PolitiekAchtergrond

Zetelrovers vinden Grondwet aan hun zijde

Zetelrovers rukken op in Den Haag. Steeds vaker maken Kamerleden zich los van hun fractie en beginnen ze voor zichzelf. Zijn ze werkelijk zetelrovers, of staat het hun vrij de zetel mee te nemen?

Illustratie van een man die met een blauwe stoel met persoonlijke spullen erop door een gang loopt.
beeld Daan van Oostenbrugge

De formatie nadert eind januari zijn voltooiing. Maar de PVV blijft nog hangen bij de verkiezingsuitslag van vorig jaar. Zeven fractieleden eisen een evaluatie van het verlies bij de stembus. Partijleider Geert Wilders blokkeert dit echter. Waarop Gidi Markuszower met zes anderen zich van de partij afsplitst en als Groep Markuszower verdergaat.

Een paar weken later: Caroline van der Plas beseft dat ze geen leider van de BBB kan blijven en schuift de onbekende Henk Vermeer naar voren om die rol op zich te nemen. Dit is tegen het zere been van vicepremier Mona Keijzer, die zegt dat zij de beoogde opvolger was. Gevolg: de BBB verliest een zetel en de Kamer krijgt met Lid Keijzer een zeventiende fractie. Vorige week heeft Keijzer ook haar lidmaatschap van de BBB opgezegd.

Afsplitsingen zijn zelden een echte verrassing, ook al is het moment soms verrassend. De nieuwe groepen hebben de Grondwet aan hun zijde. Maar bij de ”moederpartij” overheerst de kater. Zo vindt 80 procent van de PVV-kiezers dat de zetels die de Groep Markuszower meeneemt, aan de PVV toebehoren. Maar van wie zijn die zetels eigenlijk?

„De partij moet niet als slachtoffer worden beschouwd, maar als dader”

Geerten Waling, historicus en schrijver van het boek ”Zetelroof”

Onafhankelijk

Man in pak met een bril. 
Emeritus hoogleraar staatsrecht Paul Bovend’Eert. beeld ANP Lex van Lieshout

Elk Kamerlid kan stemmen zoals het hem of haar goeddunkt, zegt emeritus hoogleraar staatsrecht Paul Bovend’Eert. Volgens de theorie wordt een volksvertegenwoordiger niet aangestuurd door een partij. „Hij kan altijd afwijken van wat de partij vindt dat hij behoort te stemmen. De Grondwet waarborgt het vrije mandaat van de parlementariër.” Bovend’Eert doelt hier op artikel 67 van de Grondwet, waarin staat dat een Kamerlid stemt „zonder last”.

Dit vrije mandaat is belangrijk, zegt Bovend’Eert. Anders zouden politieke partijen kunnen bepalen hoe gekozen Kamerleden stemmen. „Machtige figuren binnen een politieke partij zijn immers niet democratisch gekozen.”

Licht werk

Man met een donkerblauw pak en een lichtblauw overhemd. 
Politicoloog Tom van der Meer. beeld Universiteit van Amsterdam

Tijdens de Republiek bestonden er nog geen partijen. Die kwamen pas in de negentiende eeuw. Politicoloog Tom van der Meer legt uit dat een Kamerlid niet in staat is om elk debat bij te wonen. „Logischerwijs groeperen Kamerleden zich daarom in een partij. Vele handen maken licht werk; dat geldt ook in de politiek. Een andere reden is dat parlementariërs meer macht hebben als ze gezamenlijk optrekken.”

Uit onderzoek blijkt dat het in democratische landen onvermijdelijk is dat er partijen worden gevormd, ook in landen waar voor partijen eigenlijk geen rol was voorzien, aldus Van der Meer.

Makke schapen

De conclusie is juridisch gezien eenvoudig: een Kamerzetel is niet van een partij, maar van het Kamerlid zelf. ”Zetelroof” bestaat daarmee niet.

Tot zover de juridische werkelijkheid. In de publieke opinie ligt dit anders.

