Column: Kerk onder coronaregiem

Zonder een ruimhartige erkenning dat de keuzes die de kerken hadden gemaakt binnen het gewenste beleid pasten, riep minister Grapperhaus op dat die moesten afschalen naar dertig aanwezigen. beeld ANP, Jeroen Jumelet

Het was weer behelpen, afgelopen zondag. Met z’n dertigen in een flink kerkgebouw de eredienst meebeleven en de rest van de gemeente thuis voor de kerktelefoon of de internetverbinding. De media controleerden of de kerken zich wel aan de nieuwe adviezen van het Interkerkelijk Contact in Overheidszaken (CIO) en van de overheid hielden. Kerkenraden hadden opnieuw een gewetensvolle afweging gemaakt, maar de media wisten te melden dat er op verschillende plekken nog steeds meer dan dertig personen bijeenkwamen.

Verontwaardiging dus. „Denk ook eens aan andere mensen!” riep de een. „Ze geloven maar lekker thuis!” vond een ander. „Deuren dicht en lockdown voor veertien dagen”, was het krachtige advies van een derde. Domme opmerkingen misschien, maar ze maken wel duidelijk dat voor seculier Nederland een kerk niet belangrijker is dan een postduivenvereniging, sportclub of concertgebouw, en zeker niet zo belangrijk als bedrijven, banen of geld verdienen.

Vanaf het begin van de coronacrisis hebben kerkenraden zorgvuldig rekening gehouden met de adviezen of richtlijnen van de overheid. Het aantal kerkgangers werd (met pijn in het hart) beperkt, hygiënemaatregelen werden strikt doorgevoerd, het zingen werd verminderd. Toen er in juli meer ruimte kwam, maakten ze opnieuw afwegingen. Nauwgezet werden de adviezen doorvertaald naar mogelijkheden die het eigen kerkgebouw bood; men hield rekening met het aantal zitplaatsen en de ventilatie. Een maximum van dertig kerkgangers was daarbij niet meer aan de orde.

Maar toen liep in september het aantal besmettingen op. En in de aanloop naar de behandeling van de coronanoodwet door de Tweede Kamer afgelopen week richtten veel media zich op de hersteld hervormde gemeente te Staphorst. Daar kwamen wel 600 mensen in de eredienst samen! En ze zongen zonder mondkapjes! En dan nog wel drie keer op een zondag! Dat gebeurde ook elders, maar ‘Staphorst’ is nou eenmaal een makkelijk doelwit voor geijkte mediatrucjes. Je benadert kerkgangers en hoopt dan dat die toch niet willen reageren, boos worden of weglopen. Dat levert geheid smeuïge beelden op. Of ze treffen iemand die openlijk zijn geloof in Gods voorzienige zorg in deze crisis belijdt – waar seculier Nederlands al helemaal niets van begrijpt. Vertrouwen op God?!? Bestaat dat nog in deze tijd?! Met ‘achtergrondverhalen’ die vooral duidelijk maken dat de seculiere pers geen idee heeft van het christelijk geloof, eredienst of kerk. Voer voor onbegrip, verontwaardiging en gif spuien. Dat de kerkenraad handelde binnen de kaders van de overheidsrichtlijnen is niet interessant. Veel verder dan ”Waarom kerken wel en cafés, stadions, theaters niet?” kwamen de meeste media niet.

Daar komt de laffe reactie van de minister nog bij. Zonder een ruimhartige erkenning dat de keuzes die de kerken hadden gemaakt binnen het gewenste beleid pasten, riep hij op dat die moesten afschalen naar dertig aanwezigen. Met steun van het CIO. Dat is geen koersvast beleid, maar bange politiek. Afgelopen vrijdag werd dat vertaald in een oproep aan de kerken om „hun verantwoordelijkheid te nemen als deel van de Nederlandse samenleving en met inachtneming van de eigen plaatselijke situatie het aantal bezoekers terug te brengen, zo mogelijk tot het maximum van dertig.”

Terecht er is reden tot grote bezorgdheid. Het aantal besmette personen stijgt nog steeds. Dat betekent méér ziekenhuisopnames en het uitstellen van zorg voor andere patiënten. Met alle gevolgen van dien.

Tegelijk heeft de kerk hierin haar eigenstandige verantwoordelijkheid. Het is heel goed om rekening te houden met de richtlijnen van de overheid. Dat kan het welzijn van de hele samenleving dienen. Maar het is even belangrijk om van de overheid geen gezag over de inrichting van de eredienst te accepteren – en al helemaal niet van de publieke opinie of media. Als we vanuit dat zelfbewustzijn positie kiezen, hoeven we ons niet te verontschuldigen voor meer dan dertig kerkgangers, of dat we ”niet weerbarstig of het stoutste jongetje van de klas” willen zijn. Dan zoeken we vooral „de vrede van de stad” (Jeremia 29).

De auteur is lid van de SGP-Tweede Kamerfractie.