Schuld en veiligheid centraal in debuutroman Ria Borkent

Het fonkelnieuwe, prestigieuze appartementencomplex Casa Regina blijkt mankementen te vertonen. De eigenaren voelen zich onveilig als een gevelplaat loslaat. beeld iStock
2

Wanneer een marmeren gevelplaat loskomt van het fonkelnieuwe, prestigieuze appartementencomplex Casa Regina breekt er voor de bewoners een onrustige tijd aan. De kettingreactie aan gebeurtenissen die op de val volgt, heeft een groot effect op hun gevoel van veiligheid en beïnvloedt hun persoonlijke levenssfeer, met name die van de voorzitter van de vereniging van eigenaren (vve), Sophie Roest. Ria Borkent, bekend als dichter en auteur van verhalen, geeft hier een levendige beschrijving van in haar debuutroman ”Huis aan de Handelskade”.

Juriste Sophie, een kordate zestigplusser, is na de dood van haar man, enkele jaren geleden, verhuisd naar het pas opgeleverde Casa Regina. Samen woonden ze jaren in Brazilië, waar haar echtgenoot als huisarts werkte. Als weduwe na een huwelijk van meer dan dertig jaar redt ze zich prima, hoewel ze haar overleden man mist en nog veel aan hem denkt. Verder is onlangs haar Friese stabij aan ouderdom bezweken en een dodelijk drama uit haar jeugd dringt zich sinds het neerstorten van de marmerplaat ook weer meer aan haar op. Naast haar voorzitterschap van de vve houdt ze zich bezig met vertaalwerk uit het Portugees, want die taal kent ze goed vanwege haar verblijf in Brazilië.

Rechterlijke uitspraak

Na het vallen van de plaat wil de vve de verantwoordelijke voor deze constructiefout aansprakelijk stellen en uiteraard ligt deze taak op het bordje van Sophie. Tot haar grote frustratie schuiven alle betrokkenen, van gemeente tot aannemer, de schuld van zich af. Pas in het vijfde jaar na de gevelramp wordt na een rechterlijke uitspraak duidelijk wie hiervoor moet opdraaien.

In de tussenliggende jaren ontwikkelt Sophie vriendschappen in het appartementencomplex en daarbuiten. Ze is weliswaar goed in staat op eigen benen te staan, maar ze gaat soepel met mensen om en houdt de relatie met hen graag prettig. Wanneer ze echter persoonlijk voordeel lijkt te gaan halen uit haar contacten met de hoofdaannemer van Casa Regina –misschien wel de hoofdschuldige van de bouwfout– keren de appartementsbewoners zich en masse tegen haar op een soms intens lage manier. Daar wordt het ”samen wonen” een stuk minder prettig van. Uiteindelijk wordt de goede verhouding wel weer hersteld, mede dankzij Sophies zelfcorrigerend vermogen en haar vergevingsgezindheid, maar daar is heel wat narigheid aan voorafgegaan.

Wel en wee

”Huis aan de Handelskade” geeft zo een aardig inkijkje in het alledaagse wel en wee van appartementsbewoners, die net als gezinsleden niet voor elkaar hebben gekozen, maar wel in elkaars omgeving moeten samenleven. De gang van zaken rond Casa Regina is ook uit het leven gegrepen: alle betrokken partijen –van gemeente tot aannemer– komen woorden tekort om in de verkoopfase het fantastische project te bewieroken, maar bij bouwfouten die later aan het licht komen, geven ze allemaal niet thuis en laten ze de eigenaren van de appartementen aan hun lot over.

Het is wel wat ironisch dat het boek zelf, net als Casa Regina, ook wat mankementjes vertoont. Na eerste lezing begon de rug al los te laten en in redactioneel opzicht had er wel meer aandacht besteed mogen worden aan stijl en spelling. Al op de eerste pagina van hoofdstuk 1 is er twee keer sprake van „een laagje ijs” en een bladzijde verder van „krantartikelen.” Iets verderop in een citaat van Hiëronymus van Alphen staat „wie zich met schoonheid vlijt [sic!]” en een zin als „In de vooravond werd door een ransuil heen en weer gevlogen naar de andere kant van het water, wat niet ongezien bleef voor wandelaars langs de kade” had niet in dit boek terecht mogen komen. Jammer, want deze slordigheden doen afbreuk aan dit verder aardige verhaal.

Huis aan de Handelskade, Ria Borkent; uitg. Mozaïek; 304 blz.; € 20,99