EconomieNieuws

Staakt-het-vuren drukt olie- en gasprijs, maar meeste consumenten merken daling niet direct 

Olie- en gasprijzen kelderen door het staakt-het-vuren in de Iranoorlog. Maar juich niet te vroeg, niet alle prijzen zullen snel omlaag gaan.

Prijsbord bij benzinestation van Shell met een dieselprijs van 2,487 euro.
Een prijsbord bij een benzinestation in Saint-Denis-Bovesse, België, toonde woensdagochtend nog een dieselprijs van 2,487 euro. beeld EPA, Olivier Hoslet 

Nederlanders met een dynamisch energiecontract merken het staakt-het-vuren vrijwel direct in hun portemonnee. De tarieven van energie bewegen bij zo’n contract een-op-een mee met de groothandelsmarkt. Als gas- en stroomprijzen op de beurs dalen, gaan de dag- en uurprijzen dus meteen omlaag. De meeste Nederlanders hebben echter een vast of variabel energiecontract. Dan merk je hogere prijzen pas bij respectievelijk het aflopen van het contract of het moment dat een energiebedrijf zijn tarieven opschroeft.

Op de toonaangevende gasbeurs in Amsterdam werd aardgas kort na marktopening verhandeld voor 43,70 euro per megawattuur. Dat komt neer op een daling van 18 procent. Daarmee zijn de prijzen gedaald naar het laagste niveau sinds het begin van de Iranoorlog. Handelaren lijken opgelucht te reageren op het staakt-het-vuren tussen Iran en de Verenigde Staten in het Midden-Oosten. Zij hopen dat de Straat van Hormuz snel weer wordt opengesteld, waardoor gasleveringen uit de Golfstaten kunnen worden hervat.

De gasprijs is nu nog wel beduidend hoger dan voor de uitbraak van de oorlog. Toen schommelde de prijs nog rond de 32 euro per megawattuur. Rond de jaarwisseling ging het nog om ongeveer 28 euro per megawattuur.

De bijna volledige afsluiting van de waterweg, waardoor normaal gesproken een vijfde van ’s werelds olie en vloeibaar gemaakt aardgas (lng) doorheen stroomt, heeft afgelopen weken een mondiale energiecrisis veroorzaakt. De energie- en brandstofprijzen zijn daardoor de hoogte ingejaagd.

Aan de pomp was dat de laatste weken goed te merken. Door het staakt-het-vuren is de olieprijs stevig aan het dalen, omdat beleggers rekenen op heropening van de Straat van Hormuz en hervatting van olie-export uit de Golfregio. De prijs van een vat Amerikaanse olie was woensdagochtend met ongeveer 17 procent gedaald. Een vat West Texas Intermediate (WTI), de Amerikaanse benchmark, kostte woensdagochtend minder dan 95 dollar. Dinsdag was de prijs nog ruim 117 dollar. Net als bij gas geldt ook hier dat de olieprijs nog wel duidelijk boven het niveau van vóór de Iranoorlog ligt.

Wie denkt dat de prijs van benzine en diesel nu weer snel op het oude niveau is, komt bedrogen uit. Aan de pomp gaat een prijsdaling altijd trager dan op de oliemarkt. In het gunstigste geval duurt het een paar dagen, in het ongunstigste geval enkele weken voordat de brandstofprijzen weer een beetje op het oude niveau zijn.

Boodschappen

De prijs van boodschappen kan zelfs nog gaan stijgen in plaats van dalen. Economen van Rabobank waarschuwden daar eerder deze week voor. Ook de prijzen in restaurants zouden later dit jaar nog omhoog kunnen gaan. Volgens de kenners van de bank duurt het doorgaans even voordat hogere energieprijzen zich door de keten heen werken.

De prijzen van olie en gas zijn vooral gedaald als reactie op het positieve nieuws van het staakt-het-vuren. Maar het is niet zo dat er woensdag massaal olie- en gastankers door de Straat van Hormuz varen. Op de website MarineTraffic, waar de locatie van schepen wordt gemonitord, is de vaarroute woensdagochtend nog leeg. Meer dan achthonderd schepen zitten nu vast in de Perzische Golf.

Rederijen proberen zo snel mogelijk de details te begrijpen van het staakt-het-vuren. Volgens persbureau Bloomberg bestudeert onder meer de Japanse rederijvereniging, een belangrijke brancheorganisatie, het akkoord om leden te kunnen adviseren. „Je zet de wereldwijde scheepvaartstromen niet zomaar in 24 uur weer aan”, verklaarde Jennifer Parker, onderzoeker aan de Universiteit van West-Australië, tegen Bloomberg. „Tankereigenaren, verzekeraars en bemanningen moeten geloven dat het risico daadwerkelijk is verminderd, niet alleen gepauzeerd.”

Luchtvaart

Ook als Iran de Straat van Hormuz daadwerkelijk heropent, kampt de luchtvaart waarschijnlijk nog maanden met verstoringen van de brandstofvoorziening voor vliegtuigen. Dat zei topman Willie Walsh van de internationale luchtvaartbrancheorganisatie IATA dinsdag op een bijeenkomst in Singapore. Hij houdt er rekening mee dat kerosine voorlopig duurder blijft dan voor de uitbraak van de Iranoorlog, „wat hogere ticketprijzen betekent. Het is onvermijdelijk”.

Walsh noemde de wapenstilstand in gesprek met journalisten „positief”. Maar hij wees ook op de door de oorlog verstoorde raffinagecapaciteit in het Midden-Oosten. Ook als olietankers weer door de zeestraat kunnen varen, zijn alle problemen volgens hem dus nog niet meteen verholpen.

Dat betekent volgens Walsh dat de prijzen van vliegtuigbrandstof waarschijnlijk „nog geruime tijd hoog blijven”. Luchtvaartmaatschappijen wereldwijd worstelen met een ruimschootse verdubbeling van hun brandstofkosten. Ook zijn er maatschappijen die vluchten hebben geschrapt om dreigende kerosinetekorten in sommige regio's.

„Ik denk dat de Golfhubs zullen herstellen en wel heel snel”

Willie Walsh, topman internationale luchtvaartbrancheorganisatie IATA

Ook het vliegverkeer in het Midden-Oosten zelf is door de oorlog drastisch afgenomen. Veel maatschappijen vliegen bijvoorbeeld niet meer op de stad Dubai, die normaal een grote luchtvaarthub is. Als de situatie weer veilig is, kan dat volgens Walsh wel snel veranderen. „Ik denk dat de Golfhubs zullen herstellen en wel heel snel.”