OpinieWelbeschouwd

We konden opnieuw mensen met een belijnd christelijke overtuiging kiezen

Vorige week schreef Gijsbert Bouw voor deze rubriek een bezinnende bijdrage met het oog op de toen nog aanstaande verkiezingen voor de Tweede Kamer. Nu een terugblik nadat ze hebben plaatsgevonden.

Logo rubriek Welbeschouwd met foto dr. J. Hoek
beeld RD

De uitslagen zijn bekend en de media zijn meteen volop bezig met nabeschouwingen en met speculaties over de vorming van een nieuw kabinet. Hoe kijken we persoonlijk terug? Allicht met gemengde gevoelens. Er is vooral alle reden tot diep verdriet omdat er ook dit keer geen boegwending van het Nederlandse volk is te bespeuren, geen terugkeer naar de levende God en Zijn Woord. Toch zijn er ook redenen tot dankbaarheid. Ik wil mij daarop concentreren en noem een zevental aspecten.

Niemand hoefde zich in het stemlokaal bedreigd te voelen

  1. We konden in vrijheid onze stem uitbrengen. Zeker, het is erg dat het alweer moest. Omdat opnieuw een kabinet vroegtijdig ten val is gekomen, ten koste van stabiliteit in het beleid en betrouwbaarheid in de politiek. Maar ons past dankbaarheid dat we niet onder een dictatuur leven en ook dat onze keus niet, zoals in de Verenigde Staten, beperkt is tot twee grotendeels geseculariseerde partijen.

  2. Er was opnieuw de mogelijkheid om mensen met een belijnd christelijke overtuiging te kiezen en een aantal van hen is metterdaad verkozen. Zij dragen de zware verantwoordelijkheid om aan de parlementaire beraadslagingen en besluitvorming constructief bij te dragen in het licht van Gods rijke Evangelie en Zijn heilzame geboden. En om daarbij een appel te doen op de gewetens van alle volksvertegenwoordigers. Veel van onze medechristenen in tal van landen kijken met jaloersheid naar ons vanwege deze ruimte die er in Nederland nog altijd is.

  3. Voor zover we weten, zijn de verkiezingen eerlijk verlopen. Er is niet gesjoemeld met de uitgebrachte stemmen en er trad geen manipulatie op vanuit het buitenland. Het democratische proces heeft ongehinderd kunnen functioneren.

  4. Niemand hoefde zich in het stemlokaal bedreigd en geïntimideerd te voelen. Dat is bepaald niet vanzelfsprekend in een land waarin het klimaat verziekt wordt door het fanatisme en de intolerantie van extreemrechtse en extreemlinkse bewegingen.

  5. Nederland is (nog) niet opgeslokt in een Europese superstaat. Verkiezingen voor een nationaal parlement hebben alleen zin zolang er, ondanks de begrenzingen die vanuit ‘Brussel’ en ‘Straatsburg’ worden aangebracht, de mogelijkheid bestaat om een eigen beleid te bepalen. Die ruimte verdient waakzame bescherming en invulling. Overigens moeten we niet miskennen dat op bepaalde terreinen samenwerking in Europees verband wenselijk en zelfs noodzakelijk is.

  6. Het is kostbaar dat in veel gezinnen en families goede gesprekken zijn gevoerd met het oog op de uit te brengen stemmen. Jongeren en ouderen hebben naar elkaar geluisterd en zonder hete hoofden argumenten uitgewisseld en afwegingen gemaakt. Een groot aantal jonge mensen dat voor het eerst naar de stembus ging, heeft met overtuiging gekozen voor christelijke politiek.

  7. Dankbaarheid is op zijn plaats wanneer de verkiezingen voor ons de aanleiding zijn geweest om de nood van Nederland in onze gebeden voor Gods aangezicht te brengen, zowel gezamenlijk in de erediensten als persoonlijk in de binnenkamer. Laten deze gebeden onverminderd doorgaan nu de datum van 29 oktober gepasseerd is en laten we daarbij de verkozen en herkozen christelijke parlementariërs in het bijzonder gedenken.

De auteur is emeritus hoogleraar gereformeerde spiritualiteit.