EconomieInterview

„Economen kunnen niet zonder theologie” 

Prof. Kees van der Kooi (l.) en prof. Paul van Geest (r.). beeld Van der Wal Fotografie, Rens de Groot

Economie en theologie. Op het eerste gezicht werelden die niets met elkaar te maken hebben. Op de Erasmus Universiteit in Rotterdam komen ze samen in een studievak. Waarom kiezen steeds meer studenten voor deze combinatie?

„Wij leiden economiestudenten in een schatkamer van oude teksten van theologen en filosofen over economie”, vertelt emeritus hoogleraar Kees van der Kooi. „Zo lezen we met studenten Calvijns uitleg over het achtste gebod: gij zult niet stelen.”

Van der Kooi was aan de Vrije Universiteit Amsterdam hoogleraar systematische theologie. Sinds 2019 geeft hij samen met Paul van Geest les aan studenten van de minor economie en theologie. Een minor is een bijvak dat studenten kunnen kiezen tijdens hun bacheloropleiding. Waar zich in het eerste jaar van de minor slechts tien studenten aanmeldden, zitten er nu zo’n veertig in de collegebanken.

Paul van Geest, hoogleraar theologie en economisch denken, blijkt goed thuis in de vroege kerkvaders. Zo haalt hij gedurende het interview meermaals Augustinus aan. „Economen werken in hun modellen vaak met een mens die rationeel en voorspelbaar handelt. Dat mensbeeld is te beperkt, zien economen aan de Erasmus Universiteit. Mensen zitten ingewikkelder in elkaar: ze hebben lief, gaan relaties aan en trouwen. Zulke keuzes zijn niet louter rationeel, maar hebben wel grote economische gevolgen”, aldus Van Geest. „In de minor maken studenten daarom kennis met mensbeelden uit de theologie die overeenkomen met hoe de mens in elkaar steekt.”

De belangstelling voor de minor en dus ook voor theologie groeit, ook onder niet-religieuze studenten. Hoe komt dat?

Van der Kooi: „Bij een groot aantal studenten valt mij een enorme nieuwsgierigheid op. Ze zijn op zoek naar richting in hun leven en willen hun keuzes op een vaster fundament baseren. De boodschap ”je moet succesvol worden” is eerder zandgrond dan een fundament. In de colleges zie ik veel interesse voor het christendom. De studenten zien een hoogleraar die gelooft in wat hij doceert. Dat roept vragen op.”

Van Geest: „Ik merk in de gesprekken met de studenten dat ze de keerzijde voelen van een maatschappij die veel van hen vraagt. Wie voldoende presteert, wordt beloond; wie minder presteert, verdient geen respect. De studenten voelen het tot in de haarvaten: dit klopt niet.

Gen Z (de generatie die is geboren tussen 1997 en 2012, JIJ) wil graag ergens bij horen. Daar komt de groeiende nieuwsgierigheid voor de kerk vandaan. Steeds meer jongeren vragen zich af: hoe kan het dat mensen in kerkelijke gemeenschappen al eeuwenlang hun leven vorm geven vanuit iets wat ze niet kunnen zien? Wat is dat, een kerk? Wie is Christus, Die Mens en God is?”

Wat hebben theologen te zeggen over economie? Zij houden zich toch alleen bezig met de Bijbel?

Van Geest: „Vergeet niet dat er vóór de achttiende eeuw helemaal geen economen bestonden. Zij vormden geen beroepsgroep. Economie was geen zelfstandige wetenschap. In de middeleeuwen bogen juist theologen zich over zaken als rente, handel of fraude. Zij zeiden bijvoorbeeld: je mag handeldrijven, maar geld verdienen mag nooit een doel op zich zijn.”

Van der Kooi: „Adam Smith, later beroemd als econoom, stond in zijn tijd bekend als moraalfilosoof en deelde het geloof van zijn tijd. Zijn visie op de economie, waarin hij de onzichtbare hand van de markt zag, verbond hij aan de voorzienigheid van God.”

„De zondagsrust weerspiegelt de denkwijze dat men vanuit rust en bezinning moet beginnen”

Paul van Geest, hoogleraar theologie en economisch denken

Jullie spreken beiden over een theologisch mensbeeld en Bijbelse waarden. Hoe krijgen die concreet vorm als het gaat over bijvoorbeeld de huizencrisis?

Van der Kooi: „De huizencrisis is een probleem tussen generaties. Het overheidsbeleid trekt een oudere leeftijdsgroep voor. Het eigenwoningbezit is sterk gestimuleerd. De scheve verhouding tussen oudere en jongere generaties moeten we bekijken vanuit het theologische begrip solidariteit. Dat is al verwoord in de mozaïsche wetgeving: ”Er zullen onder u geen armen zijn”. Dat vertaal ik met: ”Er zal onder u niemand zijn die onderaan de woningmarkt bungelt en feitelijk niet kan wonen”.”

