Jij vertelt aan anderen het evangelie. Wat doe je precies?

„Ik zit in de evangelisatiecommissie van mijn eigen gemeente, de hersteld hervormde gemeente van Giessendam Neder-Hardinxveld en Sliedrecht. We hebben een kinderbijbelclub opgezet. In coronatijd brengen we in een flat soep rond bij ouderen en geven hen een kaartje met een Bijbeltekst. Volgend jaar hopen we te beginnen met huis-aan-huisevangelisatie.

Daarnaast zit ik in de commissie muziekfeesten van stichting Evangelisatie Sjofar. We evangeliseren bijvoorbeeld bij Elsrock in Rijssen en de Zomerfeesten in Gorinchem.”

Waarom zoek je zulke gelegenheden op?

„We bezoeken plekken waar jongeren zijn. We staan op straten en markten, maar komen met onze bestickerde ambulancebus ook op parkeerplaatsen bij muziekfeesten. We volgen daarin het voorbeeld van de Heere Jezus. Hij zocht mensen op alle plekken. Hij ging alleen niet mee in de zonden. Zo willen wij ook zijn. We vertrekken als het later wordt en de jongeren beschonken raken. De praktijk leert dat we dan vooral nutteloze confrontaties hebben.”

Je evangeliseerde ook onder reformatorische jongeren. Is dat nodig?

„Dat deed ik vanuit mijn eigen gemeente. Het verlangen om dat te doen ontstond door de Bijbeltekst die Jezus zijn discipelen geeft als Hij hen opdraagt om uit te gaan „beginnende van Jeruzalem.” Dus bij het eigen volk, heel dichtbij. Het is in kerkelijke kringen zo snel gewoon om de diensten te bezoeken maar geen levende relatie met God te hebben. 

Ik ontmoette reformatorische jongeren die Hem kenden. Maar de meeste jonge mensen die ik tegenkwam, praatten het liefst over de uitverkiezing of wat wel mag en wat niet. Het lastige voor mij is dat ik in deze gesprekken niet makkelijk tot de kern kom: of ze een levende relatie met God hebben. Onder reformatorische mensen vond ik het lastiger evangeliseren dan op straat. Ik ben door refo’s wel eens uitgelachen, dat is me op straat nooit overkomen. ”

Hoe rijk ben je als christen?

„Het allerrijkst. Als je eeuwig leven krijgt, met vreugde en rijkdom, dichtbij God, dan ben je superrijk. En die rijkdom kun je in dit leven uitdelen.”

Waarom geef jij een deel van je vrije tijd op om anderen over het Evangelie te vertellen?

„De liefde van Christus dringt. Toen ik tot geloof kwam, werd ik bewogen met de mensen om me heen. Ze hebben een ziel en zijn op weg naar de eeuwigheid. Als je God leert kennen, leer je ook Zijn bewogenheid kennen. Zijn liefde voel ik niet altijd. Maar ook dan zegt de Heere: u zult Mijn getuigen zijn. Dus evangeliseer ik alsnog, uit gehoorzaamheid.”

Hoe vertel je voorbijgangers over de rijkdom van Gods genade?

„Ik vraag of ze geloven in een leven na de dood. De meeste mensen vertellen heel open over wat ze meemaken, waar ze mee zitten. Ze vragen zich dan af waarom vervelende dingen gebeuren, geliefden sterven. Daar praten we dan over. Ik probeer aan het einde van zo’n gesprek een Bijbel mee te geven. Daarin staan ook contactgegevens van ons en een plaatselijke kerk.”