Kerk & religieInterview

Anton de Wit: Chestertons humor leidt tot kinderlijke verwondering

Hoe verdedig je het christelijk geloof op zo’n manier dat je argumentatie een eeuw later nog hout snijdt? G.K. Chesterton zet er humor voor in. Volgens Anton de Wit maakt dat zijn apologetiek briljant.

Zwart-witfoto van man die in pak met stropdas en bril schrijvend achter bureau zit.
G.K. Chesterton. beeld Wikimedia

De Wit maakte rond zijn 22e kennis met het werk van de rooms-katholieke Engelse filosoof en journalist Chesterton (1874-1936). Het zorgde ervoor dat hij het christelijk geloof herontdekte en zich weer aansloot bij de Rooms-Katholieke Kerk, waarin hij ook opgegroeid was.

Als hoofdredacteur van het Katholiek Nieuwsblad (KN) voelt hij zich nu „op de schouders” van de filosoof staan. Tijdens een gesprek op het kantoor van het KN in ’s-Hertogenbosch roemt hij de apologeet in uiteenlopende bewoordingen. Van „een grappige en hartelijke man, een dwarsligger en een veelschrijver” tot „een columnist avant la lettre”. En, bovenal, een man die het vermogen had om zich „kinderlijk te verwonderen”.

Daarmee onderscheidt Chesterton zich volgens De Wit van hedendaagse theologen. „Het is dor, saai en tenenkrommend ernstig hoe theologen vandaag de dag schrijven. Als ik Chesterton lees, is dat onvergelijkbaar met bijna alle christelijke werken die in zijn tijd en daarna verschenen zijn. Hij laat me regelmatig zo hard lachen dat het zelfs fysiek pijn doet.”

Dat Chesterton humor inzet, is volgens De Wit ook de reden dat ”De eeuwige mens”, een apologetisch werk dat Chesterton in 1925 schreef, nu nog zo relevant is dat het recent opnieuw in een Nederlandse vertaling (uitg. KokBoekencentrum) verscheen. De Wit beschouwt het als Chestertons meest monumentale werk. „Het boek is vandaag nog even oneigentijds én tijdloos als het een eeuw geleden was”, schrijft hij in zijn inleiding op de vertaling.

„Chesterton zag eruit als een figuur die uit een misdaadroman was weggelopen”

Anton de Wit, hoofdredacteur Katholiek Nieuwsblad

Hoe zou u Chesterton omschrijven?

„Als een indrukwekkende verschijning. Mensen in het Londen van zijn tijd, de eerste decennia van de 20e eeuw, konden niet om hem heen. Niet alleen vanwege zijn postuur –hij was bijna twee meter lang, van brede omvang en liep altijd rond met een cape, hoed en wandelstok–, maar ook vanwege zijn persoonlijkheid. Hij zag eruit als een figuur die uit een misdaadroman was weggelopen, maar was tegelijk een hartelijke man met wie je goed kon discussiëren. Als hij vandaag Twitter gehad zou hebben, zou je hem hebben moeten tegenhouden.

In het intellectuele klimaat waarin Chesterton zich bewoog, was de kerk ver weg. Het christendom deed niet meer mee en was iets voor de minderontwikkelden. Chesterton was een dwarsligger die graag het andere standpunt innam. Toen hij zijn vrouw leerde kennen, raakte hij opnieuw geïnteresseerd in het christendom. Zo kwam hij erachter dat het christendom dat als ouderwets werd afgeschreven, zo gek nog niet was. Uiteindelijk voegde hij zich bij de katholieke traditie, de meest verachte christelijke stroming van Engeland in die tijd.”

Waarom schreef hij ”De eeuwige mens”?

„Een van zijn intellectuele tegenstrevers, H.G. Wells, publiceerde het boek ”The outline of history”, de contouren van de geschiedenis. Daarin beschrijft Wells de geschiedenis van de oermens tot de Eerste Wereldoorlog. Zijn belangrijkste stelling is dat de mens niet meer is dan een diersoort en dat het christendom voor de verlichte mens achterhaald is. Argumenten die ook vandaag nog volop leven dus.

