
Kopen als een miljardair heeft zijn prijs
Stel, je koopt een T-shirt voor 5 euro. Lekker goedkoop toch? Maar waarom is het zo goedkoop? Het prijskaartje vermeldt die milieuschadekosten niet. Dat noemen economen verborgen kosten.
Het T-shirt is misschien gemaakt in een fabriek ver weg, door mensen die weinig verdienen. Misschien is er veel kostbaar drinkwater gebruikt in Bangladesh, waar veel van zulke kleding wordt gemaakt. Of er zijn schadelijke verfstoffen in de natuur terechtgekomen. Het prijskaartje vermeldt die milieuschadekosten niet. Dat noemen economen verborgen kosten.
Of je koopt in de supermarkt een kilo bananen voor anderhalve euro. Maar wat zou de kiloprijs zijn als álle kosten –ook vervuiling, ontbossing en onderbetaling van boeren– meegerekend werden?
Kortom, verborgen kosten voor het milieu, de gezondheid van mensen of eerlijke lonen worden vaak niet betaald door winkels of fabrikanten, maar indirect door ons allemaal. Het Planbureau voor de Leefomgeving rekende in juni uit dat de verborgen productiekosten alleen al qua milieuschade oplopen tot 37 miljard per jaar.
Zijn we wel bereid om producten te kopen voor een rechtvaardige eerlijke prijs?
Het Centraal Planbureau heeft de verkiezingsprogramma’s doorgerekend. Hoeveel gaat een huishoudportemonnee erop vooruit? Of moeten we juist meer belastingen en toeslagen gaan betalen? In onze tijd moet alles snel. Goedkoop mag, en overvloed lijkt vanzelfsprekend. Daar zijn we de laatste twintig jaar helemaal op afgestemd, met enorme en efficiënte wereldwijde ketens van producten, veelal uit het Verre Oosten. Een klik op een webshop en binnen twintig minuten wordt er een maaltijd bezorgd. Of er komt een shirt voor een paar euro.
Een persoonlijk dieptepunt hierin vind ik onlinewinkelplatform Temu, met zijn slogan ”Koop als een miljardair”. Daarmee suggereert Temu dat je veel luxe kunt kopen voor een fractie van de prijs. Het resultaat is: veel te goedkoop geproduceerde rommel uit China die in Nederland zeer snel op de vuilnishoop belandt.
Achter deze gemakzuchtige consumptie schuilt een prijs die we zelden zien en nog minder vaak persoonlijk betalen. Denk aan verborgen kosten als de extra CO2-uitstoot bij een retourzending, de uitputting van grondstoffen voor onze smartphones of de onderbetaalde arbeid in kledingfabrieken. Deze kosten worden niet verrekend in de prijzen op het winkelschap. Ze maken wel deel uit van de economische kosten in de toekomst om vervuiling van bodem, water en lucht tegen te gaan. Om die verborgen kosten inzichtelijk te maken is true pricing, de eerlijkeprijsmethode, bedacht. Met deze methode worden producten geprijsd op basis van hun werkelijke impact (inclusief milieuvervuiling, sociale uitbuiting en gezondheidskosten).
Het gaat er uiteindelijk om dat we ons koopgedrag bewust veranderen. Door het besef dat te lage prijzen elders wellicht schade veroorzaken of door inzicht in eerlijke vergoedingen voor de producenten. Denk aan een initiatief van Albert Heijn, die experimenteerde met true pricing voor koffie. Daarbij konden de klanten ervoor kiezen de echte prijs te betalen. True pricing geeft een nieuwe richting aan: niet alleen de echte kosten van producten zichtbaar maken, maar ook bedrijven aanmoedigen om hun productieketens te verduurzamen. Ook kunnen overheden gerichter belastingen heffen en eerlijker prijsgedrag subsidiëren en stimuleren. Ten slotte krijgen consumenten betere en gerichtere informatie voor hun koopkeuzes. Zodat die passen bij een systeemverandering die leidt tot een eerlijke, transparante en toekomstbestendige economie.
True pricing biedt de bewuste consument een ethisch kompas dat helpt om de waarde van producten opnieuw te definiëren. Een nobel streven, maar het roept ook vragen op. Zijn we als consumenten wel bereid om producten te kopen voor een rechtvaardige, eerlijke prijs? En wie draagt de verantwoordelijkheid: de consument, de producent of de overheid? Als samenleving staan we voor een morele keuze. Willen we blijven leven in een wereld van verspilling en overvloed? Of durven we te kijken naar de werkelijke kosten van ons gemak?
De verborgen kosten inzichtelijk maken is een eerste stap. Bedrijven moeten eerlijk zijn over hun ketens. Consumenten moeten leren vragen te stellen die verdergaan dan de laagste prijs. Misschien is het tijd voor een nieuwe vorm van rijkdom. Niet gebaseerd op bezit maar op bewustzijn. Niet op korting maar op kwaliteit. Want uiteindelijk betalen we allemaal. Is het niet aan de kassa, dan wel via de gevolgen voor mens en milieu. Wie betaalt de uiteindelijke prijs in de toekomst?
De auteur werkt bij Christelijke Hogeschool Ede en Nyenrode.
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- Column Milieu en Technologie
- Columns