„Een Eerste Kamer met negentien fracties en een Tweede Kamer met zeventien fracties, dat is onwerkbaar”

Paul Bovend’Eert, emeritus hoogleraar staatsrecht

Uit het Nationaal Kiezers Onderzoek blijkt dat een grote meerderheid van de Nederlandse kiezers wil dat een Kamerlid zijn zetel opgeeft zodra het de fractie verlaat, weet Van der Meer. „Tegelijkertijd vinden mensen ook dat politici zonder last moeten kunnen stemmen, en dus niet als makke schapen achter de partijlijn aanlopen.” Volgens Van der Meer schuren deze opvattingen met elkaar.

Noodventiel

Het woord zetelroof klinkt als een grove misdaad in de Kamer. In de praktijk is het echter een geuzennaam; juridisch gezien kan hij niet als beschuldiging worden gebruikt. „Hoe kun je iets roven wat van jezelf is?” vroeg Tunahan Kuzu toen hij zich in 2014 afsplitste van de PvdA.

Zie losmaking van een partij eerder als noodventiel, schrijft historicus Geert Waling in zijn boek ”Zetelroof”. „Zij is niet de ”bug” in ons democratisch systeem, waarvan we ons zouden moeten bevrijden, maar juist een ”fix”: een veiligheidsklep tegen schadelijke kanten van fractiediscipline, partijmacht en andere vormen van ”last”.”

Als er al iemand aan roof doet, is het de partij, stelt Waling. „De partij moet niet als slachtoffer worden beschouwd, maar als dader.” Volgens Waling hebben partijbesturen, partijcongressen en fractieleiders de neiging zich de zetels van hun Kamerleden toe te eigenen. Zij beschouwen het „individuele mandaat als partijmandaat”.

Eenpitter

Zetelrovers of niet, na 2000 zijn er steeds vaker Kamerleden geweest die zich van hun fractie afsplitsten en als eenpitter verdergingen. In de afgelopen 25 jaar waren dat er 39. Dat is meer dan een verdubbeling vergeleken met de kwarteeuw daarvoor.

Van der Meer verklaart de toename deels uit de nieuwe partijen in de Kamer. „Vaak is de partijorganisatie van deze nieuwkomers niet op orde. Oprichters kunnen slecht beoordelen welke kandidaten geschikt zijn. Mensen doorlopen niet jarenlang verschillende geledingen van een partij. Dat is een probleem.”

Een ander probleem waarop Van der Meer wijst, is dat jonge partijen op veel punten niet goed weten waar ze voor staan. „Veel nieuwe partijen worden gevormd rond één thema, bijvoorbeeld het standpunt over migratie, of dierenrechten, of ouderenbelangen. Maar veel andere standpunten zijn nog lang niet uitgekristalliseerd. Dat leidt sneller tot onenigheid en mogelijk tot afsplitsing.”

Fortuyn

Het waren vooral enkele partijen waarbij scheuringen zich voordeden, blijkt uit het overzicht van de afgelopen 25 jaar. De PVV verloor in maar liefst negen afsplitsmomenten veertien zetels. De daaropvolgende partij is de LPF (Lijst Pim Fortuyn). In twee korte Kamerperiodes vertrokken daar zeven Kamerleden. Samen zijn deze partijen verantwoordelijk voor de helft van alle afsplitsingen.

LPF en PVV zijn zogeheten personalistische partijen met een dominante leider en een zwakke organisatie. De PVV draait bijvoorbeeld om één persoon. De partij kent slechts één lid, namelijk Wilders zelf; er is geen ledenstructuur, geen partijcongres en geen interne democratie.