Tegen die stellingen verzet Chesterton zich in ”De eeuwige mens”. In dat werk toont hij eerst aan dat de mens wel degelijk verschilt van een dier en vervolgens dat Jezus niet zomaar een mens was.”

C.S. Lewis noemt dit boek het beste apologetische werk dat hij ooit gelezen heeft. Deelt u die mening?

„Het ligt aan hoe je apologetiek definieert. Chesterton beantwoordt bijvoorbeeld niet de apologetische vragen rond het lijden of het bestaan van God. Hij stipt die onderwerpen wel aan, maar voorziet ze niet van een definitief antwoord. Chesterton is geen systematische schrijver, maar een essayist.

Maar ik denk dat ook bijna niemand tot geloof komt door rationele argumenten. Die kunnen behulpzaam zijn in je geloofsweg, maar geven nooit de doorslag. Daarvoor heb je mensen nodig die je inspireren en je inwijden in een andere manier van kijken. Zo’n mens is Chesterton. Hij grijpt zijn lezer bij de kladden en laat hem niet meer los. Af en toe dwaalt hij hopeloos af en is zijn taal wollig en poëtisch, maar als je je mee laat voeren is het een briljante verdediging van de christelijke geloofsbelijdenis.

„Chesterton gedraagt zich als een influencer”

Anton de Wit, hoofdredacteur Katholiek Nieuwsblad

Zeker in deze tijd, waarin er een hernieuwde belangstelling voor het christendom onder jongeren zichtbaar wordt, is deze benadering nodig. We moeten begrijpen dat het geloof meer is dan een set van dogma’s. Als jongeren vragen hebben over het christendom kun je ze naar een website sturen en zeggen: Daar is alles te lezen, succes. Maar dat werkt niet. Jongeren hebben begeleiding en interactie nodig.

De kracht van ”De eeuwige mens” is dat Chesterton dat doet. In feite gedraagt hij zich als een influencer; hij brengt mensen tot het geloof door ze enthousiast te maken. Dat doet hij op literaire wijze, en met humor.”

Man met bruin haar en snor in pak met stropdas met zijn armen over elkaar.
Anton de Wit. beeld RD, Anton Dommerholt

Humor is een vergeten apologetische kwaliteit, stelt u.

„Ja. We definiëren apologetiek als het verantwoorden van de hoop die in ons is. Van die hoop kun je volgens mij niet getuigen zonder humor.

Vaak wordt humor als bijproduct gezien, als een goed getimed grapje dat een overtuigende spreker zo nu en dan moet maken om de luisteraar erbij te houden. Dat is mij te zuinig. Humor is niet de suiker om de pil, maar de inhoud van de pil.”

Hoe ziet die humor eruit?

„Met het bespreken van humor kom je niet bij de essentie ervan. Het is vaak een vorm van omkering, spelen met de verwachting van mensen en daar dan op het laatste moment een twist aan geven.

Voor Chesterton is humor een kinderlijke manier van kijken, een vreugdevolle blik op de wereld. Een blik zoals die van een kind dat voor het eerst een giraf ziet en lacht om zijn lange nek. Chesterton neemt de oproep van Jezus om te worden als een kind, serieus. In ”De eeuwige mens” kijkt hij met verwondering naar de wereld.

Het menselijke vermogen om om zichzelf en de dingen om hem heen te lachen, is voor Chesterton heel belangrijk. Ik denk dat het argument van atheïsten dat het geloof iets zuurs is, tegenwoordig nog het meeste hout snijdt. Onder zowel katholieken als protestanten zijn er veel te veel mensen met uitgestreken gezichten. We hebben behoefte aan genade om de dingen te kunnen zien zoals ze zijn, zodat we erom kunnen lachen. Ook om onze zonden.”

Als we zonden zien zoals ze zijn valt er toch juist niet veel meer te lachen?

„We kunnen de zonden met ijzeren ernst bekijken en onszelf beschouwen als zondaren die tot het kwade geneigd zijn. Het is menselijk om daarin te vervallen, maar als iemand zich met veel zelfbeklag en zonder enige milde zelfspot bekeert, twijfel ik aan de oprechtheid ervan. Volgens mij is de toetssteen van ware bekering in hoeverre ik met een zekere humor kan spreken over de mens die ik gisteren was. De kern van mijn christelijke geloof is je zonden in de ogen durven kijken, maar daar ook om kunnen lachen.”

