China onderwerpt christenen systematisch aan verchinezing

Xu Xiaohong, het hoofd van de Drie-Zelf Kerk, stelt: „Veel gelovigen hebben geen nationaal bewustzijn, dus mensen zeggen: „Een christen erbij, is een Chinees minder.””  beeld AsiaNews

Het huidige plan van China voor de ”verchinezing” van het christendom in het land is meer dan propaganda. Het zorgvuldig gecoördineerde initiatief zet christenen onder zware druk.

Het was niet de eerste keer dat de communistische overheid verklaringen uitgaf voor de niet-geregistreerde kerk om zich aan te passen aan de officiële Drie-Zelf Kerk. Die verklaringen hadden uiteindelijk niet veel om het lijf. De handhaving was willekeurig en sterk afhankelijk van het lokale partijkader van de Communistische Partij. Wie zich rustig hield, had niet veel te vrezen van de plaatselijke overheid. De stilzwijgende overeenkomst tussen lokale autoriteiten en kerkleiders was: „Als jullie ons geen gezichtsverlies laten lijden, dan laten we jullie ook met rust.”

De huidige situatie is anders. Het is de Chinese president Xi Jinping nu ernst. Plaatselijke bestuurders voeren het beleid met veel meer inzet en agressie in. In veel ondergrondse kerken zijn camera’s geïnstalleerd. Het aantal arrestaties neemt toe. Er is een curriculum geschreven om pastors ‘om te scholen’ naar de wensen van de overheid. Zelfs de grootste kerken in het land kunnen conflicten niet vermijden. De autoriteiten hebben ook plannen om de Bijbel opnieuw te vertalen, op een manier die aansluit bij hun doelen. De regering in de zuidelijke stad Guangzhou looft zelfs beloningen uit als mensen stadsgenoten verlinken die deelnemen aan religieuze illegale activiteiten, zoals samenkomsten in huiskerken en theologische trainingen.

Ook waren in het verleden de acties tegen de kerk plaatsgebonden. De zuidelijke steden genoten bijvoorbeeld meer vrijheid dan de noordelijke. Die regionale vrijheid is nu voorbij. Of het nu in grote steden, aan de oostkust, in het zuidwesten of op het Zuid-Chinese eiland Hainan is, overal pakken de autoriteiten religieuze activiteiten hardhandig aan.

Hoewel de overheid altijd voorzichtig is geweest met buitenlanders die met minderheidsgroepen samenwerkten, krijgen ook zij met overheidsdruk te maken. In het zuidwestelijke Kunming hebben leiders bijvoorbeeld een aanzienlijk aantal (misschien wel de meeste) interculturele werkers verdreven of onder druk gezet.

Voorjaarsschoonmaak

Vervolging in voorgaande decennia was seizoensgebonden. Je kon er zeker van zijn dat de politie rond Pasen een soort van ‘voorjaarsschoonmaak’ uitvoerde. Ook bij officiële bezoeken van hoogwaardigheidsbekleders werden soms een paar kerken gesloten. Maar nu hebben vele Chinese gelovigen, evenals buitenlandse werkers, ontdekt dat ‘gewoon afwachten’ niet meer werkt. Gelovigen staan nu voor de keuze om risico’s te nemen of anders de boel te sluiten en te vertrekken.

Een ander belangrijk verschil met het verleden is dat het huidige initiatief niet specifiek gericht is op het christendom; het richt zich veeleer op alle grote religies in China. De zware onderdrukking in de Oeigoers-islamitische provincie Xinjiang en de enorme groei van heropvoedingskampen in die regio wijzen daarop.

De retoriek is ook veranderd. Officiële propaganda is veel meer antiwesters dan in eerdere campagnes. Sinificatie wordt afgeschilderd als een strijd tegen de onderdrukking en het imperialisme van westerse machten, vooral van de Verenigde Staten.

In een recente toespraak stelde Xu Xiaohong, het hoofd van de Drie-Zelf Kerk: „In de moderne tijd werd het christendom op grote schaal geïntroduceerd in China, samen met de koloniale agressie door westerse machten. De kerken in ons land zijn slechts het resultaat van westerse zending en christendom in China. Veel gelovigen hebben geen nationaal bewustzijn, dus mensen zeggen: ‘Een christen erbij, is een Chinees minder’.”

Ideologisch

Regeringsleiders in China hielden zich in het verleden vooral bezig met de bescherming van de politieke macht en het behoud van sociale harmonie. Het land was niet zo bezig met religie zelf. In het afgelopen jaar heeft officiële propaganda verchinezing veel sterker verbonden met het socialisme. Sinificatie gaat over ideologische zuiverheid. Kerkleiders die sinificatietrainingen volgden, kregen recent te horen dat westerse cross-culturele werkers proberen „ideologisch pluralisme aan te moedigen, wat zal leiden tot politiek pluralisme.”

In tegenstelling tot de vorige campagnes tegen het christendom is de huidige sinificatiedrift het geesteskind van de hoogste politieke autoriteiten van China, niet het minst van president Xi Jinping. Hij is daarbij niet meer gebonden aan ambtstermijnen, maar hij heeft levenslange macht gekregen, en kan het proces van sinificatie blijvend sturen.

Tijdpad

De regering probeert de campagne te verkopen als een strijd vóór de kerk. Vincent Zhan Silu, bisschop en vicevoorzitter van de door de overheid ingestelde Chinese Patriottische Katholieke Vereniging, zegt daarover: „Er zal geen officiële of niet-officiële kerk zijn als de kerk verenigd is.” Op de vraag of dit betekende dat de zogenaamde ondergrondse kerk gedwongen zou worden te verdwijnen, zei hij: „Wil je niet dat de kerk verenigd wordt? Een kerkschisma is niet het fundamentele doel van katholieken.” Volgens Zhan handelen de katholieken die weigeren zich bij de officiële kerk aan te sluiten in hun eigen belang, maar er was geen tijdpad voor de integratie van de ondergrondse kerk in de officiële kerk.

De huidige strategie die China toepast bij de sinificatie is grondig en zorgvuldig gecoördineerd. We kunnen alleen maar hopen dat bij de reactie van christelijke leiders eenheid en wijsheid de boventoon voeren.

De naam van de auteur is om veiligheidsredenen gefingeerd. Hij is gepromoveerd aan Southeastern Baptist Theological Seminary en doceert nu theologie en missiologie aan Chinese predikanten. Bron: chinasource.org