Ook bij de LPF draaide alles om één persoon: wijlen Pim Fortuyn. Toen hij in 2002 werd vermoord, ontstond een machtsvacuüm. Conflicten staken nadien de kop op. Er was geen organisatiestructuur meer om interne partijtwisten op te vangen. Het gevolg was dat Kamerleden zich afsplitsten.

beeld RD

Minder geld

De Kamerperiode 2012-2017 kende een ware hausse aan afsplitsers. Er vertrokken toen zeven Kamerleden uit hun fractie. De twee Kamerperiodes ervoor, 2006-2010 en 2010-2012, kenden slechts vier afsplitsers. Afsplitsing moest worden ontmoedigd, vond men. VVD en CDA pleitten zelfs voor ontneming van de zetel bij afsplitsing.

Een commissie onder leiding van SGP-Kamerlid Roelof Bisschop adviseerde in 2016 succesvol tot wijziging van de regels. Afgesplitste leden krijgen minder geld voor personeel, kortere spreektijden en worden aangeduid als groep of lid, niet meer als fractie. Het doel was afsplitsing minder aantrekkelijk te maken.

Bovend’Eert is kritisch op deze ingreep. „Deze veranderingen staan op gespannen voet met het vrije mandaat. Je bent tenslotte gekozen als Kamerlid met een mandaat voor vier jaar. Die zetel behoort allereerst aan jou. Het is daarom discutabel om iemand die op zijn eigen zetel blijft zitten, minder geld en minder spreektijd te geven.”

Versplintering

Bovend’Eert heeft bedenkingen bij de huidige afsplitspraktijk. Volgens hem is de Kamer hierdoor te veel versplinterd geraakt. „Dat is echt een probleem. Een Eerste Kamer met negentien fracties en een Tweede Kamer met zeventien fracties. Dat is onwerkbaar. Je kunt niet goed debatteren met zo veel woordvoerders. Er moet hier wel een oplossing voor gezocht worden.”

Een oplossing voor de toename aan afsplitsingen is volgens Bovend’Eert een kiesdrempel. „Parlementariërs zijn dan minder geneigd zich af te splitsen en een eigen partij op te richten.”

Toch ziet Bovend’Eert wel het nut in van de mogelijkheid tot afsplitsing. „Het zou partijen moeten stimuleren om Kamerleden echt een stem te geven binnen de fractie. Ze moeten er niet voor spek en bonen bij zitten, maar laat ze verantwoordelijkheid dragen. Dat ontbrak bijvoorbeeld bij de PVV.” Het verwondert hem dat het zo lang goed is gegaan bij de PVV, en dat er niet vaker mensen zijn afgesplitst.

Ruzie in de raad

Geruzie in de fractiekamers: het gebeurt echt niet alleen in Den Haag. Ook in gemeenteraden splitsen raadsleden zich geregeld af. Tussen de gemeenteraadsverkiezingen van 2022 en die van 2026 zijn ruim 600 raadsleden uit hun partij gestapt en als eenpitter verdergegaan. Dat is 7 procent van het totaal aantal raadsleden in Nederland.

Splitsingen komen het meest voor bij lokale partijen. Dat percentage lag op 12 procent. Lokale partijen zijn niet landelijk georganiseerd en kunnen niet terugvallen op een bredere organisatie bij eventuele conflicten. Een lokale fractie die wordt opgericht door enkele enthousiaste dorpelingen kan door conflict snel uiteenvallen.

Almelo is een voorbeeld van een versplinterde raad. In april 2024 meldde burgemeester Mirjam van 't Veld dat haar stad een „twijfelachtige eer” in handen had: er waren 18 fracties op 35 raadsleden. Bijna één op de twee raadsleden zat in zijn eentje in de raad.

Vergeleken met de landelijke politiek is een afsplitsing in een gemeenteraad een grotere steen in de vijver. Een gemeenteraad is namelijk kleiner in aantal leden. Fracties sluiten vaak een wankele coalitie. Een afsplitsing kan dan al snel tot een bestuurscrisis leiden. Een voorbeeld hiervan speelde zich een paar maanden geleden af in Gooise Meren. De lokale partij Wij Gooise Meren, onderdeel van de coalitie, viel uiteen door een hoogopgelopen ruzie. De breuk zorgde ervoor dat de coalitie haar meerderheid in de raad verloor.

Meer Politiek

Populaire artikelen