„Niet in God geloven is volgens Chesterton volstrekt irrationeel”

Anton de Wit, hoofdredacteur Katholiek Nieuwsblad

Was Chesterton een rationalist?

„In zijn eigen optiek wel. Niet geloven in God beschouwt hij als iets volstrekt irrationeels. Zelf zegt hij ook dat hij christen is geworden, domweg omdat het christendom waar is. Hij volgt in zijn apologetiek rationele methodes die gebaseerd zijn op de methode van Thomas van Aquino en noemt zichzelf daarom een onderdeel van het neothomisme, een filosofische stroming die in de negentiende eeuw opkwam.

Maar als je hem strikt met Thomas van Aquino vergelijkt, is Chesterton volkomen buitenissig en irrationeel. Hij is niet systematisch, maar eerder iemand die voor de vuist weg prachtige bespiegelingen kan neerzetten. Hij was ook niet schools in zijn benaderingen. Hij heeft geen droge, opsommende manier van argumenteren.

Chesterton zag zichzelf dus wel als rationalist, maar liet tegelijk zien dat het geloof meer is dan een rationeel betoog. Schrijver Willem Jan Otten stelde ooit dat Chesterton niet serieus genomen wordt door de huidige academische theologen, omdat die alleen maar druk zijn met uitleggen dat het geloof geen sprookje is, terwijl Chesterton zou verdedigen dat de Bijbel júíst sprookjesachtig is.”

De Bijbel als sprookjesboek klinkt niet bepaald eerbiedig.

„Dat komt doordat over sprookjes neerbuigend gedaan wordt. Maar Chesterton zou zeggen dat de Bijbel het ultieme sprookje is en vandaaruit verder redeneren. Dat idee heeft Lewis uitgewerkt in zijn Narniaboeken, die in feite ook sprookjesvertellingen zijn.

Daarvoor moet je echter wel goed begrijpen wat een sprookje is. Onze sprookjes, zoals Hans en Grietje en Roodkapje, zijn slechts afgeleiden van het ‘oersprookje’ – het Evangelie, het grote verhaal van de mensheid. Het echte begrijpen van zo’n sprookje leidt tot die kinderlijke verwondering, waar ik het al over had.”

U voelt zich een geestverwant van Chesterton. Vergelijkt u zichzelf met hem?

„Chesterton is de reden dat ik volmondig weer voor het katholicisme kon kiezen en dat ik dat altijd zal blijven doen, ondanks dat ik de tekorten van mijn eigen kerk zie. Ik voel me een geestverwant van Chesterton, in mijn denken, schrijven en manier van in het leven staan. Met Chesterton probeer ik de wereld goedmoedig tegemoet te treden en erom te blijven lachen. Maar ik ben geen kopie van hem.”

„”De eeuwige mens” is zeker niet Chestertons makkelijkste werk, maar volgens mij wel het belangrijkste”

Anton de Wit, hoofdredacteur Katholiek Nieuwsblad

Met welk boek kunnen mensen het beste beginnen als ze zich in Chesterton willen verdiepen?

„Dan kies ik toch voor ”Orthodoxie”, Chestertons bekendste boek waarmee hij in 1908 voor het eerst publiek uitkwam voor zijn christen-zijn. Dat is zijn meest toegankelijke werk – en niet zo dik als ”De eeuwige mens”. Beginnen met ”De eeuwige mens” is als het binnenlopen van een kathedraal, ”Orthodoxie” is meer een wegkapelletje. Wat je daarbinnen aantreft, is overzichtelijker.

Maar in ”De eeuwige mens” is Chesterton zelf meer gerijpt, is hij verder in zijn geloof en intellectuele ontwikkeling. Dat maakt het completer. Het is zeker niet zijn makkelijkste werk, maar volgens mij wel het belangrijkste.”

Boekomslag met man met doornenkroon en titel ”De eeuwige mens” in oranje letters.

De eeuwige mens

G.K. Chesterton

uitg. KokBoekencentrum

320 blz.

€ 32,99