Ik heb het geloof in het zorgsysteem verloren

Verstrikt raakte ik met mijn cliënten in de jungle van indicatoren die de decentralisatie heeft opgeleverd. Foto: minister De Jonge tijdens een bezoek aan de Lelie zorggroep in Rotterdam. beeld ANP, Bas Cerwinski

Medelijden heb ik met de achtduizend jonge mensen die dit jaar gestart zijn met de opleiding social work. Mensen helpen, iets bijdragen. Maar ze hebben geen idee. Kun je binnen het zorgsysteem nog wel authentiek zijn?

Zelf startte ik in 2016 met mijn opleiding social work aan de hogeschool Saxion in Enschede. Ik kreeg de kans om van mensen helpen mijn werk te maken. Ik kon mijn geluk niet op, ik wist het zeker: dit was het voor mij. Vanuit de veilige onderwijsbubbel mocht ik beginnen aan een voorzichtige kennismaking met de hulpverleningswereld. Gespreksvoering, theorie, reflectie, ik verslond het, ik geloofde het. Bij mijn eerste stages ontving ik lovende woorden van mijn stagebegeleiders en keer op keer kreeg ik de bevestiging van mijn omgeving: „Saskia, je bent goed in je werk!”

Toch knaagde er iets, een onzekerheid die ik niet kon duiden. Iets waar ik geen woorden voor had. In de loop van de tijd was ik goed geworden in het voldoen aan de verwachtingen van mijn omgeving. Ik had geleerd het hulpverleningsmasker te dragen, ik kon de ”perfecte social worker” spelen. Dat was het probleem niet. Maar wat dan wel?

Een extra stage dan maar, ik ben immers een van die gemotiveerde studenten en ik wil me oprecht ontwikkelen, niet voor de punten, maar om mijn werk later zo goed mogelijk uit te kunnen voeren. En toen… een schok, desillusie door het vinden van de juiste woorden of misschien door het stellen van de juiste vraag. Ja, ik werd geloofd in mijn rol als hulpverlener, maar geloofde ik nog wel in de hulpverlening?

Nummer in calculator

Waar draait zorg om? Tijdens de opleiding hebben we het hier veel over gehad. De mens? Welzijn? Menswaardigheid? Rechtvaardigheid? We bespraken de internationale definitie, maar in het werkveld lijken al die mooie woorden hun betekenis verloren te hebben en ingeruild te zijn voor dat ene woord: geld.

„Het voelt alsof ik een nummer ben dat door mensen wordt verwerkt in een calculator: die willen we wel, die willen we niet”, zei een van de jongeren met wie ik heb gewerkt tegen mij. Ik wou dat ik hem tegen kon spreken, maar ik stuitte tegen zorgzwaartepakketten, zorgverzekeraars met prestatiecodes, minutenregistraties, wantrouwen en geen enkele zeggenschap over mijn eigen werk. Ben ik hiervoor opgeleid? Is dit waar wij het tijdens de opleiding over gehad hebben? Helden heb ik gezien, superhulpverleners, maar eigenlijk altijd ondanks het systeem, nooit dankzij.

Menselijkheid

Natuurlijk begrijp ik dat zorg betaalbaar moet zijn. Ik begrijp dat de hulpverlening complex is, ik snap dat we als beroepsgroep altijd om zullen moeten gaan met schaarste. Maar is dit waar ik voor opgeleid ben? Wie heeft oog voor de mensen over wie het uiteindelijk gaat? Oog voor de kinderen die van het kastje naar de muur worden gestuurd en na jaren op een wachtlijst nog steeds geen passende hulp krijgen? Het lijkt wel of de bezuinigingsdruk zijn eigen verspilling veroorzaakt.

Minister Hugo de Jonge deed in maart 2019 de uitspraak dat de marktwerking in de gezondheidszorg is doorgeslagen en moet worden ingeperkt. „Minder markt, meer samenwerking.” Geweldig, maar als ik eerlijk ben, zie ik het nog niet gebeuren. Jaren van marktwerking hebben ervoor gezorgd dat we elkaar als concurrenten zijn gaan zien. We zijn gaan geloven dat we bedrijven zijn en dat we moeten denken in termen van productie in plaats van in termen van menselijkheid.

Verstrikt raakte ik, samen met mijn cliënten, in de jungle van indicatoren die de decentralisatie heeft opgeleverd. Ik zag kinderen in een hulpverleningscarrousel terechtkomen waar ik hulpverlener nummer tien was, ik zag wanhoop, ik zag verdriet, ik zag schaamte. Weer een band met iemand opbouwen, weer je verhaal vertellen aan een vreemde en weer teleurgesteld worden, soms ook door mij.

Machteloos

Vorige week ben ik afgestudeerd en ik heb het gevoel dat ik vastzit. Dezelfde idealen die ik had toen ik begon, de idealen die mij enthousiast maakten voor dit vak, diezelfde idealen doen mij nu twijfelen. Twijfelen om iets totaal anders te gaan doen. Het voelt alsof ik geen invloed heb op de invulling van het werk waar ik voor opgeleid ben. Ik voel mij bekneld, ik voel mij machteloos, ik voel mij gefrustreerd. Kan ik binnen dit systeem authentiek zijn?

Mensen helpen, iets bijdragen, iets kunnen betekenen voor een ander. Ik gun het mijzelf, ik gun het al die achtduizend eerstejaars. Ik hoop dat ik er ooit ook weer echt in ga geloven.

De auteur is afgestudeerd aan de opleiding Social Work op de hogeschool Saxion in Enschede. Daarnaast volgde zij het Honours Programma Health Care & Social Work. Bron: socialevraagstukken.nl