
Saucijzenbroodjes maken loslaten makkelijker
„Ik ruik saucijzenbroodjes.” Een mollige kleuter, met rode wangen van het buitenspelen, snuift waarderend. Zijn ogen glimmen ondeugend. Zijn klasgenoten dartelen als geitjes om hem heen. Het buitenspelen zit erop.
Al aan het eind van vorig jaar werden we voor een kennismaking op de toekomstige basisschool van ons oudste meisje uitgenodigd. Zulke afspraken drukken je met de neus op de feiten: je bent ouders van een bijna-kleuter. Voorafgaand aan het bezoek hield ik de gedachte aan de nieuwe fase nog een beetje op afstand. Een spelende peuter op de achtergrond, trage ochtenden en het enthousiasme over een mini-uitje naar het winkelcentrum in de buurt: van die momenten wil ik eigenlijk geen afscheid nemen.
Nog een paar weken en dan staat de eerste schooldag toch echt op de agenda. Zelf heeft het hoofdpersonage geen last van heimwee bij voorbaat. Bijna dagelijks is haar toekomstige schoolcarrière het onderwerp van gesprek. Over haar nieuwe rugtas: „Mag ik die aan de juf laten zien?” Na het krabbelen van onleesbare tekens: „Zou ik die ook op school leren?” Of zomaar, vanachter haar boterham met kaas en komkommer: „Zijn er op school fietsen?”
Op een driewieler zoeft hij langs
Als mijn eega en ik voor het kennismakingsgesprek het schoolplein op stappen, kijkt een tiental paar nieuwsgierige ogen ons aan. De jongste leerlingen zijn aan het buitenspelen. „Hallo!” roept een olijke jongen. Op een driewieler zoeft hij langs. Ik knipoog naar hem en steek mijn hand op. In het midden van het plein ontdek ik een zandbak. Mijn wederhelft, die mijn blik gevolgd heeft, grinnikt geamuseerd. Hij kent mijn antipathie tegen zandkorrels op de caravanvloer.
Na een kop koffie met de directeur krijgen we een rondleiding door de school. Ik hoor het gezellige geroezemoes van kinderstemmen uit de klaslokalen komen, ik zie de jassen en de tassen aan de vele kapstokken en ik ruik – óók – saucijzenbroodjes. Al die indrukken geven me een gevoel van saamhorigheid. Een gevoel dat het loslaten van ons eerste kind iets vergemakkelijkt.
Wat ik niet verwachtte, gebeurde. Ik kijk ernaar uit om de moeder te zijn van een kind dat naar de basisschool gaat. Ik verheug me op verhalen over de Bijbelvertelling en over het spelen in de zandbak. ”Alles heeft een bestemde tijd” – ook een eerste schooldag.
Vond u dit artikel nuttig?
Gerelateerd nieuws
- Meer over
- RDMagazine
- Columns
- Column Marjolein Snoeij







