
Zwerfafval is een aanklacht tegen de consument
Zwerfafval is een hardnekkig probleem: dramatisch voor de natuur en schijnbaar onoplosbaar. Het is in elk geval een aanklacht tegen de consument.
Het meest gevonden zwerfafval van McDonald’s was het afgelopen jaar het sauszakje, concludeerde Dirk Groot, alias de Zwerfinator. De fastfoodketen is met afstand de hofleverancier van afval op straat en in de natuur. Zelfs in plaatsen zonder McDonald’s-restaurant is zwerfafval van de keten te vinden. Het wrange is dat McDonald’s de sauszakjes in 2024 introduceerde omdat de sausbakjes – die de fastfoodketen eerder gebruikte – moesten worden belast met 15 cent toeslag. Die overheidsmaatregel moest het gebruik van wegwerpplastic ontmoedigen.
Al jaren houdt Groot bij hoeveel afval hij in de natuur en op straat vindt, en welke ontwikkelingen hij daarin ziet. Zijn bevindingen stemmen soms hoopvol, maar meestal verdrietig. En dat is de ervaring van iedereen die zijn ogen de kost geeft: vuurwerkafval is maanden na oud en nieuw nog steeds in de natuur te vinden. Bermen van op- en afritten van snelwegen zijn vaak bezaaid met rommel. En straten in de binnenstad zijn na stapavonden, markten en braderieën bedolven onder de troep.
Zwerfafval is een aanklacht tegen de gemiddelde consument, die kennelijk zijn consumptiegedrag en gemak belangrijker vindt dan de netheid van de publieke ruimte en de waarde van de kwetsbare natuur. Hoe komt het toch dat iemand zijn afval zomaar van zich afgooit zonder na te denken over de gevolgen daarvan? En wat zegt de overvloed aan zwerfafval over de kwaliteit van de samenleving? Is gemakzucht dan echt de enige drijfveer?
De jaarlijkse cijfers van de Zwerfinator zijn dan ook steeds een appel op elke consument: wees wijs, denk na, doe verstandig. Een prullenbak is nooit ver weg. Draag zorg voor de natuur en daarmee voor de volgende generaties.
Dat het gedrag van consumenten wel degelijk te sturen is, bewijst de introductie van statiegeld op blikjes op 1 april 2023 en op kleine plastic flesjes op 1 juli 2021. Die maatregel verminderde het aantal blikjes en flesjes in de natuur drastisch.
Hoe jonger iemand een ”supporter van schoon” is, hoe beter
Helaas is niet elke consument met statiegeldmaatregelen of bewustwordingscampagnes op te voeden. Een uitspraak van Groot is: „Als we niet kunnen veranderen dát mensen afval weggooien, moeten we veranderen wát mensen weggooien.” En daarom moet de blik niet alleen op consumenten zijn gericht, maar ook op de afvalproducenten. De overheid heeft daarvoor verschillende middelen voorhanden: het stimuleren van recyclebaarheid van producten, het invoeren van strengere heffingen op wegwerpplastics, en het afsluiten van convenanten met afvalrijke branches.
Maar vooral in de opvoeding – of dat nu thuis is of op school – ligt een belangrijke taak. Kinderen zouden al van jongs af aan verantwoord moeten leren omgaan met hun leefomgeving en met afval. Want hoe jonger iemand een ”supporter van schoon” is, hoe beter.





