„Het moet te denken geven dat succesvolle kerken groeien”
Wekelijks een blik op de kerkelijke bladen, aangevuld met citaten uit de kerkelijke wereld.

„Klein maar fijn”, wordt met dat thema niet van de nood een deugd gemaakt? Want dat in Nederland de kerken kleiner worden, is toch geen goed teken? Lees het Bijbelboek Handelingen. Is daarin niet de groei van de eerste gemeente en de uitbreiding van de kerk over de hele toenmalig bekende wereld het teken van de heerschappij van Jezus Christus?
Toch is niet vol te houden dat groei en succes kenmerken van de kerk van Jezus Christus zouden zijn. Voor zover ik kan zien, spreekt de Bijbel niet in kwantitatieve termen over de kerk. Ik moest daarbij denken aan Gideon, wiens leger God juist te groot was. Maar ik wilde het vooral laten zien aan de hand van Christus’ brieven aan de zeven gemeenten in het laatste Bijbelboek. (…)
Het trof me om deze Schriftgedeelten te lezen bij het nadenken over de vraag wanneer volgens de Bijbel kerken te klein worden om nog kerk te zijn.
In kerken die daarvoor vrezen, wordt dat soms „het wegnemen van de kandelaar” genoemd, naar Openbaring 2:5. Maar alleen de bestudering van die tekst laat al zien dat de kandelaar niet uit Efeze wordt weggenomen omdat de gemeente te klein geworden is, maar omdat ze de liefde van weleer heeft opgegeven. Het is dus ook denkbaar dat Christus de kandelaar wegneemt zonder dat de gemeente opgeheven wordt. Ze bestaat nog steeds, misschien zelfs wel uit veel mensen, maar het licht van Christus schijnt er niet meer, ook al wordt elke zondag de paaskaars aangestoken. (…)

„Gij hebt kleine kracht, maar gij hebt Mijn Woord bewaard”, dat is (…) niet alleen een bemoedigend woord voor kleine kerken, maar ook een waarschuwend woord voor grote kerken die bruisen van de activiteiten, maar niet toekomen aan samen wachten op een woord van God dat je niet kende. Al die activiteiten kunnen ook verbloemen dat gewoon luisteren naar de stem van de Heer niet bijzonder genoeg meer is. En het is juist de brief die weer voorafgaat aan de brief van Filadelfia die daarvoor waarschuwt: de brief aan Sardes.
Dat is de brief met het meest vernietigende oordeel dat je over een kerk kunt vellen: „U bent dood” (Openbaring 3:1). Let op dat Christus dat zegt van een kerk die goed bekendstond. „U hebt de naam dat u leeft.” Goede mensen. Goede acties. Goede diensten. Goede sfeer. Niks mis mee. Dat zegt Christus ook in Zijn brief aan Sardes. Want die zin uit eerdere brieven ontbreekt: „Maar dit heb ik tegen u” (Openbaring 2:4, 14, 20). En toch… (…)
Ze hebben het zo goed met elkaar, dat het lijkt of ze Jezus helemaal niet missen.
Succes is dan ook geen kenmerk van de kerk. Het moet wat mij betreft te denken geven dat succesvolle kerken groeien. Misschien leert het de gemeenten die daardoor leeggetrokken worden om (…) een kerk te worden die geen stap doet zonder te bidden. Een kerk die niet meer weet hoe ze kerk moet zijn, maar hoopt dat Jezus dat wel weet. Want van ieder die naar de kerk moet komen, is Hij de eerste. Maranata!”
Ds. D. de Jong, predikant van de Ncgk De Haven in Harlingen, schetst in Kontekstueel (tijdschrift voor gereformeerd belijden nú) „wat Bijbelse lijnen” over kleine gemeenten. In het blad worden ook meerdere kleine gemeenten geportretteerd.
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- Quotes uit de kerk






