De aanvallen vormen een reactie op de beslissing van het Maleisische hooggerechtshof om het gebruik van het woord 'Allah' voor God ook aan niet–moslims toe te staan.

Ondanks de aanvallen gingen duizenden christelijke Maleisiërs zondag naar hun kerken om te bidden. De aanvallen hebben grote ongerustheid gewekt onder de christenen, die ongeveer negen procent uitmaken op een bevolking van 28 miljoen.

Minister van binnenlandse zaken Hisamuddin Hussein zegt dat de toestand onder controle is en dat niemand zich zorgen hoeft te maken. Premier Najib Razak bezocht zaterdag de enige door brand verwoeste kerk en bood omgerekend 103 duizend euro aan voor de herbouw op een andere plek, een belangrijke concessie in een land waar zelden toestemming voor de bouw van nieuwe kerken of tempels wordt verleend.

De Maleisische regering wil niet–moslims verbieden het woord Allah in hun gebeden en geschriften te gebruiken. Christenen wijzen er op dat het Arabische woord al voor God werd gebruikt voordat de islam ontstond. De Maleisische regering stelt dat het tot verwarring kan leiden. In andere islamitische landen als Egypte, Syrië en Indonesië duiden christenen God ook met Allah aan.

Tekst AP, foto