigenares goed. „Mensen hebben behoefte aan stevige beweging in een rustige omgeving. In andere sportscholen klinkt altijd opzwepende muziek, maar dat is helemaal niet goed, want daardoor luister je niet naar het ritme van je eigen lichaam.”

Het ritme van mijn lichaam heeft momenteel even helemaal geen behoefte aan extra beweging. En ik heb het überhaupt niet zo op zweten binnen vier muren – geef mij maar de vrije natuur. Maar deze verstilde, haast gezellige sportschool van de familie Van Deelen is mijns inziens wel verre te verkiezen boven de Fit For Frees en Basic Fits van deze wereld.

De Pineta

Zo rond kwart voor 12 neem ik weer plaats op mijn eigen sportschool op wielen. De route is die tweede ochtend niet overdreven ingewikkeld. Dankzij mijn meerijder op het eerste stuk belandde ik vanzelf op de Zuiderzeestraatweg. En die stopt pas in Nunspeet, waar de volgende halte is.

CornellWeerheim.jpgIn zalencentrum De Pineta bereidt eigenaar Cornell Weerheim een uitgebreid middagmaal voor me. Het water loopt me in de mond als hij het eten op tafel zet. Op een enorm bord prijken een kom tomatensoep, een krentenbol, een mandarijn en drie belegde broodjes – een met kaas, een met een kroket, en een rijk belegd gezond exemplaar.

In stilte geniet ik van deze overheerlijke lunch. Wat word ik ontzettend verwend deze dagen. En wat zijn er veel aardige mensen! In mijn hoofd stijgt het vertrouwen in de mensheid een paar punten.

De broodjes die ik niet op krijg, gaan in een zak mee in de bak. Nadat ik Cornell en De Pineta heb uitgezwaaid, zet ik koers richting Putten.

Als ik Nunspeet uitfiets, merk ik dat het landschap heuvelachtiger is dan mijn spieren wenselijk vinden. En dan realiseer ik me; die tocht over de Veluwe kan weleens een benenbrekertje worden.