Meditatie: Dringende oproep
„Ik heb Mijn handen uitgebreid, den gansen dag, tot een wederstrevig volk, die wandelen op een weg die niet goed is, naar hun eigen gedachten.”
Jesaja 65:2

Zijn er hier niet, die genoemd mogen worden onder het gewillige volk? En indien dit uw naam niet is, dan weet ik niet wat het dan wel is. Wie wil, die kome en drinke het water des levens om niet. Is het niet uw wil om te komen? Nu, is niet uw naam onder al de genoemden? Is hier iemand die vreemdeling is van God? Nu, indien dit uw naam is, dan wordt u bevolen op de Zoon van God te zien en behouden te worden (Jesaja 65:1).
Nu, hebt u uw naam gemist onder allen die genoemd zijn? Vervloekt is de mens wiens naam niet is onder een van dezen; of die zijn naam heeft horen noemen, maar er niet op wil antwoorden.
Dit is de grote afkondiging van vrede, die wij bekendmaken op de eerste dag van het feest, dat zij die staan op de rol die wij hebben afgelezen, zouden zien op Christus. Oude godloochenaar, antwoord op uw naam. Dit is de lijst met namen die onze Meester ons gegeven heeft, opdat wij ze zouden afroepen. En wie weet of u ze ooit weer zult horen! Nu, er is niemand hier of hij heeft zijn naam horen aflezen. Wilt u mij antwoorden? Of bent u doof? Het zal de mens die niet wil antwoorden, duur komen te staan.
Andrew Gray,
predikant te Glasgow
(”Christus boven alles dierbaar”, 2000)
Vond u dit artikel nuttig?
- Meer over
- Meditatie