Het begrip ”geschenk” staat haaks op het ideaal van een maatschappij van individuele prestaties

Kees van der Kooi, emeritus hoogleraar systematische theologie

Van Geest: „Mijn idee is: als iemand niet in staat is voor zichzelf een huis te kopen en een fatsoenlijke boterham te verdienen, moet de staat bijspringen. Met dat uitgangspunt op zak kun je beleid maken, bijvoorbeeld door grootschalige verhuurders zwaarder te belasten, waardoor zij van hun huizen af willen. Vervolgens dalen de prijzen en wordt de markt toegankelijker voor starters. Deze wetmatigheden leiden tot een meer rechtvaardige huizenmarkt.”

Hoe bekijken jullie de zondagsrust vanuit de combinatie economie en theologie?

Van der Kooi: „Zondagsrust gaat over hoe je je tijd besteedt. Wij leven in een economie die nooit stilstaat. Voortdurend zijn we bezig met consumeren en scrollen we op onze smartphone, bang om iets te missen. Er is veel onrust. De zondagsrust doorbreekt dit dwingende schema.”

Bespreken jullie de zondagsrust ook in de colleges?

Van Geest: „Zondagsrust staat niet letterlijk in mijn collegeagenda. Wel spreek ik met de studenten over de spanning tussen rust en activiteit. Daarvoor gaan we terug naar de oude Grieken en naar Augustinus. Zij gebruikten hiervoor de Latijnse termen ”otium”, wat rust betekent, en ”negotium”, wat activiteit betekent.

Otium is voor christelijke denkers als Augustinus de startpositie. Hij formuleert activiteit daarom als een ontkenning van rust. Dan kom je uit op het woordje negotium. Hieruit blijkt een heel andere levenshouding. Bij ons werkt het vaak andersom. Onze startpositie is activiteit, bezig zijn, om vervolgens uit te rusten.

Zondagsrust op de eerste dag van de week weerspiegelt de denkwijze dat men vanuit rust en bezinning moet beginnen. Op die dag bezin je je op je drijfveren, pas daarna ga je aan het werk. Ora et labora, bid en werk; en niet andersom.”

U noemde Augustinus. Deze kerkvader staat bekend als de leermeester van de genade. Waarom behandelt u hem in de colleges?

Van Geest: „Omdat moderne economische denkers zich expliciet op Augustinus beroepen. Neem de denker John Rawls. Hij was hoogleraar aan Harvard University en stelde de prestatiemaatschappij ter discussie. Wie als ondernemer miljoenen verdient, heeft dat niet uitsluitend aan zichzelf te danken. Succes is altijd te danken aan naaste familie, vrienden, opleidingskansen en andere factoren. Rawls zegt: Augustinus maakt ons hiervan bewust. Ons leven bestaat grotendeels uit ontvangen gaven. Dat zijn genadegaven.

Wie deze gedachte serieus neemt, kan nooit denken: „Wat ben ik toch een fantastische hoogleraar.” Paulus zegt het al: „Wat hebt gij, dat gij niet hebt ontvangen?” Deze genadeleer behandel ik graag met de studenten.”

Van der Kooi: „Wat Paul hier zegt, raakt aan iets fundamenteels: het leven begint met een geschenk. Niet met wat je verdient, maar met wat je ontvangt.

Het begrip ”geschenk” staat haaks op het ideaal van een maatschappij van individuele prestaties. En juist het inzicht dat individuele welvaart een geschenk is, is theologisch en maatschappelijk uiterst vruchtbaar.”

Hoe reageren economen op de Erasmus Universiteit op de combi van economie en theologie?

Van Geest: „Economen leren van ons dat de mens niet alleen rationeel economische beslissingen neemt. Mensen leven in relaties. Zij houden van elkaar, bouwen vriendschappen op en blijven elkaar trouw, ook als dat geld kost of niet efficiënt is. Zulke keuzes zijn niet volledig te verklaren met cijfers en modellen. Daarom beseffen de economen met wie ik spreek dat hun mensbeeld te smal is en verbreding nodig heeft.

Maar omgekeerd leren wij ook van economen. Zie het als kruisbestuiving. Als wij God louter economisch gaan voorstellen, doen we God tekort in Zijn liefde en barmhartigheid.”

Van der Kooi: „Inderdaad: God is geen kruidenier.”

Populaire artikelen